Naar de inhoud

Volendams Museum in teken van vishandel

Bron: Volendams Museum

Museumjaarboek 2014 met Premiefoto is uit en wordt rondgebracht. De jaarlijkse wisseltentoonstelling van het museum is voor het jaar 2014 gewijd aan de visserij en de vishandel, eeuwenlang de hoofdbron van Volendams bestaan. Door vele vrijwilligers is er in de wintermaanden keihard gewerkt aan deze expositie en het is een prachtig geheel geworden, een bezoek meer dan waard. Ook in het museumjaarboek wordt aandacht besteed aan het onderwerp van deze tentoonstelling.

voorblad-Museumjaarboek-2014

De jaarlijkse wisseltentoonstelling van het museum is voor het jaar 2014 gewijd aan de visserij en de vishandel, eeuwenlang de hoofdbron van Volendams bestaan. Door vele vrijwilligers is er in de wintermaanden keihard gewerkt aan deze expositie en het is een prachtig geheel geworden, een bezoek meer dan waard. Ook in het museumjaarboek wordt aandacht besteed aan het onderwerp van deze tentoonstelling. Zo prijkt op de voorkant van de omslag een foto van fotograaf Jan Tuijp met onze laatste vier kwakken en Tom Jonk schreef over zijn bap ‘Bruin van Kèèsie Bruin was in de twintiger en dertiger jaren een belangrijk leider onder de Volendammer vissers en venters.

Beschreven Volendammer historie na Tweede Wereldoorlog Daarna waaieren de schrijvers met hun historische verhalen uit naar de onvoltooid en voltooid verleden tijd van ons dorp en vertellen hoe onze ootjes, bessies en bap- pen toen waren en wat ze deden. Hoewel de schrijvers daarbij vrij waren in de keuze van het onderwerp, valt er achteraf toch wel een tendens te bespeuren. Qua tijd zoeken allen het deze keer dichtbij: de periode vanaf de Tweede Wereldoorlog tot aan de eeuwwisseling (1945 - 2000). Dat is een goede ontwikkeling, enerzijds omdat deze tijd historisch gezien nog voor een groot deel onontgonnen is, anderzijds omdat de meeste lezers die tijd voor een deel zelf hebben meegemaakt en zo eigen ervaringen kunnen inbrengen.

De drie J’s, Jaap de Witte, Jan Dulles en Jaap Kwakman, spraken, zongen en schreven de sterren van de hemel met ‘de muziek van vroeger naar nu’. Piet Jongert uit Monnickendam schreef over het busvervoer in de periode 1956-2005. Kees de Boer (Pet) schreef een nostalgisch en toch gedegen artikel over ‘zijn’ Spoor- plein, vroeger en misschien straks opnieuw Volendams dorpshart. Kees Bond verzamelde naar aanleiding van het vijftigjarig bestaan van de ijsclub feiten en anecdotes over het ijsvermaak in de vorige eeuw.

Thoom Bond vertelde ‘in de pulenhokken van mijn vader’ een warm verhaal van een Volendammer pulen- en kippenboer in de jaren 1945 - 1970; Evert en Piet Koning maakten met ‘de stamboom van het gezin Jan van Koppie’ een verhaal over de Koppen en Bienen. Wim Keizer tenslotte verzorgde in zijn functie als voorzitter het jaaroverzicht 2013 van het museum Oud Volendam. Special over ijsvermaak in Volendam door de eeuwen heen en 50 jaar ijsclub Volendam in museumjaarboek 2014.

In het nieuwe museumjaarboek 2014 dat deze week is gereed gekomen en met een verrassend aantal historische onderwerpen uit Volendam’s verleden tevoorschijn is gekomen, is een uitgebreid hoofdstuk gewijd aan het ijsvermaak door de eeuwen heen in Volendam en het 50-jarig jubileum van de IJsclub Volendam.

Het 50-jarig jubileum van IJsclub Volendam op 8 oktober 2013 was de aanleiding voor dit artikel dat is samengesteld door Kees Bond,bestuurslid van de ‘Vrienden van het Volendams Museum. Het is een lees- en kijkverhaal geworden vol ijsfeiten en ijsanekdotes, die zo voor het nageslacht bewaard blijven. Voor de duidelijkheid zij vermeld dat Volendam als dorp rond 1900 nog geen eigen rol speelde bij het ijsgebeuren. De eigen schaatsclub werd pas in 1940 opgericht en ingeschreven bij de ijsbond onder de naam ‘De IJsvogels’.

In 1963 opnieuw een ijsclub in Volendam opgericht

ijsbaan volendam 2 - foto wim keizer

De strenge winter van 1963 gaf in Volendam aanleiding om activiteiten op de Gouwzee te organiseren met de ijsclubs uit Marken en Monnickendam. Aangezien in Volendam geen officiële ijsclub aanwezig was nam de pas opgerichte jongerenvereniging V.J.B. (Volendammer Jongeren Vereniging) de taak van een ijsclub over. Na de sneeuwstorm rond de jaarwisseling 1962-1963 was Volendam dagenlang geheel geïsoleerd. Er werden auto- en schaatstochten over de Gouwzee georganiseerd met als hoogtepunt de fakkeloptocht op 23 februari 1963.

Toen trokken duizenden schaatsers in de donkere maar windvrije nacht met een fakkel in de hand de tocht op het ijs van Volendam, Marken en Monnickendam. Twee jonge, bekwame Volendammer ijsfanaten, de sportminnende onderwijzer Wim Keizer en de sportleraar Dick Maurer (beide bestuursleden van de V.J.B.) kregen zitting in de organisatie van de Gouwzeetoertochten. Wim en Dick mobiliseerden uit hun groep vrienden en kennissen een groot aantal vrijwilligers. Met hen werkten zij dagen, avonden en soms ook grote delen van de nacht aan de ijstaken die met de partners van Monnickendam en Marken waren afgesproken: het sneeuwvrij maken van een deel van de baan, het realiseren van een auto-oprit bij de helling, het aanleggen en onderhouden van een ijsbaan in de haven, het innen van geld, het handhaven en controleren in verband met de veiligheid op de baan en de gang van zaken.

Iedereen die gebruik maakte van de baan moest betalen. De opbrengst die ten goede kwam voor Volendam werd besteed aan een nieuw instructiebad op het
Slobbeland waarvan Wim Keizer bestuurslid was en de speeltuin en kleedgelegenheid dringend opgeknapt moest worden. Dat heeft dan ook plaatsgevonden in de daar opvolgende jaren mede met het verdiende geld van de ijsactiviteiten.

Leden van het eerste ijsclubbestuur waren geen eendagsvliegen

ijsbaan volendam 3 - foto wim keizer

Daarna, nog in het najaar op 8 oktober van 1963, richtte de V.J.B. de nieuwe zelfstandige ijsclub Volendam op. In het eerste bestuur was Klaas Molendaar (Karremelk, docent Don Bosco College) voorzitter, Wim Keizer secretaris en Piet van den Hogen penningmeester. Jaap van Vlaanderen, Arie van den Hogen, Jan Kemper en Thoom Veerman (van Kleine Hein) waren bestuursleden.

De meeste hadden elkaar al in januari en februari 1963 leren kennen en waarderen tijdens het ijskoude, zware werk in sneeuw en ijs. Het waren dan ook geen eendagsvliegen. Arie en Piet van den Hogen, de twee oudsten, namen na zeven jaar afscheid en werden benoemd tot ereleden, Jan Kemper maakte de 25 jaar vol en werd door burgemeester Westendorp benoemd tot ere-burger van de gemeente Edam-Volendam en Wim Keizer bleef zelfs 50 jaar in actieve vrijwilligersdienst. Het is een clubtrouw die je ook weer bij de latere bestuursleden terug zag: zo vervult bijvoorbeeld Johan Koning zijn functie als bestuurslid nu al weer 25 jaar.

In het ijsclubartikel wordt uitgebreid aandacht besteed aan het ontstaan van de landijsbaan in het Boelenspark, de schaatswedstrijden, de Gouwzeetochten, de deelnemers aan de Elfstedentochten en de huldiging daarna en nog veel meer op het gebied van het ijsvermaak in Volendam door de eeuwen heen.

Kostprijs

ijsbaan volendam 1 - foto wim keizer

De kosten van het Museumjaarboek met premiefoto (82 pagina’s en tientallen unieke foto’s) zijn nog steeds voor de gewone afnemers €5,- en voor museumbegunstigers € 12,- of meer. Begunstigers steunen de museumactiviteiten extra en kunnen onbeperkt gebruik maken van een gratis entreebewijs voor alle exposities en het Sigarenbandjes Huisje in het Volendams Museum.

Nieuwe afnemers kunnen Museumjaarboek met Premiefoto afhalen bij Volendams Museum of telefonisch bestellen via 0299 369258. Nieuwe afnemers kunnen zich laten inschrijven aan de museumbalie of bij de rondbrenger in de buurt van verspreiding. U ontvangt het boek en foto volgend jaar automatisch. Het museumbestuur doet een dringend beroep op museumvrijwilligers die in een buurt de museumboeken willen rondbrengen, vooral in de nieuwe straten van de Broeckgouw. Vele handen maken dat niet enkele handen te veel moeten doen.

Het Volendams Museum en het Sigarenbandjes Huisje is iedere dag open van 10.00 – 17.00 uur.

Het bestuur Volendams Museum en Vrienden van het Volendams Museum.

1 reactie

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.

  • Oke, dus je doet toch niet alles zelf. Ik denk dat waar het Munnikenveld last van heeft ook een iets groter probleem is dan een verstopte put, dus zullen we er dan maar aannemen dat zij gerust de gemeente mogen bellen om dit probleem te verhelpen? In plaats van te roepen dat dat ook onder de noemer "niks doen" valt?

    Overigens, ik werk niet bij de gemeente. Ook ben ik niet blind&doof voor hun dramatische service. Wel vind ik het iets te gemakkelijk om de bewoners van het Munnikenveld te bestempelen als klagers die zelf niks ondernemen, zoals jij doet.

    Dat ik op die manier jou hekel, door dat even te benoemen, daar kan ik niks aan doen.