De restauratie van Burg. Versteeghsingel 2 – De Zuidpoldermolen
[caption id="" align="alignleft" width="380"]
Foto Cor Kes - www.luxphotography.nl[/caption]
De molen van Edam wordt gerestaureerd door erkend molenmakersbedrijf Kistemaker uit Edam onder leiding van Rein Kistemaker. “Of we moeten vrezen voor de Hollandse molen? Een beetje wel,” vertelt hij, ook legt hij precies uit wat voor molen dit is en wat ze hier aan het doen zijn.
De Zuidpoldermolen van Edam is naar alle waarschijnlijkheid tussen 1626 en 1635 gebouwd. Zoals de naam al doet vermoeden, had de molen als functie het bemalen van de Zuidpolder. De poldermolen pompte het water uit de polder naar een hoger niveau, de boezemwatering in. Het bedrijf van Rein Kistemaker is gespecialiseerd in het restaureren van molens en gemalen. Hij vertelt: “Deze molen is een achtkant, de achtstijlen staat op het tafelement. De onderslagbalk of het onder-tafelement is verrot. Deze liggende balken zijn erg onderhoudsgevoelig en worden daarom nu gerestaureerd.”
De woning van de molen wordt ook volledig aangepakt. In het midden van de molen staat de spilkast, aan weerszijde is een woonruimte. In deze kast is de spil van de molen te zien, deze wordt aangedreven door de wieken, of het gevlucht en is de drijvende as van de molen. Het binnenwerk van de molen, of gaandewerk is nog helemaal in orde.
Woning
De woning wordt er volledig opnieuw ingetimmerd en comfortabeler gemaakt, alles wordt geïsoleerd, er wordt een nieuwe badkamer met toilet gemaakt. Boven komt een kleine slaapkamer. “Het is natuurlijk niet erg groot van binnen, je moet er wel van houden”, aldus Rein. Een van de medewerkers, Ron Butterman, woont zelf in een molen in de Schermer. “Ik weet niet hoe het is om in een huis te wonen. Als de molen draait, maakt dat natuurlijk geluid en het beweegt ook iets, maar daar ben je aan gewend. Ik ben bewust bij een molenmakersbedrijf gaan werken, zodat ik bezig kan blijven met molens.”
Tussen lomp en rank
“Het uiterlijk van een molen is regio gebonden, in de Schermer zijn de molens wat lomp en in de Zaanstreek juist heel rank, met veel schilderwerk en tierelantijnen. Deze zit er eigenlijk precies tussenin, heeft van beiden een beetje. Deze Zuidpoldermolen is een binnenkruier, van binnenuit kun je de kap kruien of ronddraaien om op de wind te zetten. Als het een buitenkruier is, zit er een staartconstructie aan en ligt het kruirad buiten op de grond. Het nadeel van een binnenkruier is dat het wel veel ruimte opeist, je hebt dan een fors model molen nodig. Een buitenkruier is wat slanker en kleiner, het nadeel is dan natuurlijk dat je buiten veel extra toestanden hebt, die weer onderhoudsgevoelig zijn.”
Buiten gebruik
De molen had oorspronkelijk een scheprad. Deze is rond 1864 vervangen door een vijzel. Rein: “Een vijzel is een soort schroef en omdat deze draait, loopt het water omhoog. Je bent met een scheprad beperkt in de hoogte die je optimaal kunt opvoeren. Een vijzel kan het water veel hoger opvoeren. Als het hoogteverschil te groot wordt, wat in de loop van de tijd steeds gebeurde, de waterstand van de polders zakte immers, ging men over op een vijzel. Veel molens zijn van een scheprad overgegaan op een vijzel. In 1875 werd een stoomvijzelgemaal gebouwd. In 1949 werd de capaciteit hiervan opgevoerd en raakte de molen buiten gebruik.”
Rein: “Er zijn toen veel molens weggehaald, maar gelukkig zijn er ook veel blijven staan. Men is zich gaan ontfermen over de molens en ze werden aangekocht door verenigingen en stichtingen, die zorgen voor het beheer en onderhoud. De Vereniging van de Hollandse Molen in Amsterdam is eigenaar van deze molen. De persoon die hier woont is werkzaam voor deze vereniging en is vrijwillig molenaar en hij laat, als de gelegenheid zich voordoet, de molen draaien.”
Lapmiddel
Het metselwerk van de watergangen wordt ook nagekeken. Ook het metselwerk van de molen kan wat liefde gebruiken. “Her en der zullen we dat opnieuw opmetselen, andere stukken restaureren en soms volstaat het opnieuw voegen of scheuren repareren.” Er is ook een aantal zaken die voorlopig nog even blijft liggen, hier wordt eerst subsidie voor aangevraagd: “Het riet is heel erg dun geworden, je ziet dat er al ijzerdraad overgespannen zit, sommige mensen denken dat dit hoort, maar het is in feite een lapmiddel om de boel bij elkaar te houden.”
Veel onderhoud
Hier komt een andere partij voor. Rein vervolgt: “Een molen heeft veel onderhoud nodig, in verhouding tot statische gebouwen, zoals kerken, heeft een molen twee keer meer onderhoud nodig. Eigenlijk heeft een molen elke 25 jaar een behoorlijke restauratie nodig. Of we moeten vrezen voor de Hollandse molens? Een beetje, het wordt steeds moeilijker om subsidie te krijgen. Je mag ze niet slopen, want het zijn monumenten, dus je moet onderhoud plegen, maar waarvan? Gelukkig kan deze molen straks weer heel wat jaren mee.”