Naar de inhoud

Achter de voordeur van Schardam 18

Bron: Stadskrant

Achter de voordeur Schardam 18 inzet web

Nog een keer iets nieuws bouwen voor zijn eigen gezin, dat leek Jan Visser van Architectenbureau De Edamse School wel iets. Toen hij in 2005 een kavel te koop zag staan in Schardam, wist hij het zeker.

Samen met zijn partner Esther Jostmeijer vertellen ze over de totstandkoming van de woning en over het vakantiegevoel dat het geeft. Foto Cor Kes www.luxphotography.nl.

“We hebben nu het beste van twee werelden, een winter- en een zomerhuis”

Hoe zijn jullie op deze plek terecht gekomen?

“Ik wilde Edam wel uit, iets nieuws,” vertelt Jan Visser. “Ik wilde graag terug naar Amsterdam, waar ik onder andere ben opgegroeid,” vult Esther Jostmeijer aan. Jan: “Ik fietste veel naar Hoorn dus ik ken dit gebied. In eerste instantie wilde ik aan het begin van de dijk wonen tot ik deze kavel te koop zag staan. Je gaat hier omhoog, daardoor kun je over de dijk kijken, dat maakt deze plek zo mooi. Ik wilde geen oud huis meer verbouwen, maar nog een keer iets nieuws neerzetten voor onszelf.” Esther: “In eerste instantie zei ik nee, tot ik ging kijken. Ik was meteen verkocht, hier horen wij, dit is voor ons.”

Wanneer zijn jullie hier begonnen?

“In 2005 hebben we de kavel aangekocht, er stond toen alleen een schuur. Daar hebben we de eerste twee jaar gewoond,” vertelt Esther. “We hebben er een huis voor gebouwd, zodat de schuur achter en het nieuwe huis één geheel vormen. Jan is na twee jaar gaan tekenen, heeft de bouw voorbereid en in 2008 heeft hij het huis binnen een jaar zelf gebouwd.”

Hoe was het om twee jaar lang in een schuur te wonen?

Jan: “Ik geef mensen altijd het advies om eerst op de plek te gaan wonen waar je wilt gaan bouwen. Dan kun je vast wennen, weet je waar het licht binnenvalt en wat er mogelijk is. Een plek moet je voelen. Esther: “Ons hele leven speelde zich af op 45 m2, meer hadden we niet. We deden alles in één kamer: koken, eten, slapen en werken. Onze zoons hadden een stacaravan in de tuin, de douche was buiten, we hebben het vreselijk koud gehad en we hebben vreselijk hard gewerkt, maar toch was het vooral erg gezellig. Het was een hele bijzondere en leuke tijd. Zo leuk, dat we in de zomer nog steeds in de gerenoveerde schuur achter het huis wonen.”

Hoe bedoel je dat precies?

Esther: “In de zomer wonen we in het achterhuis, zoals wij dat noemen. Je doet de deuren open en je bent in de tuin. We hebben daar ook een keuken, dus we komen niet in het andere huis, we zijn dan gewoon altijd buiten. In de winter draaien we het om, dan zitten we altijd aan de voorkant, bij de kachel. We hebben nu het beste van twee werelden, een winter- en een zomerhuis, een eigen vakantiehuis bij ons thuis.”

Wat was je inspiratie voor deze woning?

Jan: “Er staat hier niet zo veel moois, de Zeevang is een arme polder. Verderop staat een schuur van het Waterschap, dat is heel basic, niet meer dan wat nodig is, dat zijn vaak de mooiste gebouwen. Daarnaast heb ik de geschiedenis bestudeerd, vroeger stond hier een foerageschuur. Toen wisten we: ons huis moest gewoon een schuur worden.”

Hoe was het om je huis zelf te bouwen?

Jan: “Ik heb samen met mijn zoons gewerkt, dat was natuurlijk wel bijzonder.” Esther: “Hij heeft bikkelhard gewerkt. Als je erin zit doe je het, maar wat is het een klus geweest!” Jan: “Het is nu een kleine tien jaar later en nu zou ik er niet meer aan beginnen.”

Ben je tevreden met het resultaat?

Jan: “Een nieuw huis moet meteen in de omgeving opgaan, het mag niet opvallen dat het er eerder niet stond. In dat opzicht is het zeker goed gelukt. Dit is een veengebied, dus er wordt licht gebouwd met veel hout in plaats van stenen, dat zijn vaak schuren. Kijk bijvoorbeeld naar Marken, daar staan ook voornamelijk schuren. Achteraf had ik het leuk gevonden om een energie-neutraler huis neer te zetten. Als je nu iets gaat bouwen, worden aspecten als aardgas en zonnepanelen standaard meegenomen, dat was toen nog niet zo, dat vind ik wel jammer.”

Is dit jullie droomhuis?

Esther: “Die vraag krijg ik vaker, maar daar geloof ik niet in. Er is niet één droomhuis, er zijn zoveel huizen die ik mijzelf eigen zou kunnen maken. Voor deze plek is dit huis de beste keuze, daar gaat het om. De inrichting en de rest van het huis is gegroeid, dat is een creatief proces. Ik bedenk regelmatig weer wat nieuws, Jan schrikt daar meestal van, sommige inzichten komen nou eenmaal pas later. Maar het gaat altijd door, een huis is nooit klaar.”

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.