Naar de inhoud

Over het ijsvermaak in Volendam (deel 2)

Bron: Jaarboek Volendams Museum

Over het ijsvermaak in Volendam vanaf 1885 heeft de redactie van het Museumjaarboek 2014 aandacht besteed aan dit populaire wintergebeuren vol ijsfeiten en anekdotes die die voor ons nageslacht bewaard moeten blijven. Velen onder ons hebben het ijsvermaak in Volendam als iets onvergetelijke ervaren. Het eerste deel van het ijsvermaak artikel uit het Museumjaarboek 2014 is reeds met veel waardering van onze schaatsfans goed ontvangen. Hier is het tweede deel.

De winter van 1963

Zoals het jaar 1890/1891 altijd centraal stond in de winterverhalen van onze voorvaderen, zo is 1963 dat voor ons. Het was sinds twee honderd jaar de koudste winter. Drie maanden lang, vanaf december '62 tot begin maart .63, lag Noord Nederland onder de sneeuw en vroor het elke dag. Alle eens-in-jeleven-wintergebeurtenissen vonden plaats: sneeuwstormen en bevroren grote wateren als de Waddenzee en het IJsselmeer en niet te vergeten, de meest heroïsche Elfstedentocht ooit.

Specifiek voor Volendam kwamen daar bij de ingesneeuwde woningen aan het Noordeinde en een dagenlang geheel geïsoleerd dorp (zie ook de foto's bij het artikel over het busvervoer elders in dit museumjaarboek), de autotochten en de schaatstoertochten over de Gouwzee met als hoogtepunt de fakkeloptocht op 23 februari 1963: duizenden schaatsers in een donkere, maar windvrije nacht met een fakkel in de hand de tocht op het ijs van Monnickendam, Marken en Volendam. Aanvankelijk leek het in 1963 voor Volendam dezelfde kant op te gaan als in 1947: wel bij ons schaatsen, maar qua organisatie en financiën zonder ons. Immers onze ijsclub De Ijsvogels bestond zelfs officieel niet meer: men had zich in 1962 uit de Bond laten uitschrijven. En de actieve ijsclub van Monnickendam kon alles best alleen aan. Voor de toen net benoemde dynamische voorzitter Herman Steur (later ook wethouder geworden) ging geen zee te hoog.

het noordeinde

Het Noordeinde

Er waren dagen met een hevige noordoosterstorm die alle sneeuw van het IJsselmeer naar de westkust van van het IJsselmeer joeg. De bewoners van het Noordeinde moesten na zo'n nachtelijke sneeuwjacht soms van buitenaf uit hun woning bevrijd worden.

Officieus was de VJB toen ook even ijsclub

Dit dreigende droeve lot is voorkomen door de VJB (de Volendammer jongeren-belangen), in die tijd een overkoepelend orgaan van twintigers en dertigers met nieuwe economische, sociale en sportieve idealen. Hoewel de VJB geen ijsclub was en derhalve als zodanig weinig recht van spreken had, zocht ze toch contact met Monnickendam en Marken en vroeg en kreeg waarop ze recht meende te hebben: in elk opzicht een volwaardige plaats in de ijsactiviteiten op de Gouwzee.
VJB-secretaris Wim Keizer activeerde daarom de oprichting van IJsclub Volendam in 1963 en bleef daarna als secretaris 50 jaar lang meer dan actief en richtte samen met Marleen Aalbregse in 1989 het jeugdschaatsen op. De activiteiten zijn tot op heden succesvol verlopen.

baanverzorging

Baanverzorging

Terwijl een ploeg vrijwilligers onder leiding van Dick Maurer (op de foto middenvoor) de baan op de haven ontdeed van sneeuw en kistijs, reed Wim Keizer in the middle-of-nowhere om de baan van de Gouwzeetocht open te houden. Dat het er door de vorst en de snijdende wind vreselijk koud was, hoef ik niet te vertellen. Dat doen de foto's zelf wel.

wim keizer

Op de foto links Wim Keizer op de bijna verdronken sneeuwschuiver uit 1972 die hij met een bijdrage van Fl. 5.000,- uit eigen zak mede financierde.

Twee jonge, bekwame Volendammer ijsfanaten, de sportminnende onderwijzer Wim Keizer en de sportleraar en vaste kracht in het eerste elftal Dick Maurer, kregen toen namens de VJB zitting in dat Gouwzee-bestuur.

Wim en Dick mobiliseerden uit hun groep van vrienden, kennissen en verre kennissen een groot aantal vrijwilligers. Met hen werkten ze dagen, avonden en soms ook grote delen van de nacht aan de ij staken die met de partners van Monnickendam en Marken waren afgesproken: het sneeuwvrij maken van een deel der baan, het construeren van een auto-oprit bij de helling, het aanleggen en verzorgen van een ijsbaan op de haven en, heel belangrijk een nauwgezette controle op de (veiligheid van de i gehele gang van zaken.

gouwzeetocht

Gouwzeetochten waren een groot succes

Op de mooie dagen, zonovergoten en windstil, reden honderden schaatsers en automobilisten de Gouwzeetocht van Monnickendam via Marken naar Volendam. Het werd een groot succes en toen na half maart de dooi inviel en de berekeningen waren gemaakt, bleek dat ook te gelden voor het financiële deel van het gebeuren. De V113 deelde mee in het batige saldo en ze heeft daarmee een substantieel bedrag beschikbaar kunnen stellen voor speelattributen en voor de aanleg van een instructiebad op het recreatiecentrum Slobbeland.

fakkeloptocht

Fakkeloptocht

Ook Grietje van Dirrekie Snert Schilder (van moederskant een kleindochter van Bruin van Keesje) nam met succes deel aan de nachtelijke fakkeloptocht, zoals stempelkaart en medaille laten zien.

Opnieuw een ijsclub in Volendam

Daarna, nog in het najaar van 1963, richtte de VJB de nieuwe, zelfstandige Ijsclub Volendam op. In het eerste bestuur was Klaas Molenaar (Karremelk, docent Don-Bosco) voorzitter, Wim Keizer secretaris en Piet van den Hogen penningmeester, en waren Jaap van Vlaanderen, Arie van den Hogen, Jan Kemper en Thoom Veerman (van Thoom van klein Hein) bestuursleden.

Ondanks de voortvarendheid waarmee een en ander tot stand was gekomen, werd het een goed bestuur. Het Friese gezegde een ijshuwelijk is een sterk huwelijk geldt kennelijk ook voor bestuurders. De meesten hadden elkaar al in januari en februari tijdens het ijskoude, zware werk in sneeuw en ijs leren kennen en waarderen. Het werden dan ook geen eendagsvliegen. Arie en Piet van den Hogen, de twee oudsten van het gezelschap, namen pas na zeven jaar afscheid, Jan Kemper maakte 25 jaar vol en Wim Keizer bleef zelfs 50 jaar in actieve dienst. Het was een clubtrouw die je ook weer bij de latere bestuursleden terugzag: zo vervult bijvoorbeeld ook Johan Koning zijn functie nu al weer 25 jaar.

ijshuwelijk

Een ijshuwelijk is een sterk huwelijk

Op dit Friese spreekwoord zinspeelde ook de in Friesland geboren burgemeester Wim Westendorp (1984-1995), toen hij indertijd bij het 25jarig jubileum van de ijsclub vertelde dat hij en zijn vrouw elkaar in 1963 na een tocht op het IJsselmeer hadden leren kennen. De schilder Mari ten Kate (1831-1910) geeft aan dat er ook in ons dorp zulke sterke huwelijken gesloten zijn (de laatste tijd misschien wat minder).

Wordt vervolgd door deel 3.

1 reactie

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.