Naar de inhoud

Lau van Roon en Johan Snoek staan al 50 jaar op weekmarkt Heemskerk

Bron: Weekmarkt Heemskerk

[gallery type="rectangular" link="file" size="full" ids="151013,151014"]

De weekmarkt in Heemskerk bestond in de afgelopen zomer 50 jaar. Een mijlpaal. Die niet is gevierd. Niemand had er aan gedacht. Ook de kooplui zelf niet. Twee van hen hadden het kunnen weten: Lau van Roon en Johan Snoek. Het is bijna ongelooflijk: zij staan vanaf het prille begin op de Heemskerkse markt. Een van de beste markten, vinden zij.

,,Ik dacht dat het jubileum volgend jaar is. Maar ik kan het fout hebben’’, zegt Lau van Roon tussen de bedrijven door. Het is druk in zijn kraam met dameskleding. ,,Ik ben aan het ruimen. Ik stop ermee. Ik ben 72, dus het mag wel een keer.’’ Broeken en shirts gaan voor spotprijzen van de hand. Wanneer zijn laatste marktdag is, weet hij niet. Het is rekbaar. Ondertussen tegen een klant: ,,Nee mevrouw, u kunt bij mij niet pinnen. Voor u heb ik aan de overkant de Rabobank laten neerzetten.’’

Als jongeman begon Lau van Roon – inwoner van Akersloot maar van oorsprong uit het Heemskerkerduin – met aardappelen. ,,We stonden tegenover groenteboer Piet Beentjes ter hoogte van de dansschool. Hij staat er nog, dat wil zeggen zijn zoons. Zo zijn er meer handelaren die al heel lang staan. Sokkenverkoper Frits de Wildt was ook van het eerste uur. Hij is zeven jaar geleden gestopt’’, denkt hij terug aan ‘Frits Sok’.

Van de aardappelen stapte Van Roon over op de kruidenierswaren. Maar dat was lastig. Tegen de supermarkt was niet op te boksen, zegt hij. Toen werd het dameskleding. Dat bevalt hem en zijn vrouw Trudy goed, net zoals het leven op de markt. ,,Ik ben onder de mensen. Heel anders dan in een winkel. Dan zit je te wachten tot er iemand binnenkomt. Hier komen de klanten vanzelf.’’

Heemskerk heeft een goede markt. ,,Het is een van de beste markten. Altijd geweest. Ik heb geen idee waarom. De bevolking is markt-minded. Het is heel gezellig. Maar ook onder de winkels hier is weinig leegstand.’’ De handelaren zijn stiller geworden, beaamt hij. ,,Vroeger maakten wij meer drukte. Ja, ik ook. Dat was ik gewend in Amsterdam. We ventten aardappelen. We liepen de hele dag te schreeuwen. Dat moest wel, de klanten woonden vier, vijf hoog.’’

Vlakbij staat medepionier Johan Snoek. De visboer uit Volendam begon als standwerker met paling. Zijn oude riedel kan hij nog zo opdreunen. ,,Een voor je vader, een voor je schoonvader, een voor je stiefvader, een voor je vaders vader, enzovoort.’’ Zo stelde hij voor zijn groeiende gehoor een bos paling samen, die voor 2,50 gulden grif van de hand ging. ,,De paling werd steeds duurder. Toen deed ik er makreel bij en later ook andere vis.’’

Johan Snoek (71) ging als 7-jarige knaap al mee met zijn vader, een koopman ,,Ik wist het meteen. Ik moest en zou ook op de markt. Ik kon goed leren, maar niemand kon mij er van afhouden.’’ Het is hier goed zaken doen. ,,We staan met zes mensen te helpen. Dat is veel. In Alphen aan den Rijn staan we met zijn tienen. Maar dat is zaterdags’’, aldus de marktkoopman die een opvolger heeft: zoon John.

,,Maar ik ga graag nog een paar jaar door. Het is leuk werk. Bovendien, Volendammers kunnen meestal goed opschieten met Heemskerkers. Zij kunnen kwaliteit waarderen.’’ De plicht roept. Het is geen moment rustig voor de verkoopwagen. Op verzoek laat hij horen hoe hij ooit – luidkeels – de aandacht trok. ,,In de winkel zijn dames met opgemaakte buste, op hun gezicht een pond bleekpoeder, op hun benen valse kuiten. Dat kost allemaal! Net als water, gas, licht. Op de markt heb je dat niet. Hier betaal je alleen de kwaliteit.’’

De gemeenteraad besloot in januari 1965 tot het instellen van een weekmarkt op de vrijdag. Twee jaar eerder was het onderwerp al eens ter sprake gekomen, maar toen was het volgens de deskundigen te vroeg, ondanks de sterke groei van het dorp. In 1965, met 21.000 inwoners, werd de tijd wel rijp geacht.

De beoogde locatie was het plein voor de dr. Prinsenhal, de toenmalige nieuwe sporthal. Volgens handelaren heeft de markt echter altijd op de Maerelaan gestaan. In twee gestrekte rijen, de beproefde klassieke opstelling. Een korte tijd (1968) week de markt uit naar het plein achter Albert Heijn. Dat vanwege rioolwerkzaamheden. De eerste dag was 25 juni 1965. Het was meteen al een flinke markt.

De huidige markt telt gemiddeld 150 kramen en tien verkoopwagens, aldus de gemeente die zich vijftig jaar later niet geroepen voelt een jubileumfeest te organiseren. ,,Als de ondernemers dat zelf willen doen, is dat natuurlijk meer dan goed.’’ De woordvoerster meldt verder. ,,Het is een goedbezochte markt, met een echte sociale functie. Het is een ontmoetingsplek voor veel mensen.’’

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.