Dubbel interview Erik Schouten en Bert Steltenpool
De een transformeerde van ideale twaalfde man tot leider van de defensie. De ander promoveerde van ’koning invalbeurten’ tot topschutter. Erik Schouten en Bert Steltenpool hadden in 2015 beiden de stijgende lijn flink te pakken bij FC Volendam. De verdediger uit Westwoud en de spits uit Wervershoof blikken terug en kijken vooruit aan de hand van vier stellingen. Foto FC Volendam.
Het verschil tussen januari 2015 en december 2015 is groot
Schouten: "Zeker, nu speel ik echt alles. In januari zat ik op de bank en waren er twijfels. Een paar wedstrijden voor de play-offs kwam ik erin en kreeg ik het vertrouwen. Door het spelen van wedstrijden ontwikkel ik me steeds meer. Aan de bal ben ik rustiger. Ik voel mij verantwoordelijk en coach meer. Buiten het veld merk ik ook verschil. Mensen die ik totaal niet ken, spreken mij nu aan.”
Steltenpool: "Klopt. In januari was het de vraag of ik met het eerste mee zou gaan op trainingskamp. Dat ik mee mocht, was al heel wat. Deze zomer merkte ik dat er best wat mogelijk was dit seizoen. Ik moest met Guyon Philips uitvechten wie de spits zou worden. Tegen NAC, de eerste wedstrijd van het seizoen, begon ik in de basis. Daarna maakte ik mij niet meer druk of ik zou beginnen. De drie goals tegen Jong PSV waren heel belangrijk voor mij. Niet dat ik daarvoor slecht speelde, maar toen viel er wel wat van mij af.”
Het ging dit jaar goed, maar ik kan nog veel beter
Schouten: „Ik denk dat altijd alles beter kan. Ook al speel ik een goede wedstrijd. Je moet altijd gas geven. Met alleen talent kom je er niet. Daar ben ik wel achter gekomen. In de jeugd lukt dat nog. Dan denk je dat het vooral om balbezit gaat. Maar bij de grote jongens komt er meer bij kijken. Gaat de beuk erin. Als je dat ervaart, realiseer je je dat je nooit kan verzaken. Fysiek wil ik dus sterker worden, maar ook aan de bal kan het beter. Alles naar de juiste kleur spelen. Op het goede tempo. In dat opzicht ben ik nooit tevreden.”
Steltenpool: „Het idee was één seizoen fysiek aanpoten, dan één seizoen wennen en het seizoen daarna er staan. Bij mij is het in een stroomversnelling geraakt, want dit is pas mijn tweede seizoen bij de profs. Alles kan dus beter. Ik moet een dikkere reet krijgen. Fysiek sterker worden dus. Ik merk het verschil met de jongens die hun opleiding bij een profclub hebben gehad. Hun techniek is verfijnder. Ik moet dat allemaal nu leren. Er komt veel op mij af. Looplijnen, aannames, kaatsen. Beetje bij beetje gaat het vooruit.”
FC Volendam promoveert nu wel
Schouten: „De pijn van het missen van promotie (FC Volendam verloor de finale van de play-offs, red.) heeft best lang geduurd. Je ziet De Graafschap een feestje vieren en dan besef je dat het heel dichtbij was. Maar veranderen doe je het niet meer. Toen kwam die goede start met winst in de eerste periode. Als team speelden we heel sterk. Daarom sta ik er positief in. De jonge jongens worden beter. Ik hoop wel dat we iedereen fit houden. De laatste wedstrijden missen we ervaring. Maar als dat lukt, kunnen wij van iedereen winnen.”
Steltenpool: „De titel wordt lastig. De achterstand van elf punten is te groot. Of we via de play-offs promoveren, hangt af van de terugkeer van de blessuregevallen terugkeren. Dat is heel belangrijk. Als we het dan weer collectief goed neerzetten, is het misschien mogelijk.”
In de zomer ben ik aantrekkelijk voor andere clubs
Schouten (contract loopt af deze zomer): „Ik weet niet hoe andere clubs over mij denken, maar ik doe mijn best. De laatste drie jaar speelde ik dan wel en dan niet. Dat geeft geen lekker gevoel. Nu kan ik mijzelf iedere week laten zien. Dat geeft plezier en dat wil ik niet zomaar weggooien. Daarom ben ik ook in gesprek met de club. Het is nog niet concreet, maar je praat niet zomaar natuurlijk....”
Steltenpool (contract loopt af deze zomer, FC Volendam kan het eenzijdig met een jaar verlengen): „Dat hangt er helemaal vanaf hoeveel ik er nog ga maken. Clubs zagen in de eerste periode een nieuwe jongen die er zeven maakte. Dat is interessant. Maar diezelfde jongen maakte er in de tweede periode nul. Voor mijzelf is het goed om bij FC Volendam te blijven. Ik ben hier nog lang niet uitgeleerd.”