Edam ‘rehabiliteert’ Jan en Martinus Nieuwenhuyzen
Donderdag jongstleden heeft vicevoorzitter van de (landelijke) Maatschappij tot Nut van ’t Algemeen, Piet Hamelink, op de bovenverdieping van het Edams Museum, een vitrinekast onthuld met daarin enkele topstukken van de organisatie die zich sinds 1784 bekommert over het welzijn van individu en gemeenschap. Hiermee krijgen vader en zoon Nieuwenhuyzen een ereplek in de stad die hen ruim twee eeuwen terug niet bepaald vriendelijk heeft bejegend.
Eind 18e eeuw, toen de strijd tussen Oranjegezinden en patriotten steeds heftiger werd, moest Martinus de wijk nemen uit Edam. Het Oranjegezinde stadsbestuur wilde de arts arresteren voor zijn denkbeelden. Hij behoorde weliswaar tot de gematigde ‘onafhankelijke stroming’ binnen de gegoede burgerij die streed voor meer democratie, maar het stempel dat leden van het Nut, Martinus was secretaris en zijn vader oprichter, felle patriotten zouden zijn, dwong Nieuwenhuyzen te vluchten naar Amsterdam.
Ruim twee eeuwen later hebben de portretten van vader en zoon en diverse belanghebbende attributen van ’t Nut een plek gekregen in het hart van het toenmalige Edamse bestuurscentrum dat hen zo ongewillig was: de burgemeesterskamer aan het Damplein.
Na het openingswoord van Hayo Riemersma, sinds kort conservator van het Edams Museum, waarin hij het belang benadrukte van de schenkingen van ’t Nut, en hij Joop Asselbergs en Joop van Overbeek bedankte voor hun inzet om dit te realiseren, nam Asselbergs, voorzitter van het Edamse departement, het woord. Hij verwees naar de geschiedenis van ’t Nut en de rol die Jan (de denker) en Martinus (de schrijver die slechts 33 jaar oud werd) hebben betekend voor de vereniging.
Spaarbank en bibliotheek
En niet alleen voor de vereniging: ondanks de tegenwerkingen van het Edamse stadsbestuur, waar het Nut is opgericht aan de Kaasmarkt, bleken de idealen uit te monden in de komst van de Nutsspaarbank, de Nutsverzekering en de Nutsleeszalen, de huidige bibliotheken. Ook kwamen er Nutscholen en later zelfs universiteiten.
Gure wind
Maar op 30 juni 1887 waaide er een heel andere wind door ons land. Martinus kon nog net uit handen blijven van de politie nadat een buurvrouw hem ontraadde naar het Prinsenhof te gaan, zoals het stadsbestuur hem had opgedragen.
Rode dominee
Piet Hamelink verwees naar een tweede incident in Edam waarbij dominee Tenthof na een lezing over het verheffen van de arbeidersklasse, eind 19e eeuw, Edam werd uitgegooid door een woedende massa. ‘Hij werd gekazigd”, stond er te lezen in een spotprent uit de Groene Amsterdammer.
Een kopie van die prent werd door Hamelink met een kaas doorboord, waarna de vitrinekast werd geopend. Froukje Swanenburg, stadsdichter, eindigde de bijeenkomst door enkele schilderijen in de burgemeesterskamer op poëtische wijze te ontrafelen
