Naar de inhoud

Dossier SKOV deel I: "Is cultuurverandering (richting een lerende school) voor het huidige bestuur een prioriteit?"

Bron: Marcel Tuyp

Dossier SKOV deel I: "Is cultuurverandering (richting een lerende school) voor het huidige bestuur een prioriteit?"

Door recente gebeurtenissen ben ik gedwongen om zo kort na het toch al fors uitgevallen Uitdagingen voor de SKOV na 50 jaar vrijwillig one tier bestuur, 2REWIND december 2017 p.32-41), toch weer aandacht aan de SKOV te besteden. Ook dit stuk is onderzoeksjournalistiek van aard. Dit keer gaat het echter wél over de huidige SKOV-agenda. De nadruk ligt op de feiten die ik duidelijk zal (proberen te) scheiden van het commentaar.
De directe aanleiding voor dit artikel was het voornemen van Bovenschools directeur Tjalsma om de basisscholen met ingang van schooljaar 2019/2020 zelf te laten kiezen of zij gebruik willen blijven maken van een gespecialiseerde bovenschoolse muziekdocenten (zie hierna).

Toen ik daaromtrent wat nadere informatie inwon, werd ik al snel geconfronteerd met de kwestie ‘beoogde afschaffing van de functie hoofd stafbureau’. Naar aanleiding van dat laatste vraag ik mezelf inmiddels af of cultuurverandering ̶ o.a. minder hiërarchisch geleid, evenwichtigere verdeling van de macht binnen de organisatie, meer richting een formele hiërarchie ̶ eigenlijk wel hoog op de agenda van dit bestuur staat. De vraag die ik in voornoemd artikel in de ondertitel stelde ̶ Kunnen de nieuwe bestuurders de organisatie kantelen naar een lerende organisatie? ̶ is inmiddels wellicht niet meer de meest urgente. Misschien moet de vraag zijn of de (nieuwe) bestuurders überhaupt wel een lerende organisatie willen worden. Hierna zal blijken dat de waarschijnlijk door het toezichthoudend bestuur goedgekeurde, onrechtmatige handelwijze in de kwestie rond de hoofd stafbureau haaks staat op een dergelijk voornemen. Omdat het hier over een werknemer ging, wilde Runderkamp geen commentaar geven. Als kindgericht onderwijs (zie hierna) betekent dat er binnen de organisatie uiteindelijk minder topdown moet worden leidinggegeven geeft zij met deze handelswijze echter wel een verkeerd signaal af. Ook met Tjalsma lijkt volgens meerdere door mij geïnterviewde personen (zie hierna) iemand te zijn binnengehaald met een ouderwets hiërarchische managementstijl. De vraag blijft of minder topdown leidinggeven, anders dan in de vacature voor uitvoerend bestuurder werd gevraagd, uiteindelijk wel zo’n belangrijk aandachtspunt is binnen de SKOV.
Tenslotte plaats ik dit keer wat kanttekeningen bij de kwaliteit van de bestuursnotulen, het in mijn ogen slecht gefundeerde conservatieve financiële beleid en het feit dat er binnenkort alweer meerdere aftredende bestuurders moeten worden vervangen. Dit laatste biedt uiteraard ook kansen (zie verder het slot van dit artikel volgende week).

Start relatie ondergetekende met de SKOV

Eind 2009 kwam ik er, in verband met een te schrijven artikel over Volendams popinfrastructuur, achter dat muziek nog nooit een eindexamenvak was geweest op het Volendamse Don Bosco College. Ergens begin 2012 kwam ik met rector Gerard Dekkers overeen dat er aan het begin van een volgend schooljaar, om de belangstelling voor dit eindexamenvak te peilen, een enquête onder de leerlingen zou worden gehouden. De opmerkelijke wijze waarop verschillende soorten Don Bosco College-functionarissen zich na het plotselinge vertrek van Dekkers per 1 augustus 2013 schriftelijk en mondeling tot mij verhielden, vormde de beweegreden voor mijn onderzoek naar de bestuurscultuur van de SKOV (het eerder genoemde 2REWIND-artikel).
Dat ik sinds 2015 als ouder inmiddels nog geïnteresseerder ben, neemt niet weg dat ik als een onderzoeksjournalist, ‘de waakhond van de democratie’, volgens een objectieve methode te werk ben gegaan. De afgelopen twee maanden heb ik in voornoemde twee kwesties (niveau muziekonderwijs basisscholen en afschaffing hoofd stafbureau) met zeven respondenten gesproken. Met sommigen meerdere keren. Om tegenover mij verdedigbare redenen wilden zij anoniem blijven. Als laatste heb ik met uitvoerend bestuurder Runderkamp gesproken. Tjalsma was ook uitgenodigd maar niet aanwezig. Dat vond Runderkamp niet nodig. Tijdens ons gesprek gaf zij op al mijn vragen als antwoord dat er nog niets definitief was en dat ze er daarom niets over kon zeggen. Runderkamp en Tjalsma hebben vóór publicatie op dit artikel kunnen reageren. Tjalsma kon geen reactie geven op de inhoud omdat zij zich er niet in herkende. Runderkamp had geen opmerkingen. Aan de journalistieke eis van weerwoord is dus voldaan.
9 oktober 2018: avond met ouders

Ik wilde dit artikel per se vóór 9 oktober a.s. publiceren. Op deze datum zijn namelijk alle ouders van basisschoolleerlingen door de SKOV uitgenodigd om over de toekomst van het SKOV-onderwijs te praten. Hoe vrijblijvend de inbreng van de ouders voor de SKOV zal zijn, blijft, zeker voorlopig, de vraag. Een opmerking van gepensioneerd DBC-wiskundeleraar Jan Keizer in de NIVO van 25 juli jl. (p.14) is in deze zin weinig hoopgevend: ‘Ik heb ook weleens het gevoel dat al dat vergaderen ook een zoethoudertje is. Zo van: we hebben erover vergaderd en jullie hebben inspraak gehad. Terwijl de plannen daarvóór al gemaakt zijn. Dat krijg je op een gegeven moment door’. Een heikel punt blijft natuurlijk in hoeverre ouders (naast de leraren) die inspraak opeisen en vervolgens ook kunnen hanteren.

Er zijn veel dingen onduidelijk. Zijn zowel Runderkamp als Tjalsma op 9 oktober a.s. ook aanwezig? Wordt de Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad (hierna: GMR) op enigerlei wijze ook bij de organisatie van de avond betrokken? Wordt er door deze en andere SKOV-vertegenwoordigers ook verteld hoe zij de toekomst van het onderwijs zien? Is er wat betreft informatieverschaffing dus sprake van tweerichtingsverkeer? Wordt de agenda van de avond gezamenlijk met de ouders vastgesteld? Koppelt de SKOV terug wat ze met de inbreng van de ouders heeft gedaan?

In haar notulen d.d. 19 maart 2018 geeft het bestuur aan dat het SKOV-onderwijs in de toekomst meer kindgericht moet zijn. Welke ouder kan daar bezwaar tegen hebben? Probleem is echter dat dit niet zoveel zegt en dus te vrijblijvend is. Er bestaan wel degelijk redelijk objectieve maatstaven waarmee kan worden onderzocht waar de SKOV zich nu bevindt op het gebied van kindgericht onderwijs en waarmee vervolgens een route kan worden uitgestippeld naar meer kindgericht onderwijs (zie bijvoorbeeld http: www.wij-leren.nl/kindgericht-onderwijs-binnen-een-lerende-school). Hebben ouders inspraak in het ambitieniveau en het tempo waarmee de SKOV deze ontwikkeling richting meer kindgericht onderwijs ingaat? Worden hier extra financiële middelen voor vrijgemaakt? Het zijn vragen die 9 oktober a.s. wat mij betreft ook aan de orde mogen komen.

Door Runderkamp gewenste afschaffing functie hoofd staf

Het hoofd stafbureau is ondersteunend richting het Primair Onderwijs (PO), het Voortgezet Onderwijs (VO), het management en het bestuur. Het hoofd stafbureau zit in principe bij alle bestuursvergaderingen en levert desgewenst ook ongevraagd commentaar richting bestuur. Hoofd financiële en materiële zaken (de nieuwe door Runderkamp gewenste functie) betekent hoofd stafbureau minus personele zaken, minus personeels- en salarisadministratie, minus administratieve ondersteuning Don Bosco College en minus ICT. Runderkamp heeft de informatiestromen vanuit het primair onderwijs en voortgezet onderwijs door middel van een glazen wand ook fysiek van elkaar en van de huidige hoofd stafbureau, die op afstand in een aparte kamer is gezet, gescheiden. Zo kan ze desgewenst los van elkaar de administratie Primair Onderwijs, de administratie Voortgezet Onderwijs en het beoogd hoofd financiële en materiële zaken aansturen. Daarmee verwerft zij een informatievoorsprong op de gehele organisatie. Omdat het om een medewerker gaat wilde Runderkamp de achtergrond van de afschaffing van de functie hoofd stafbureau niet toelichten. Maar gaat het niet eerder om een vervallen functie? Of gaat het toch om de medewerker en loopt dat via de route van een ‘mini-reorganisatie’? En waarom werd dat belang van de medewerker bij de aanvankelijke communicatie niet even zorgvuldig gewogen?

Een gebrek aan formele communicatie stimuleert de informele communicatie. Een respondent vroeg zich in verband hiermee af of Runderkamp het Don Bosco College uiteindelijk wil afstoten omdat ze volgens insiders niet gelooft in voortgezet onderwijs en basisonderwijs binnen dezelfde organisatie. Mogen Volendammers het weten als dat Runderkamps uiteindelijke doel is? Wil Runderkamp bijvoorbeeld verklaren dat het niet haar uiteindelijke doel is om het Don Bosco College af te stoten, om vervolgens het SKOV-basisonderwijs te fuseren met het basisonderwijs in de regio? Het zijn vragen die Runderkamp prematuur vindt en daarom niet kan beantwoorden.

Bepaalde (beleids)voornemens en de managementstijl waarin men die tracht in te voeren wijzen niet in de richting dat Runderkamp, zoals in de vacature als haar opdracht stond, de hiërarchische leiderschapscultuur van de SKOV gaat ombuigen. De wijze waarop Runderkamp de door haar gewenste afschaffing van de functie hoofd staf(bureau) aanvankelijk presenteerde, wordt door meerdere respondenten als onbegrijpelijk gekwalificeerd. Runderkamps toon en managementstijl is in dit geval traditioneel hiërarchisch. Haar handelswijze is in strijd met art. 12 lid 1, sub i van de Wet Medezeggenschap Onderwijs (WMO), omdat het verplichte overleg vooraf met het personeelsdeel van de Medezeggenschapsraad van het Don Bosco College en het personeelsdeel van de Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad van de basisscholen ontbrak. Op dat punt heeft de SKOV toch al geen best trackrecord (zie 2REWIND december 2017, p.36). Runderkamp brak daarbij ook de belofte die zij bij haar aantreden vorig jaar aan de stafafdeling gedaan had, namelijk dat zij betreffende afdeling ongewijzigd zou laten. Tenslotte vond het ook nog eens plaats zonder overleg met de werknemer. Die moest onvoorbereid in het door Runderkamp vorig jaar geïntroduceerde managementbulletin ’t Skoffie (alleen voor directeuren en bestuurders) van 29 juni 2018 lezen: ‘De functie hoofd staf komt te vervallen en wordt vervangen door de functie hoofd financiële en materiële zaken. Voor deze functie wordt fuwasys (functiewaarderingssysteem, MT) aangevraagd’.

Het opheffen van de functie hoofd stafbureau en het vervolgens door Runderkamp gedeeltelijk zelf uitoefenen van deze taak (of het zelf inkopen van managementinformatie bij derden) in een organisatie waar toch al weinig tegenmacht bestaat (zie 2REWIND december 2017, p.39, eerste kolom) zorgt er dus voor dat zij door een informatievoorsprong nog meer macht krijgt. Mijn voorlopige conclusie is dat haar aanvankelijke handelswijze 1) in strijd is met haar opdracht om de hiërarchische leiderschapscultuur van de SKOV om te buigen, (2) in strijd is met de Wet Medezeggenschap Onderwijs, (3) om onduidelijke redenen zonder duidelijke motivatie blijft, en (4) Runderkamps macht binnen de organisatie onherroepelijk doet toenemen.
Uit hoofde van een meer afgewogen verdeling van de macht in de organisatie (checks & balances) betekent dit een stap achteruit. In de kwestie afschaffing hoofd stafbureau handelt het bestuur zoals zij dat in het verleden ook vaak deed: autocratisch en zonder veel toelichting. Volgende week deel II (slot) van dit artikel.

Marcel Tuyp

1 reactie

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.

  • wanneer gebeurd hier nou eindelijk eens iets zinnigs, dit word dus allemaal gefinancieerd met gemeenschapsgeld..... zodra ze (misschien >20% kans) van de drugs af zijn, gaan ze uit volendam vandaan en bouwen ze buiten volendam een nieuw leven op.... onze gemeenschap hier in volendam word er dus niks beter van alleen maar slechter, bovendien zitten ze ook almaar onzin te publiceren die op niets gebasseerd zijn, O.a. in de telegraaf 2 maanden geleden.