Recensie The Four Trees - Laurens Tol: 'Album vol hoogtepunten'
The Four Trees is live in de studio opgenomen. Drums, electrische bas, electrische gitaar en altsaxofoon vormen geen traditionele jazz-bezetting. Voor het naar hemzelf genoemde kwartet van altsaxofonist Erik van der Weijden geldt dat wel: daar vervult de contrabas de rol van de electrische bas en de piano die van de electrische gitaar hier.
Op The Four Trees speelt Van Der Weijden (en in mindere mate gitarist Florian Hierdeis) melodisch de hoofdrol, en in zijn spel lijkt hij van het viertal ook het dichtst te komen bij de essentie van jazz: geïmproviseerde muziek. De muziekbenadering van The Four Trees is geworteld in jazz fusion (ook wel jazzrock of alleen fusion). Hierin worden jazz-harmonieën en improvisatie gecombineerd met (het instrumentarium van) rock, funk en rhythm & blues.
Belangrijke wortels van de jazz-fusion liggen in Miles Davis’ twee meesterwerken In a Silent Way (1969) en Bitches Brew (1970). Harry Hulskemper (LOVE’s Harry’s Jazz & Blues Café, donderdag van 19.00 tot 21.00) hoorde in Van der Weijdens spel echo’s van de ‘coole’ fusion-crossover altsaxofonist David Sanborn (geb. 1945) ̶ luister bijvoorbeeld naar diens Maputo (1986). Bij cool jazz gebruiken blazers minder vibrato (meer legato), en is het door hun gespeelde ritme vaak meer laidback, minder geprononceerd. Cool jazz heeft ook meer affiniteit met klassieke muziek en de vaak relaxtere Latin jazz, waar de ritmische spanning vaak door bas, drums en percussie (en piano) heenloopt.
Ook Miles Davis zit in principe in het kamp van de cool. Van der Weijden zegt zelf beïnvloed te zijn door de Cubaanse saxofonist Paquito D’Riviera (geb. 1948) die zowel Afro-Cubaanse jazz, Latin jazz als klassieke muziek componeerde. Twee bij de meeste popmuziekliefhebbers wel bekende ‘coole’ altsaxofoonpartijen zijn die van Paul Desmond op Dave Brubeck Quartet’s Take Five (1959) ̶ prominent op de setlist van de legendarische Volendamse coverband The Swingfellas featuring saxofonist Dick Plat ̶ , en die van Candy Dulfer op Lily Was Here (1989).
Openingstrack Jemisa ̶ een Spaanse voornaam die Jezus is mijn Redder betekent ̶ vormt eigenlijk een (Braziliaanse) samba. Alle vier instrumentalisten halen in dit nummer hun inspiratie uit die stijl. Van 1:52 tot 3:04 neemt de gitarist overtuigend de lead van de altsaxofonist over. Bandleider Laurens Tol vertelde dat hij albums zoals bijvoorbeeld Ella Fitzgerald Sings The Antonio Carlos Jobim Songbook (1981) (inclusief de ‘coole’ mondharmonica van Toots Thielemans), om zich deze muziekstijl eigen te maken, volledig uitschreef. Een toewijding die monnikenarbeid met zich meebrengt, en die niet voor alle popmuzikanten is weggelegd.
Het bewijst dat Tols motivatie vooral vanuit de muziek zelf komt, en dus intrinsiek is. Eigenlijk de enige muziek waar ik naar luister. En inderdaad zou de bas van Jemisa geënt kunnen zijn op die van openingstrack Somewhere in the Hills (luister ook naar One Note Samba) op Fitzgeralds album. Jobim was degene die de bossa nova (letterlijk ‘nieuwe golf’, ontstaan vanuit de samba) internationaal bekend maakte en haar samen met saxofonist Stan Getz fuseerde met jazz (denk aan het wereldberoemde The Girl from Ipanema op Getz/Giliberto (1964)).
Tol speelt een fraaie, waarschijnlijk uitgeschreven (niet geïmproviseerde) melodielijn in There Is No Book waarin jazzgitarist Florian Hierdeis melodisch verder leidt. Tol ontmoette Hierdeis op een toer door Suriname en zijn speelstijl deed hem denken aan de jazzfusion van gitarist Pat Metheny (medecomponist van David Bowies nummer één-hit This Is Not America (1985)). Secret Story (1992), het album waarin Metheny jazz, rock, en wereldmuziek integreerde, beïnvloedde ook het spel van Tol. De Pat Metheny Group heeft in plaats van een altsax een electrische piano. Het zit dus allemaal vrij dicht tegen elkaar aan.
Het eerste hoogtepunt van The Four Trees is het rond een funky gitaar-groove opgetrokken Black Van, waarbij het spel van saxofonist Van Der Weiden tegen hot aanschuurt, en waarin ook het spel van de meer op pop georiënteerde drummer Tom Rutgers ̶ Laurens Tol kent hem van het Conservatorium ̶ vanaf 3.25 tot 4.11 waanzinnig is. Het geheel klinkt soms zoals de ook door een bassist geleide ‘fusion-influenced jam band’ Snarky Puppy. Mijn twee kinderen (zeven en vijf) die veel jazz horen, kwamen naar beneden gestoven en de handjes gingen in de lucht. Een goed teken. Jazz blijft dansmuziek.
Alleen het dromerige rustpunt Delayed is volgens mij geheel saxofoonloos, en is ‘cool’ vanwege de fraaie, ingetogen, ‘verkennende’ gitaarpartij van Hierdeis. Tol die laidback zelf meer de melodie speelt, heeft een eigen stijl en vindt zichzelf (vooralsnog?) meer een popbassist. Hij noemt de Italiaans-Brits-Welche Guiseppe Henry “Pino” Palladino als invloed. De kern van de ritmesectie (drums en bas), die ook in de Volendamse coverband Almost Famous samenspelen, is dus eerder popgeoriënteerd, terwijl de twee melodie-instrumenten binnen Tols gezelschap worden bemand door jazz-muzikanten.
Tijdens de radio-uitzending van LOVE’s Harry’s Jazz & Blues Café d.d. 28 maart jl. vertelde Tol dat de luisteraar zijn eigen fantasie mocht loslaten op de songtitels. Verwijst The Four Trees naar de muzikanten die allen zelfstandig geworteld zijn? En waarom bevat de hoesafbeelding vijf bomen? In de volgorde van de setlist zou rond de songtitels eenvoudig een film-noir kunnen worden gecreëerd.
Slechts de titel van het misschien wel meest experimentele nummer van het album, het tweede hoogtepunt The Fire Of Doubt lichtte Tol toe: het vormt een verwijzing naar Dostojevski’s The (Purgatorial) Fire Of Doubt (Dostojevski’s Notebook, 1881, p.54). Dostojevski, die het hier over geloof had, bedoelde dat God door de mens niet kan worden begrepen en dat voor de mens om tot God te komen een ‘leap of faith’ noodzakelijk is. Zou Tol analoog hieraan doelen op het vertrouwen dat de kunstenaar uiteindelijk nodig heeft om zijn kunst te delen met het publiek? Of doelt hij op het experimentele karakter van het nummer zelf?
The Fire Of Doubt bevat tussen 1:45 en 2:55 misschien wel het spannendste, bebop-achtige, syncopische, stop & start samenspel van het album. Het derde hoogtepunt Helicopterview ̶ het enige niet door Laurens Tol gecomponeerde nummer ̶ is van de hand van Van der Weijden. Hier lijkt zijn saxofoon opvallend genoeg vaker een meer dienende, opzwepende rol te spelen, die ook veel ruimte overlaat voor gitarist Hierdeis, terwijl bassist Tol vooral zijn stempel drukt op de tweede helft van het nummer. Verwijst de titel naar een eigenschap die een spelverdeler binnen een jazzband nodig heeft tijdens het improviseren? Statue begint met een dromerige saxofoon en bas waarna Hierdeis en Tol vanaf 1:20 samen rondom die ijzersterke ‘drumloop’ van Phil Collins’ In The Air Tonight spelen, waarna saxofonist Van Der Weijden rond 3:33 het initiatief weer overneemt en het nummer thuisbrengt.
De afsluiter en titeltrack begint met Van Der Weiden waarna Tol zich vanaf 0:27 meldt. Tussen 1:31 en 2:03 speelt Tol met Hierdeis en vanaf 2:03 vervangt Rutgers Tol. Vanaf 2:32 sluit Van Der Weijden het weer af. Eigenlijk komt al hetgeen hun samenspel kenmerkt hier nog eens terug. Hoewel dit niet lijkt geïmproviseerd is het wel opwindende jazz.
Bassist (en bandleider) Laurens Tol mikt met dit ook qua spanningsopbouw uitgebalanceerde debuut op een select publiek: naast jazz-aficionado’s ook popmuziekliefhebbers die het grensgebied met jazz opwindend vinden. Zelf is hij net als veel muzikanten binnen de jazz-fusion natuurlijk ook opgegroeid met rock- & popmuziek. De ‘coolere’ saxofoon van Van der Weijden en de lengte van de tracks die binnen de radio-range van het popliedje blijven, houden het album toegankelijk en radiovriendelijk.
En live was op vrijdag 5 april jl. in het Strandbad Paviljoen (Edam) te horen dat er nog meer in zit. Zou Tol binnen een mogelijk vervolg in deze bezetting uiteindelijk de controle losser durven te laten richting een meer experimentelere stijl? A leap of faith geïnspireerd door de jazzgigant van de electrische bas Jaco Pastorius (1951 -1987), die ook op het debuut van Pat Metheny meespeelde? Ik ben daar wel nieuwsgierig naar. Daarvoor zal het aantal gezamenlijke vlieguren wel dienen te worden opgeschroefd. Overigens wil ik mij uiteraard nergens mee bemoeien.
The Four Trees is een geïnspireerd en tevens spiritueel album. Om haar sterke eigen muziekcultuur kwalitatief verder te ontwikkelen heeft Volendam meer mensen als Laurens Tol nodig. Muziek is een serieuze zaak.
Marcel Tuyp




