De bizarre ‘treinrit’ van Micky van de Ven: de ‘parel van twee à drie miljoen’
De Keuken Kampioen Divisie geldt al decennialang als kraamkamer voor binnen- en buitenlandse talenten en ook dit seizoen lopen er op het tweede niveau weer veel voetballers met potentie rond. Voetbalzone, de officiële mediapartner van de Keuken Kampioen Divisie, licht om de twee weken een van deze talenten uit, met deze keer aandacht voor Micky van de Ven, de parel van FC Volendam.
De mondhoeken van Micky van de Ven krullen omhoog. “Alles is nog steeds niet helemaal normaal geworden eigenlijk. Ik zit in een trein die blijft rijden en het gaat echt nog wel lang duren voordat het allemaal normaal wordt”, zo klinkt het vervolgens met een voorzichtige lach. In het begin van het seizoen hadden waarschijnlijk nog weinig mensen van de achttienjarige verdediger gehoord. Inmiddels wordt hij bestempeld als een van de grootste verdedigende talenten van de Keuken Kampioen Divisie, of zelfs Nederland, passeert zijn naam praktisch wekelijks de revue in de voetbalpraatprogramma’s en werd hij reeds vergeleken met Matthijs de Ligt. “Soms sta ik er wel bij stil, als mijn vader of moeder zegt: ‘Mick, wat is het allemaal snel gegaan’. Niet normaal, dat besef je soms niet. Het verschil tussen het begin van het seizoen en nu is bizar. Er kan haast geen grotere stap zijn. Met mijn vader, moeder, zus, vriendin, zwager en beste vriend heb ik het er wel over, ik wil het in een kleinere kring houden. FC Volendam begeleidt me ook goed. Er komt veel op me af, meer dan wat er gebeurde. Mensen sturen me berichtjes en spreken me in het dorp aan dat ze nu Volendam aan het volgen zijn. Dat is allemaal leuk, ik heb tot nu toe geen negatieve ervaringen. ”
In het begin van het seizoen zag het er nauwelijks naar uit dat de carrière van Van de Ven deze stormachtige wending zou nemen. De in Wormer geboren verdediger begon zijn loopbaan bij de plaatselijke WSV’30, tot FC Volendam hem in 2013 oppikte. Hij doorliep de jeugdopleiding in het vissersdorp, maar merkte de afgelopen twee seizoenen, in de Onder-17 en Onder-19, dat zijn ontwikkeling stagneerde en het plezier in het voetbal daarmee verdween. “Dat lag ook aan het niveau, omdat ik iets hoger had gekund. Ik trainde wel met hogere teams mee, maar ik speelde met mijn eigen team. Wim (Jonk, red.) en Ruben (Jongkind, red.) hebben uiteindelijk ook aangegeven dat het misschien beter was geweest als ik op jongere leeftijd al met hogere teams had meegedaan. Ik miste de uitdaging en vorig seizoen verloren we met de Onder-19 ook veel, waardoor het soms moeilijk was om tijdens trainingen echt tot het gaatje te gaan. Dat was een jaar waar ik doorheen moest bikkelen.”
Dat Van de Ven uiteindelijk volhield, was voornamelijk te danken aan zijn vader Marcel. “Hij heeft de moed erin gehouden en me voorgehouden: ‘Je weet nooit wat er gaat komen. Je zit iedere wedstrijd bij de beste spelers van het team, dus je moet doorgaan en voor je het weet gebeurt er ineens iets’. Het heeft uiteindelijk goed uitgepakt”, glimlacht Van de Ven. Het was voorafgaand aan deze jaargang echter de bedoeling dat hij nog een jaar in de Onder-19 zou gaan doorbrengen. ‘Een teleurstelling’, zo noemt hij het zelf, maar hij hield zich vast aan het feit dat het hoogste jeugdelftal van Volendam gedegradeerd was en dat hij aan het einde van het seizoen hoe dan ook zou overgaan naar het beloftenteam in de Tweede Divisie. Dat Van de Ven toch afgelopen zomer al mocht aansluiten bij Jong Volendam, had hij voornamelijk te danken aan één man: Wim Jonk. De huidige hoofdtrainer had hem zien spelen in de Onder-19 en was bijzonder gecharmeerd geraakt.
“Dat gaf me extra motivatie om beter mijn best te doen, omdat hij het misschien wel in mij zag zitten. In het begin dacht ik wel: het is niet zomaar niemand die dat tegen je zegt. Het is wel de Wim Jonk die even met jou om de tafel wil zitten om je naar Jong te halen, omdat hij het in je ziet zitten. Dat was wel een eer, moet ik zeggen.” Van de Ven kreeg direct de aanvoerdersband bij Jong Volendam en zou uiteindelijk slechts zes wedstrijden spelen, voordat de volgende stap in zijn nog prille loopbaan wachtte. Om te benadrukken dat de Tweede Divisie ‘geen kleine competitie’ is, haalt hij de uitwedstrijd tegen Quick Boys in de derde speelronde aan. “Daar stonden een paar duizend man langs de lijn. In het begin dacht ik wel even: wow, wat gebeurt hier? Daardoor begon ik ook niet helemaal scherp, ik veroorzaakte een strafschop. Er wordt niet altijd even positief gekeken naar de Jong-ploegen in de Tweede Divisie en de trainer had al gewaarschuwd dat ze alles op alles zouden zetten om te winnen, met de fans er bovenop. Er spelen best veel oud-profs in de Tweede Divisie en dat heeft me wel goed gedaan, vooral in fysiek opzicht. Maar dat zijn ook jongens die je uit de wedstrijd proberen te halen, door tegen je te praten of met andere kleine trucjes. Ik vond dat ook wel mooi om mee te maken, om tegen van die slimme mannetjes te spelen.”
“De entourage heeft me heel erg gemotiveerd, ik had zoiets van: hier heb je het toch voor gedaan. In de jeugd speel je voor je ouders en een paar trainers. Als je voor fans speelt, merk je dat dat het spelletje leuker maakt. Het leeft meer, je hebt iedere wedstrijd meer zin om te zorgen dat het hele stadion aan het juichen is. Ik had het ook tegen Go Ahead Eagles in De Adelaarshorst en bij Cambuur-uit, zo’n gevoel van: waar sta ik nou? Waar ben ik beland? Ik heb best wel snel kunnen schakelen, ik wende eraan en was niet echt bezig met het publiek”, gaat Van de Ven verder. Het is een van de onderwerpen die ter sprake is gekomen tijdens de zogenaamde koffiesessies met vader Marcel, die afgelopen seizoen meer dan eens hebben plaatsgevonden. Zo ook toen Van de Ven op 27 september in de thuiswedstrijd tegen SC Cambuur (0-4 nederlaag) voor het eerst bij de wedstrijdselectie zat, een week later tegen Jong PSV (3-1 nederlaag) zijn debuut maakte als invaller en twee weken daarna naar nu blijkt definitief een basisplaats veroverde na de uitwedstrijd tegen Go Ahead Eagles (3-0 nederlaag).
“Dan gaan we samen zitten met een kop koffie erbij, om alles even te laten bezinken. Mijn debuut had ik bijvoorbeeld op dat moment totaal niet verwacht. Ik zat op de bank, we gingen rusten en ineens kwam Wim naar me toe om te vertellen dat ik moest warmlopen en er direct in de tweede helft in zou komen. Ik wist niet wat me overkwam. Het was niet mijn beste helft, fysiek en conditioneel was het heel zwaar, we verloren en ik was totaal niet tevreden. Natuurlijk was ik blij met mijn debuut. Maar toen ik thuis kwam, ging ik op de bank liggen en zei ik tegen mij moeder: ‘Mam, ik weet het niet. Ik heb een dubbel gevoel. We hebben verloren, ik heb geen beste helft gespeeld, maar wel mijn debuut gemaakt’. Zij was helemaal blij, maar ik moest het even laten bezinken”, legt hij uit. Dat zijn basisdebuut met een nederlaag op bezoek bij Go Ahead Eagles ook eindigde in een nederlaag, ervoer Van de Ven als ‘mentaal zwaar’. Ook omdat de selectie qua resultaat op dat moment in een dalletje zat.
Door Chris Meijer
