GGD: Bron- en contactonderzoek deels in handen van besmette persoon zelf

GGD’en kunnen overgaan op een risicogestuurde werkwijze voor het doen van bron- en contactonderzoek. Deze werkwijze, een professionele prioritering, past binnen de richtlijn bron- en contactonderzoek (bco) van het RIVM. GGD’en kunnen overgaan op deze werkwijze wanneer het aantal besmettingen in hun regio te snel oploopt. Op deze wijze worden alle mensen die een risico (kunnen) vormen in de verspreiding van het virus zo snel mogelijk bereikt. Op dit moment werkt de regio Haaglanden op deze werkwijze.
Op dit moment overstijgt het aantal testen en het besmettingspercentage in de regio Haaglanden de verwachtingen. De GGD’en in Nederland zijn fors opgeschaald en ook is er landelijke capaciteit beschikbaar voor het ondersteunen van de GGD’en bij bron- en contactonderzoek. De opschaling van de GGD’en ligt op schema en gebeurt op maximaal tempo. De combinatie van een stijging van het aantal bco’s in Nederland en forse pieken in de besmettingsgraad in bepaalde regio’s maken dat er soms een andere werkwijze nodig is.
De nieuwe werkwijze
In deze werkwijze worden de besmette persoon (index) en diens nauwe contacten (bijvoorbeeld huisgenoten) zo snel mogelijk gebeld. Dat geldt ook voor alle contacten die kwetsbaar zijn, bijvoorbeeld ouderen of mensen die in de zorg werken.
De contacten met minder risico krijgen ook snel bericht, maar die krijgen dat direct van de besmette persoon. De GGD helpt de besmette persoon hierbij met schriftelijk materiaal. En contacten kunnen voor meer informatie of uitleg altijd de GGD bellen.