Rancune is de ideale voedingsbodem voor radicalisering en populisme (COVID-19)
Change in times of Corona - part 25 over onderdrukt conflict.
Vier maanden geleden verwonderde ik me in een post over het uitblijven van jongerenprotest. Kennelijk was ik veel te vroeg. Met #ikdoenietmeermee heeft een boze voorhoede nu alsnog (explosief) van zich laten horen.
Vanuit de 'dialectische verandermotor' (Van de Ven & Poole, 1995) kan deze eruptie van weerstand worden verklaard uit een 'onderdrukt belangenconflict' en maandenlang opgekropte frustratie en verongelijktheid. Als machtige mensen minder machtigen dwingen in hun richting mee te bewegen, maar hen geen perspectief bieden, dan voedt dat rancune en lijdzaam verzet. Voeg daarbij de neerbuigende en beschuldigende 'mediatoon' richting de jeugd plus het vooruitzicht dat juist zij een grote economische prijs gaan betalen. Kennelijk is dat nu wel tot ze doorgedrongen. Resultaat: een uitbarsting van openlijk verzet via 'hun' sociale media. Daar grijpen ze nu hun kans 'to talk back to power' - hoe onhandig misschien ook.
Maar 'schoppen' is paradoxaal genoeg ook een vorm van betrokkenheid tonen. En dus een laatste kans om ze aan boord te houden. Want 'ongebluste' rancune is helaas de ideale voedingsbodem voor radicalisering en populisme. Dan wordt het pas echt lelijk.
Prof. W. van Olffen