Landelijke politiek: 'Alleen nog maar windmolens met steun omwonenden'

De politiek neemt zich voor om alleen nog maar windmolens en zonneparken op het land te bouwen als daar ook steun voor is bij de omwonenden. Uit de verkiezingsprogramma's van de verschillende partijen blijkt dat een meerderheid wil voorkomen dat ze aangelegd worden tegen de zin van de burgers. Maar hoe krijg je omwonenden mee? Sommige partijen willen ze er financieel van laten profiteren.
Burgers lopen de laatste jaren steeds vaker te hoop tegen de in hun ogen lelijke en overlast veroorzakende windturbines en velden vol zonnepanelen. Maar om de klimaatdoelen te halen zijn deze duurzame vormen van energieopwekking wel nodig, vindt een meerderheid van de politiek. In het klimaatakkoord is niet voor niets afgesproken dat de CO2-uitstoot de komende jaren met 45 procent omlaag moet.
Het liefst op zee
Om dat te bereiken wil de VVD, net als andere partijen, het liefst alleen nog maar grootschalige windparken bouwen op zee. Zonnepanelen moeten vooral op daken worden aangelegd, niet op de grond. "Voor het bouwen van zonneparken en windmolens op land is het creëren en verkrijgen van draagvlak onder de lokale bevolking een voorwaarde", staat in het verkiezingsprogramma van de liberalen.
Ook het CDA vindt dat altijd eerst de directe omgeving moet worden geraadpleegd voordat er een windturbine of zonnepark wordt aangelegd. Natuur- en landbouwgronden moeten zo veel mogelijk worden ontzien.
Ook D66, ChristenUnie en de Partij voor de Dieren vinden dat duurzame energieprojecten op het land zorgvuldig en in samenspraak met bewoners moeten worden uitgevoerd en dat ze er geen hinder van mogen ondervinden. Voor de Partij voor de Dieren geldt dat niet alleen voor mensen, maar ook voor dieren. Regelmatig vliegen vogels tegen de wieken van windturbines.
Aandelen
GroenLinks wil juist de steun onder omwonenden stimuleren door ze aandelen te geven bij publieke projecten voor wind- of zonne-energie. Als lokale ondernemers of bewoners met elkaar aan energieopwekking willen doen, krijgen ze goedkope leningen en hoeven ze aan minder strenge eisen te voldoen.
