Naar de inhoud

Mona Keijzer: ‘Wat hoop ik dat we straks weer kermis kunnen vieren’

Bron: NIVO

Mona Keijzer bevindt zich al meer dan een jaar in de heftigste fase van haar politieke loopbaan. Als demissionair staatssecretaris van economische zaken komt de 52-jarige Volendamse voor bizarre uitdagingen te staan die gepaard gaan met de vermaledijde coronapandemie. Verder staan volgende week woensdag natuurlijk de Tweede Kamer-verkiezingen op het programma, met Keijzer op plek 7 van de CDA-lijst. Wat zijn haar plannen voor de komende jaren en hoe houdt ze haar rug recht in deze slopende tijd?

Het is woensdagavond half 7 als Mona Keijzer na enig oponthoud haar telefoon opneemt voor een videogesprek. Eigenlijk zouden we - bij hoge uitzondering - afspreken in restaurant Smit-Bokkum in Volendam. Maar daar kwam op het laatste moment verandering in. ,,Ik rijd nu pas terug uit Den Haag”, vertelt ze vanaf de achterbank van haar dienstauto. ,,Er komt nog een overleg tussendoor dat echt niet kon wachten. Ik probeer er zo snel mogelijk te zijn.”
In de tussentijd praten we verder via WhatsApp-video.

Hoe zou je jouw afgelopen maanden – op het gebied van werk – omschrijven?

,,Drama. Echt verschrikkelijk. Hoe een virus een complete maatschappij op z’n kop kan zetten. Alles wat ooit vanzelfsprekend en heilig was, is 180 graden gedraaid. En de effecten daarvan op alle geledingen binnen de maatschappij, zijn bizar. Natuurlijk moet je alles doen wat binnen je macht ligt om te voorkomen dat mensen op de intensive care terechtkomen, maar het is minstens net zo belangrijk om oog te blijven houden voor de economische en maatschappelijke gevolgen van deze crisis. Dat zeg ik ook steeds tijdens de discussies die we voeren met het kabinet. Gelukkig is dat besef inmiddels bij iedereen doorgedrongen.”

Denk je dat we op termijn terug kunnen naar hoe het anderhalf jaar geleden was?

,,Ik hoop het wel. Oh boy, wat hoop ik dat we in september weer te kermis kunnen in Volendam. De voortekenen zijn wat dat betreft positief, al weet je nooit wat die mutaties gaan doen. Als de vaccins volgens plan geproduceerd en gedistribueerd blijven worden en mensen zich laten inenten, dan zijn we ergens in het voorjaar klaar met het vaccineren van de mensen die een verhoogd risico lopen om op de IC te belanden. Daardoor wordt de druk op de zorg verlaagd en kan er steeds meer. Ik ben van economische zaken, dus probeer wat dat betreft voortdurend de grenzen op te zoeken. Ook omdat deze crisis ons eens te meer leert dat de economie van grote waarde is voor ons welzijn. Van de delen van de economie die zo bepalend zijn voor je gemoedstoestand, kunnen we nu geen gebruik maken. En dat willen we allemáál weer. Even uiteten, een biertje halen, naar de film, lekker op vakantie…”

Lees meer in de NIVO door Nick Tol.

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.