In memoriam Cees Krol
Ons bereikte het bericht dat Cees Krol op de gezegende leeftijd van 87 jaar is overleden. We wisten al enige tijd dat Cees ernstig ziek was, maar de schok was toch wel erg groot.
Als we terug gaan in de historie van EVC kunnen we wel zeggen dat Cees een belangrijke rol heeft gespeeld in de ontwikkeling van de club, als mens, en als prominent lid. Hij is niet voor niets benoemd tot erelid van EVC. Hierbij is hij enorm gesteund door echtgenote Annie. Vaak traden zij als een twee- eenheid op.
Als ik het stukje in het jubileumboek ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van EVC lees, heb ik hieraan eigenlijk weinig toe te voegen. Maar dit zou te gemakkelijk zijn. Temeer omdat ondergetekende Cees ook persoonlijk goed gekend en meegemaakt heb.
Laat ik beginnen met het gegeven dat ik Cees al heel vroeg kende als vriend van mijn oudste broer. Verder volgde ik de prestaties van het eerste elftal waarin Cees ook zijn plaats had gevonden. Al op vrij jonge leeftijd werd Cees secretaris van de vereniging. Dat betekende heel veel organiserend werk. Er waren toen nog geen wedstrijdsecretaris , jeugdcommissie en geen moderne communicatiemiddelen en er was zelfs nauwelijks telefoon. Hij heeft dit 10 jaar volgehouden. Hoogtepunt in deze periode was de voorbereiding van de verhuizing van het oude naar het nieuwe huidige complex. Dit heeft wel 7 jaren geduurd.
Cees was er ook verantwoordelijk voor dat ondergetekende in het bestuur plaats nam na een persoonlijk gesprek, kenmerkend voor de werkwijze van de mens Cees Krol. We hebben nog samen een jaar in het bestuur gezeten. Daarna was de rol van Cees nog lang niet uitgespeeld. Om de overgang van oud naar nieuw financieel mogelijk te maken werden er bouwdagen georganiseerd. De rol van voorzitter van de commissie werd in 1978 door Cees van mij overgenomen en heeft dit enkele jaren gedaan.
Jarenlang is de EVC-Corner het communicatieblad van EVC geweest. Cees heeft samen met Annie hier zeer veel werk verricht van het schrijven van teksten, het uittypen (werk van Annie) en het verspreiden onder de leden. Niet onvermeld mag blijven dat Cees 15 jaren lang de ledenadministratie heeft bijgehouden en samen met Jan van de Nes het archief heeft opgezet.
Sportief gezien is Cees nog heel lang actief gebleven als speler van het roemruchte zesde elftal. We hebben heel wat kampioenschappen en vele bruiloften (dat heb je met een oudere spelersgroep) meegemaakt.
Tot kort geleden was Cees nog een trouwe bezoeker van de EVC-kantine, in de rust en na de wedstrijden van het eerste elftal. Het trouwe groepje en heel EVC, na een unieke lidmaatschapsduur van 74 jaar, zal Cees enorm missen.
Cees, rust in vrede.
Cees Frikkee, mede namens het bestuur van EVC.
Voor het jubileumboek bij het 100-jarig bestaan werden Cees en Annie door Dick van Straaten en Jan van de Nes geïnterviewd. De tekst van dat interview is hieronder terug te lezen.
'Er is maar één club en dat is EVC'
Ze vullen elkaar feilloos aan, Cees en Annie Krol, het stel dat zich decennialang op vele manieren verdienstelijk heeft gemaakt voor EVC. Omdat Cees als secretaris wel wat ondersteuning kon gebruiken, ging Annie hem helpen. Van het een kwam het ander: secretariaatswerk, het clubblad, de ledenadministratie, de Jaarmarkt, vuilnisbakken legen met de Grijze Ploeg: het werk bij EVC hield nooit op. Maar ze kregen er veel voor terug.
Cees werd in 1947 lid van EVC. Dertien jaar was hij toen, en vol bravoure. ‘Mijn ouders wilden niet dat ik ging voetballen, ondanks het feit dat mijn vader jaarlijks een gulden (0,45 euro) aan EVC doneerde. “Ze schoppen je in tweeën”, zeiden ze. Maar ik voetbalde al een tijdje op een schoen en een klomp op het veldje naast de Ambachtsschool. Op mij achttiende kwam ik in het eerste, maar door mijn militaire dienst moest ik in het tweede gaan voetballen. Dat deed ik tot 1967. Ik sloot mijn voetbalcarrière af in het roemruchte Zesde. Dat was een oergezellige tijd, want er was altijd wel ergens een feestje.’
In 1967 werd Cees gevraagd om toe te treden tot het bestuur. Een hele beslissing voor iemand van 33 jaar die met werk en gezin toch al een druk bestaan leidde. Maar Cees twijfelde niet. Als secretaris diende hij tien jaar lang de club die hem zo aan het hart gaat. In die tien jaar maakte hij veel mee. Gevraagd naar hoogtepunten noemt Cees direct de realisatie van het nieuwe complex aan de Keetzijde in 1978. Cees: ‘Dat was heel veel werk, waar we bijna zeven jaar over hebben gedaan. We voerden geregeld overleg met wethouder Albert Veerman.
Op een avond kwamen Jan Medik en ik terug van een bespreking die in onze ogen niet bevredigend was verlopen. Jan en ik praatten er nog druk over na, toen een jongen ons pad kruiste en mij op wat klagerige toon liet weten dat de douchekop van kleedkamer 5 kapot was. Moet je je voorstellen! Wij zaten midden in de onderhandelingen over een tonnen kostend bouwproject, en dan zo’n vraag over een douchekop! Natuurlijk stond ik hem rustig te woord en beloofde ik hem het te zullen regelen.
Jan Medik was zéér verbaasd: “Cees, dat je dat kon! Ik zou hem al lang een draai om z’n oren hebben gegeven!” Ja, mooi was dat. Overigens wisten wij het plan van de gemeente om het nieuwe complex te bouwen op de plaats waar vroeger de ijsbaan lag te dwarsbomen. En bij de overgang naar de Keetzijde namen we de oude lichtmasten mee. De bouten waren vastgeroest, maar we gebruikten cola en kauwgom!’ De middelen van een secretaris waren omstreeks 1970 veel beperkter dan tegenwoordig. ‘Er was namelijk geen telefoon. Op zaterdag fietste ik heel Edam door op zoek naar chauffeurs en scheidsrechters. Toen kwam Piet Bierdrager. Hij zette samen met mensen als Wim Breed een jeugdcommissie op. Dat verlichtte mijn werk zeer!‘
De naam Piet Bierdrager is gevallen. Annie (geb. 1935) werd door hem benaderd om vrijwilligerswerk te doen. Dat deed ze eigenlijk al, omdat ze Cees ondersteunde en ook in de kantine haar diensten draaide (‘ik moest bier tappen, want men zei dat ik dat het beste kon’), maar nu kwam er een belangrijke taak bij: het maken en verspreiden van de Corner. Wekelijks moesten maar liefst 650 exemplaren in brievenbussen worden gedeponeerd en op vaste meeneemplekken worden gelegd.
De verspreiding gebeurde volgens een vast schema, met ‘wegbrengers’ (Piet Sombroek, Cees en Piet Springer, Ruud van Leeuwen, Willem Jonkman) die de bladen bij de dertig bezorgers afleverden. ‘De tassen met Corners waren zo zwaar’, zegt Cees, ‘dat ik een keer tegen Piet Sombroek zei: “Vandaag of morgen sodemieter ik nog eens met die zware tas van de trap!” Een hele organisatie dus, maar Annie blijft er bescheiden onder. Cees ook trouwens, al laat hij terloops weten dat hij de kopij van de eerste Corners schreef en dat Annie de teksten uittypte en naar Besseling bracht voor het ‘stencillen’ van de bladen. Zo ging dat toen.
Vijftien jaar lang is Annie coördinatrice van de Corner geweest. Ze stond geheel achter de beslissing om de Corner te digitaliseren. Ze heeft zelfs een lap top aangeschaft om de Corner te kunnen lezen.
Cees hield vijftien jaar de ledenadministratie bij en was ook nog eens jarenlang voorzitter van de EVC Jaarmarkt. Ook leidde hij het derde elftal naar het kampioenschap. Je vraagt je af waarvoor Cees en Annie het allemaal deden. Ja, hun kinderen voetbalden bij EVC. Maar er is meer.
Cees: ‘Je ontleent ontzettend veel plezier en liefde aan de club. Je ontmoet er veel mensen en daar leer je veel van. Je leert de families kennen. Cor en Maartje Groot, die zeer veel voor de club hebben betekend, kennen we bijvoorbeeld via EVC. Natuurlijk is het besturen van een club mensenwerk en mensen maken fouten. Daar werd vaak over geklaagd, maar dan zei ik: “Mensen komen en gaan. De club is er altijd. Ik doe het voor de club en dan pas voor de mensen.” Er is in mijn hele leven maar één club geweest en dat is EVC.’
Hebben Cees en Annie nog adviezen voor EVC-bestuurders? ‘Erg belangrijk is dat het bestuur aan ledenwerving doet. EVC heeft veel senioren en steunende leden verloren. Er moet actief beleid komen – reclame maken, laten zien wat je doet - om oud-EVC-spelers terug te halen. Verder is het belangrijk om draagvlak onder de leden te creëren. Spreek mensen persoonlijk aan, want dat helpt om vrijwilligers te werven. Als het bestuur voor lastige keuzes staat, vraag eerst de mening van de leden alvorens besluiten te nemen. Veel rapporten zijn zo in de bureaula verdwenen omdat er geen draagvlak was.’
