Naar de inhoud

Daan Klaassen (47) en regenboog lori Knarrie (15)

Bron: Stadskrant

Edammer Daan Klaassen heeft in zijn leven al heel wat vogels gehad. En nog steeds. Op dit moment heeft hij twee koppeltjes. Een van de mannetjes is Knarrie. En over Knarrie gaan we het hebben want met deze regenboog lori deelt Daan al vijftien jaar lief en leed. De officiële benaming van deze prachtig gekleurde vogel luidt ‘lori van de Blauwe Bergen’. En met zo’n naam ben je natuurlijk al vrij bijzonder maar Knarrie is meer dan alleen een chique naam en een fraai uiterlijk.

“Knarrie is heel actief, nieuwsgierig en behoorlijk tam”, vertelt Daan. “En hij is heel sociaal. Als ik hem los laat in de woonkamer komt ie altijd gezellig bij me zitten.” Wat ook heel fijn is is dat Knarrie gewoon heel lief is. Want Daan laat weten dat zijn andere vogels soms wel eens bijten, maar Knarrie doet dat nooit. “Hij is heel aanhankelijk en erg op mij gesteld. Als ie merkt dat ik het huis wil verlaten maakt ie een bepaald soort geluid. Een piepje. Dat is zijn manier om te zeggen dat ie het niet leuk vindt dat ik weg ga. Hij is niet eenzaam hoor, hij zit met zijn vrouwtje samen in een kooi. Maar hij vindt het fijn als ik ook thuis ben. Wat Knarrie het liefste doet is een sperzieboontje pikken dat ik dan op de rand van mijn bord neerleg. Hij is echt dol op sperzieboontjes.”

Het oorspronkelijk leefgebied van de lori van de Blauwe Bergen is het oosten en zuidoosten van Australië en Tasmanië. Het verhaal gaat dat ze hun oorsprong vinden in het Blue Mountains National Park waar veel eucalyptusbomen groeien die bekend staan om hun blauwgrijze kleur. Vandaar die bijzonder mooie naam ‘lori van de Blauwe bergen’. Maar dat is niet de reden dat Daan vijftien jaar geleden koos voor Knarrie toen hij in de dierenwinkel kwam om te informeren naar vogels.

“De eigenaar liet weten dat hij een heel geschikte vogel voor me had. Toen ik mijn arm in zijn kooi stak kwam hij meteen op m’n hand zitten. Eigenlijk hadden we vanaf dat moment meteen een band met elkaar. Ze zeggen dat deze vogels wel twintig tot dertig jaar kunnen worden dus ik hoop nog heel lang van Knarrie te kunnen genieten.”
Vandaar dan ook dat Daan Knarrie nooit even buiten los laat vliegen. “Dat risico neem ik niet. Mijn vogels zullen niet direct ver weg vliegen maar je weet maar nooit. Daarom laat ik ze alleen los vliegen in huis en zorg ik dat alle ramen en deuren goed dicht zitten.”

Eenmaal ging dat bijna mis vertelt Daan. “Toen had ik blijkbaar toch een raampje niet goed dicht gedaan en zag ik Knarrie en zijn toenmalige vrouwtje in de tuin van de benedenburen zitten. Maar gelukkig kwam het vrouwtje snel terug naar de kooi omdat ze op dat moment jongen had. Maar met Knarrie duurde het iets langer voor ik hem weer binnen had. Je moet niet hebben dat het donker wordt want dan kunnen ze zich niet goed meer oriënteren. Dan raken ze de weg kwijt en komen ze niet meer terug. Maar gelukkig wist ik toen op tijd Knarrie weer naar huis te lokken.”

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.