Laten we open en ruimhartig zijn naar Oekraïense bewoners!
Sinds 25 jaar woon ik aan de achterkant van de Meermin of zoals ik het ook graag met een grap benoem: de Meermin staat in mijn achtertuin. De geluiden van de vorige bewoners waren hooguit oud Hollandse liedjes of een muzikant die een optreden verzorgde. Nu hoor ik kinderen spelen en lijkt het geluid op een schoolplein.
Een paar weken geleden nodigde een buurvrouw mij uit om kennis te maken met twee Oekraïense schoonzussen waar zij bevriend mee is geraakt. De schoonzussen willen graag meer buurtbewoners leren kennen en nodigen buren uit om samen te eten. De buurvrouw stelt haar keuken en tuin ter beschikking.
Graag neem ik de uitnodiging in ontvangst. Bij aankomst zijn de twee schoonzussen druk in de keuken in de weer, hun drie kinderen (tussen de 7 en 9 jaar ) spelen binnen.
Om de buren weer te zien en spreken met een drankje en een maaltijd is al een feest op zich. Na twee jaar corona en nu onze kinderen allemaal 16+ zijn, is ons contact van ‘wijntje op het pleintje’ veranderd tot een groet in het voorbijgaan. De ene schoonzus, tandarts van beroep en Engels sprekend, komt naast mij zitten.
Zij vertelt mij dat zij beiden in een plaatselijke supermarkt werken, de ene overdag en de ander in de middag/avond. Zij wisselen elkaar af en zorgen voor elkaars kinderen. Beiden werken vijf dagen in de week.
Naast Nederlandse les leren zij in de supermarkt ook Volendams.
De andere schoonzus komt naast mij zitten, zij is personeelsmanager en spreekt alleen Oekraïens. Lang leve de vertaal-App!
Ik vraag haar of zij trots en tevreden was over de gezamenlijke maaltijd en de ontmoeting. Ja antwoord ze. Ik zie een verdrietige blik en vroeg haar naar de dubbele gevoelens van deze maaltijd. Ja zegt zij: ik mis mijn man en mijn zoon van 20.
Zij vertelt dat hun mannen broers zijn en op 20 km afstand van de kerncentrale wonen waar gevochten wordt. De schoonzussen leven in constante angst en hebben veel contact met het thuisfront.
Deze avond was voor mij indrukwekkend. Ik stel mij voor hoe ik het zou vinden met mijn Volendamse schoonzus en kinderen in een vreemd land met een taal waar geen enkele aanknopingspunt in het Nederlands te vinden is. In een kamer van ongeveer 30 m2 met alleen stapelbedden. En dat er in de buurt van Edam- Volendam gevochten wordt bij een kerncentrale op een afstand gelijk aan Amsterdam.
Sinds deze avond heb ik whatsapp contact met de schoonzussen. Ik app in het Nederlands en ontvang ook in het Nederlands vertaald berichten terug. De vertaling levert soms hilarische teksten op. Maar we zijn in contact.
Hun verhaal raakt mij enorm en wat mij ook enorm raakt zijn de negatieve verhalen die de ronde doen over de Oekraïense Meermin bewoners. Er is sprake geweest van een fietsincident, dit berustte op een misverstand maar is opgelost. Bij fietsen die nu gestolen worden krijgen de Oekraïense buren de schuld. Zonder fact-check wordt dit als waarheid overgenomen.
Het is makkelijk om mensen die je niet kent de schuld te geven en gelijktijdig spelen wij de dieven in de kaart want de focus is verlegd.
Toen de Oekraïense buren in het vroege voorjaar kwamen voelden zij zich zeer welkom. Onze gemeenschap is zeer vrijgevig en behulpzaam geweest om de opvang zo goed mogelijk te organiseren. Naast vrijgevig zou nu het woord ruimhartig een mooi streven zijn om weer in ere te herstellen.
Terwijl ik dit schrijf is het 30 graden. Ik heb de tuindeuren open en hoor de kinderen spelen, de ventilator staat aan. De Oekraïense buren kunnen, vanwege verouderde elektriciteit en daardoor brandgevaar, geen ventilator en koelkast in hun kamer gebruiken.
De 90 kinderen hebben schoolvakantie en vermaken zich in de tuin en met elkaar. De zon staat vol op de gevel van de Meermin. Ik pak een ijsje uit mijn vriezer en deze is heerlijk maar smaakt nu met deze kennis anders.
Susanne, buurtbewoner van de Meermin
