Een ‘Vestinkie om’ met Daan Keijzer
Niets is lekkerder dan op een onstuimige dag binnen te zitten en te schrijven. Maar daarvoor zal ik toch eerst een ‘vestinkie om’ moeten gaan. Weer of geen weer, in goed gezelschap gaat dat makkelijker. Daan appt me een uur voor onze afspraak: ‘Zal ik je zo komen halen?’ En zo komt hij op de afgesproken tijd, om vanuit de Baanstraat naar zijn favoriete plek in Edam te lopen. Naar de kerktuin onder de Speeltoren in de Kleine Kerkstraat.
Weliswaar niet geboren en getogen in Edam, maar toch zo geworteld op een plek als deze toen hij in zijn kindertijd met hun gezin via meerdere omzwervingen onder de Speeltoren terecht kwam. Geboren in Lutjewinkel en via Liberia (Afrika) en een paar jaar Limburg uiteindelijk in Edam terecht gekomen zo rond zijn vijfde levensjaar. “We waren naar Afrika verhuisd voor mijn vader zijn werk, tot er daar een burgeroorlog uitbrak. Toen zijn we, met mijn inmiddels daar geboren jongste broertje via Frankrijk gevlucht, om daar vanuit mijn grootouderlijk huis uiteindelijk in Limburg terecht te komen.” Foto Cor Kes www.luxphotography.nl.
“Het waren vrienden van mijn ouders die voor ons de brug sloegen tussen Limburg en Edam. Mijn moeder ontmoette deze vriendin via haar werk in de verpleging. Zij attendeerde mijn vader op een baan in Edam, die hij met beide handen aangreep. We verhuisden naar de Molenbuurt in Edam. Die vrienden woonden in de Kleine Kerkstraat, pal naast hun ouders, die in het hoekhuis aan de kerktuin woonden. Dat huis kwam toen kort daarna in de verkoop en op die manier hebben wij het kunnen kopen!
Met een zachte G
We lopen richting het busstation terwijl we praten over zijn plek onder de Speeltoren. “Dat is de plek waar ik vanaf ongeveer mijn zesde tot mijn 21e jaar heb gewoond. Als je bedenkt dat ik daarvoor al meerdere verhuizingen had meegemaakt in mijn jonge leventje, en ook nog een vlucht vanuit een burgeroorlog, was het heel fijn om die vastigheid te ervaren op zo’n fijne plek. Ik heb het weliswaar niet allemaal zo bewust meegekregen omdat ik klein was, maar ik geloof toch echt dat het contrast tussen de onrust daar en de rust hier voelbaar was”.
Het aarden in Edam ging niet vanzelf. Als klein jongetje dat, toen nog, sprak met een zachte G, was het best even wennen en aanpassen aan een kleine gemeenschap als Edam. Mede dankzij deskundige onderwijzers op de lagere school, wist hij zijn draai te vinden. Maar het waren vooral Daan zijn verbindende en open eigenschappen, die er voor zorgden dat hij in een mum van tijd werd opgenomen door een grote groep Edammer jongeren.
Saamhorigheid
“Het is de verbinding met Edammers onderling die zo waardevol is”, deelt Daan met mij als we de Noordervesting oplopen. “Dat gebeurt bij een ontmoeting bij de bakker, een praatje op de kermis of op het moment dat je de Prinsenbar binnen loopt tot de betrokkenheid bij echte Edammer verenigingen als Bosvolk en EVC.” In zijn jeugd was hij bij beide verenigingen vaak te vinden. Als kind genoot hij van de activiteiten en ook later droeg hij vrijwillig bij aan de organisaties.
De mensen die hij vanaf die tijd heeft ontmoet, ziet hij nog steeds wekelijks bij EVC. Er vallen in de loop der jaren mensen af en er komen mensen bij, maar de basis blijft redelijk stabiel. De betrokkenheid als vrijwilliger daarentegen is door de jaren heen wel erg veranderd. “Als ik kijk naar de tijd dat ik jong en vrijwillig betrokken was, was er veel meer saamhorigheid. Nu als bestuurslid van EVC merk ik dat het lastiger wordt om vrijwilligers met elkaar in beweging te krijgen voor een gemeenschappelijk hoger doel. We hebben het allemaal druk, maar ook de mentaliteit is veranderd.”
Bijdragen aan Edam
Dat ziet Daan ook terug in zijn werk. Bij een voor- naschoolse dagopvang in Amstelveen vangt hij basisschool kinderen op, waarvan de ouders veelal nog aan het werk zijn. “In mijn jeugd was er altijd iemand thuis om mij op te vangen. Dat kon toen in veel gevallen nog wel. Nu moeten de ouders vaak allebei werken om rond te komen en wordt er ook naast het werk veel van hen gevraagd.”
Ook ik heb nu kinderen die bij mij op nummer één staan en ik zal mijn steentje bijdragen aan hun schoolactiviteiten en alle overige zaken die hun leven zullen verrijken. Toch wil ik op mijn manier wel in Edam kunnen blijven bijdragen aan die saamhorigheid, hetgeen waardoor ik me zo fijn ben gaan voelen op deze plek. En hoop ik mijn zoontjes ook eens te kunnen introduceren bij Bosvolk en EVC. Het bloed kruipt evenwel waar het niet gaan kan. Er zit toch een reislustige kant in ons DNA, maar als het aan mij ligt wil ik hier in ieder geval altijd blijven wonen.”
