Mona Keijzer stelde dat ’antisemitisme onderdeel is van islamitische cultuur’: dit zeggen de feiten en cijfers
Minister Mona Keijzer wil dat de rechter een vonnis uitspreekt over haar stelling dat er een verband is tussen de islam en antisemitisme. Zit jodenhaat werkelijk ingebakken in het islamitisch geloof? Op basis van teksten, opvattingen en de geschiedenis valt daar iets voor te zeggen.
Mona Keijzer - toen nog Kamerlid- stelde in mei op televisie dat ’antisemitisme bijna onderdeel is van de islamitische cultuur’. Een groep moslims spande een rechtszaak aan. Het Openbaar Ministerie stelde dat Keijzer zich ’in beginsel schuldig heeft gemaakt aan groepsbelediging’. Maar vervolging zou volgens het OM een te verre ingreep op het recht van vrijheid van meningsuiting van een politicus zijn. Om die reden werd de zaak geseponeerd.
Keijzer - inmiddels minister van Volkshuisvesting- wil nu dat de rechter alsnog een uitspraak doet. Ze wil haar naam zuiveren en uitleggen dat er geen sprake is van groepsbelediging. „Ik heb mij gebaseerd op feiten en cijfers. Feiten kunnen nooit strafbaar zijn.”
Hier het hele Premium artikel op de site van de Telegraaf.