Gerard Dekkers en Jaap Braakman directeuren van school in bijzondere omstandigheden
Gerard Dekkers en Jaap Braakman directeuren van school in bijzondere omstandigheden: Het gevoel van 'dubbel' bezig zijn
Het is kleine pauze in het Don Bosco College. De hal en de aula puilen uit. Een top veertig-deuntje op de achtergrond. Jongeren drommen bij elkaar in een jolige sfeer. Hoe anders was het een jaar geleden. De ramp was het gesprek van de dag; school was bijzaak. Jongeren zochten steun bij elkaar. Regels werden versoepeld in de maanden daarna en van leerkrachten werd soms meer psychologische achtergrond dan pedagogische en didactische kennis vereist. Na de waanweken van vorig jaar vinden er nog regelmatig kleine menselijke drama's plaats in het DBC. Een school in bijzondere omstandigheden, zoals de directeuren Gerard Dekkers en Jaap Braakman het omschrijven. Het duo over saamhorigheid, de beste examenresultaten uit de geschiedenis, onderzoeken, het lerarentekort en het dubbele gevoel.
Gerard Dekkers, één van de drie DBC-directeuren, wandelt tussen op de grond zittende en kletsende leerlingen richting zijn nieuwe onderkomen. Onderdeel van de uitbreiding die plaats heeft gevonden, van zowel het aantal lokalen als de aula. En dat was hard nodig. ,,We zitten op 1015 leerlingen. Afgelopen zomer hebben we meer aanmeldingen gekregen dan normaal. Een teken dat jongeren en ouderen vertrouwen hebben in deze school."
,,De school is bekender geworden, ondanks alle ellende. Het is natuurlijk een natte vinger-conclusie, maar het blijft opvallend, zoveel aanmeldingen. We hebben twee nieuwe brugklassen moeten formeren en zijn van 42 naar 47 groepen gegaan." Dat betekent ook noodzakelijke uitbreiding van het aantal personeelsleden. ,,Klopt. We hebben er met 23 nieuwe krachten een enorme kluit bij gekregen. Dat hebben we meteen gemerkt, want de docentenkamer werd te klein. Het was een half jaar woekeren met de ruimte. En er valt meer groei te verwachten. En zo'n prognose valt hier redelijk betrouwbaar te stellen, want je hoeft daarvoor alleen de geboortecijfers erbij te pakken."
Vertrouwenspersoon
Om zoveel mogelijk bij de jeugd levende problemen te kanaliseren, heeft het DBC onlangs een fulltime counselor aangesteld. ,,We hadden al een vertrouwenspersoon in deeltijd werkzaam, maar hebben nu iemand van buitenaf aangetrokken en daarbij is er nog iemand in opleiding. We hebben daar behoorlijk op ingezet. En tot nog toe hebben ze het ongelofelijk druk. Het heeft dus een functie. Het spreekt aan en ze vertrouwen haar. We hebben geprobeerd iemand intern daarvoor op te leiden, maar dat was niet haalbaar. Bij het aantrekken van zo'n persoon zijn we vervolgens niet over één nacht ijs gegaan."
Dekkers en Braakman verhalen over de uitersten waartussen ze het afgelopen jaar werden geslingerd. ,,In die eerste weken na de ramp was het onderwijs naar de achtergrond verdwenen. Maar je mag je taak niet uit het oog verliezen als school. We zijn geen hulpinstelling en de leerkrachten geen hulpverleners. Daarbij heb je ook de zorg voor de niet-betrokken leerlingen. We hebben direct School Maatschappelijk Werk ingeschakeld."
Er veranderde meer in de structuur van de school. Jaap Braakman werd als derde lid aan het directieteam toegevoegd en Els Bond aangesteld als leerjaarcoördinator. ,,We hebben als personeel van het DBC het afgelopen jaar allemaal het gevoel gehad vaak dubbel bezig te zijn. Er is enorm roofbouw gepleegd op de leraren. Omdat er al twee in de ziektewet zaten, waren we op 1 januari van het vorig jaar op halve sterkte qua coördinatoren. Dat moesten we zien te ondervangen, want voor je het weet stort je organisatie in en dat druppelt dan weer door naar onderen."
,,Ik ben nu bezig om het activiteitenoverzicht te schrijven. Iets wat naar het Ministerie wordt gestuurd om de extra verkregen subsidie te verantwoorden. In 70 à 80% van de zaken zij we geslaagd. Dat betekent dat er een deel is waar je niet tevreden over bent. We hebben niet genoeg docenten weten te binden, waardoor het niet gelukt is om het gewenste aantal klassen op te splitsen of gewenste aantal leerlingen individueel te helpen."
,,We kregen genoeg aanschrijvingen van sollicitanten of mensen die wilden helpen. Goed bedoeld. Maar we kijken niet naar getallen, het moeten kwalitatief goede mensen zijn. Je hoopt op ervaren mensen. Maar om die te krijgen, dat is een algemeen probleem in het onderwijs. Wat je als directie dan dwars zit, is dat het je niet snel genoeg gaat. We hebben natuurlijk de bestaande leerkrachten gevraagd extra uren te draaien. En een overuurtje moet ook kunnen, voor het goede doel. Maar als leerkrachten aangeven dat het bordje vol zit, moet ik dat honoreren, want we hebben er niets aan dat diegene straks overwerkt zich twee maanden later ziek meldt."
,,Bovendien is het nog altijd zo dat getroffen leerlingen zelf nog maar individuele hulp moeten willen. Soms denken wij dat het nodig is, maar willen ze het zelf niet."
Wonderschool
,,Het kenmerk van een ramp is dat je niet alles onder controle kunt hebben", vervolgt Jaap Braakman. ,,Je schiet te kort in bepaalde zaken, anders zouden we een wonderschool heten. Een wens is iets anders dan het realiseren ervan. Het omzetten in de praktijk kan niet altijd." Dekkers: ,,De leraren konden meteen gebruik maken van Het Anker en dat deden er meer dan dat we dachten. Daarbij werden er gespreksgroepen geformeerd door docenten. Het had er alles van weg dat ze zelf de specialist werden die dingen moest oplossen. Onze coördinatoren werden getraind en moesten zich bijvoorbeeld kunnen verdiepen in de problemen die leerkrachten zelf uit hun eigen leven meenamen, wat zich allemaal opstapelt. Dat moet niet onderschat worden."
Braakman: ,,Daarbij komt dat een deel van het personeel in Volendam woont. Dus de scheidslijn tussen thuis en werk is heel dun. Er wordt iets verlangd, waartoe je niet bent opgeleid. Je hebt wel vakkennis, maar het personeel hier werd halve hulpverlener. Met de vraag om begrip te hebben voor alles en iedereen."
Dekkers: ,,Iedereen moest natuurlijk gehoord worden. Leerlingen, leerkrachten. Maar er moest zoveel gebeuren. Als een docent in de wandelgangen iets wilde zeggen, zei ik: nou, vijf minuten dan. Terwijl die docent een gigantisch probleem leek te hebben."
Braakman: ,,Er staan natuurlijk pedagogen voor de klas. En dat moeten zij blijven. Het zijn geen psychologen." Dekkers: ,,Toch wordt op iedere vraag een antwoord verwacht. Je maakte plannen. Maar de houdbaarheid van een plan duurde één dag. Dan gebeurde er weer volstrekt iets anders. Elke les kon je geconfronteerd worden met een andersoortig probleem. Dat werd dan vaak mee naar huis genomen." Excessen moesten worden ingedamd, eisen worden versoepeld. ,,De aanpak van de bovenbouw was coulant. Lang is hen het voordeel van de twijfel gegeven. Maar het bleek niet goed voor de onderbouw. Dat moest gewijzigd."
,,Leerlingen mochten uiteraard ook gebruik maken van Het Anker. Het weglopen uit de klas of bezoeken van in het ziekenhuis vertoevende leerlingen kon. Maar op een gegeven moment is wel gevraagd er melding van te maken. Hoewel het moeilijk is om alles echt te controleren." ,,Maar in het begin is er veel ruimte voor gegeven. Nu kan het niet meer anoniem. Op die manier kun je ook linken leggen en een inzicht krijgen van de jongeren." Braakman: ,,Ik heb ook niet het idee dat er zwaar misbruik van gemaakt is."
Staatsexamens
De examenresultaten die volgden, waren overweldigend. Dekkers: ,,De beste uit de geschiedenis van de school. Er is steeds soepel opgetreden. Er werden ook staatsexamens gebruikt." Braakman: ,,Daarnaast kregen de jongeren bijles en kregen ze meer tijd voor hun examen. Dat geeft ze een rustiger gevoel en over een paar maanden zullen we het op dezelfde manier doen. Dat alles heeft zijn vruchten afgeworpen en deels bijgedragen aan de succesvolle cijfers."
Vreesden jullie niet dat leerlingen toch een achterstand zouden oplopen en ze door de soepele houding te gemakkelijk zouden doorstromen naar de vervolgopleiding?
,,Drie weken geleden hebben we voor het eerst een 'terugkomdag' gehouden. Een informele bijeenkomst, die als positief is ervaren. En we hebben daar veel leerlingen gesproken, maar eigenlijk niemand gehoord over slechte resultaten in de vervolgopleiding." Braakman: ,,Je moet ook niet vergeten dat de examengroep in dat laatste jaar niets fundamenteels nieuws leert."
Dekkers: ,,Maar het wordt nu natuurlijk spannender. De echte verwerking vindt pas na het eerste jaar plaats. Het werkt door. Ik wil geen paniek zaaien, maar het is niet zo dat ik op voorhand een gerust gevoel heb bij de korte termijn. De aandacht zakt in, en hoe gaat het dan met de motivatie? Is er nog herkenning? Worden ze nog gehoord of is het zo van: nu kan het wel weer en gaan we weer verder."
Braakman: ,,De prestaties die worden geleverd, vormen een instrument om een gesprek aan te gaan omtrent die motivatie." Dekkers: ,,De groepen zijn dermate klein dat de mentoren de tijd hebben om alle leerlingen te spreken. En de ene mentor beheerst dat natuurlijk beter dan de ander. En de band met de één is beter dan met de ander." Braakman: ,,Ook daar ligt een wens, maar het zou gek zijn als je dat allemaal beheersbaar kreeg."
Dekkers: ,,We hebben tevens te maken met het verwachtingspatroon van de ouders. Dat is soms niet reëel met de werkelijkheid. Soms is de energie van de jongeren na een dag school gewoon op. Toch verwachten ouders dan dat ze 's avonds weer aan de slag gaan. Maar soms zal je genoegen moeten nemen met minder, in de zin van tijd dan."
Braakman: ,,Dat geldt ook voor de verwachtingen naar de docenten toe. Ouders zijn nu misschien nog meer gericht op de resultaten van hun kinderen. Maar de studie moet geen vlucht worden. Verwerken móet ook. Wat ook meespeelt is dat de ouders zelf ook veel beleefd hebben en af en toe moe zijn. Toch willen ze niet dat de kinderen blijven zitten. Dat mondt dan uit in angst en het zoeken van zondebokken."
Futiliteiten
Dekkers: ,,Mensen gaan letten op futiliteiten. Terwijl het vaak dingen zijn die al gebruikelijk waren. Slechte resultaten en minder motivatie komt vaker voor in bepaalde fases van het schooljaar. Dat is niet nieuw, dat is gebruikelijk." Braakman: ,,Iedereen is in een gat gevallen na die 1 januari van het vorig jaar. We zijn eruit geklommen, maar of we op het oude niveau zijn, is moeilijk te zeggen. We hebben waanweken gehad, vorig jaar. Spannende momenten, maandenlang. Want er konden nog jongeren overlijden." Dekkers: ,,Pas in mei keken we een keer op vrijdag om en dachten van: dit was de eerste normale week." Braakman: ,,Het was één lange dip. Daarna kwam weer de periode dat Anja Kok slecht ging. Zij kwam tijdens de vakantie te overlijden."
Nog altijd spelen zich kleine menselijke drama's af binnen de school. Jaap Braakman somt er enkele op. Maar wat de directeuren ook veel geraakt heeft, is de saamhorigheid. Dekkers: ,,Begin januari hadden we de herdenking op school. Daarna gingen we naar de kerk, het graf en in een indrukwekkende stoet terug naar school. En iedereen was er nog, toen we terugkwamen." Braakman: ,,Heel massaal en gedisciplineerd. Dat massale zal volgend jaar ongetwijfeld minder worden. Het groeit de school uit. Dan moeten we het ook anders aan gaan pakken."
Een schooljaar verder. Een deel zwaaide in juni van het vorig jaar af, maar de grootste hoos met getroffenen is nog aan het DBC verbonden. De GG & GD hield enkele weken geleden een anoniem onderzoek onder de leerlingen. Dekkers: ,,Een landelijk gestandaardiseerd onderzoek. Heel globaal, niet diepgravend dus. Doel is om dingen te filteren die anders niet boven water komen. Er is geen echt beeld van hoeveel getraumatiseerde jongeren hier rondlopen. Uiteindelijk gaat de GG & GD aan de slag met enkele geselecteerden. Dat was - met één-vijfde van de leerlingen -nog een hele kluit, bleek uit de eerste resultaten."
Braakman: ,,Dat is best wel verontrustend." En de docenten? Dekkers: ,,Er is geen grote uitval. Maar we bewaken het ziektebeeld zorgvuldig en kijken of er een stijging is. Kijk, een griepgolf komt overal voor. Die zal heus het DBC niet voorbij gaan. Daarom volgen we het op termijn. Want hoe lang houdt men de spanning vol? De leraren houden nu elkaar vast. Als er een enkeling wegvalt, begint de ellende. Dan kunnen anderen mee worden getrokken. Daarom leunen we niet achterover omdat het nu redelijk gaat."