Jongeren proberen stiekem te rouwen
Jongeren proberen stiekem te rouwen
Het interview met Riet Fiddelaers-Jaspers voor het symposium 'Jongeren in rouw', van donderdag in Tilburg, was eerder afgesproken. Het moest uitgesteld worden in verband met het overlijden van haar tienjarige neefje Frank Fiddelaers uit Soerendonk aan een meningokokken-infectie.
Haar zwager belde of zij mee kon helpen met het maken van de rouwteksten. 'Ik stond op het punt te gaan werken maar ik ben naar Soerendonk gegaan. Iedereen in de familie deed wat-ie kon; de een zette koffie, de ander deed boodschappen. Ik kan toevallig beter schrijven. Het werd een hele klus: de rouwbrief, het gedachtenisprentje, de avondwake, de persoonlijke bijdragen in de afscheidsdienst en de crematiedienst. Ook de scholen van de kinderen vroegen aandacht. Dit interview is het eerste moment terug, terug aan het werk. Wat ik in mijn werk vaak vertel aan scholen en ouders, moest ik nu in de praktijk brengen.' Ook in deze situatie werd haar duidelijk hoe jongeren de moderne media gebruiken om hun gevoelens te delen.
'SMS-berichtjes, MSN, e-mail, de website van het plaatselijk ontmoetingscafé van de jeugd. De vriend van één van de nichten maakte een condoleanceregister voor Frank. Binnen een paar dagen waren er al zeshonderd bezoekers. In het gastenboek staan reacties uit het hele land.' Ongewild werd drs. Riet Fiddelaers (48) vorige week geconfrontreerd met haar specialisatie sinds jaren: jongeren in rouw. Ze heeft er vele boeken over geschreven en is nog bezig aan een proefschrift dat ze schrijft in een stiltekamertje in het rouwcentrum van haar man in Heeze.Ze gaat promoveren bij prof. Jan van den Bout in Utrecht, de enige hoogleraar verliesverwerking in Nederland. Zelf gaf zij les in Eersel, Veldhoven en Tilburg en zat in de directie van een school. In de praktijk ziet ze dat crises bij jongeren vaak te maken hebben met onverwerkte rouwgevoelens.
Vooral de invloed van de dood van opa's en oma's wordt wel eens onderschat. Voor kinderen is er inmiddels wel het een en ander op het gebied van rouwverwerking. Maar pubers lijken een vergeten groep. Waarschijnlijk omdat ze aan de buitenkant niets laten merken.' 'Voor mijn proefschrift ontwikkelde ik op basis van voorbeelden uit Amerika bijeenkomsten voor rouwende leerlingen op school. Acht scholen werden opgeleid om deze rouwgroepen te leiden. In totaal deden vijftig leerlingen mee. Deze vijftig en vijftig rouwende jongeren die geen rouwgroep bezochten, vulden vragenlijsten in. Met 23 jongeren werd tweemaal een diepte-interview gehouden, waarin betekenis- en zingeving centraal stond. Zowel de rouwgroepen als diepte-interviews werkten zeer herkennend en erkennend voor de jongeren.' Ze bladert door dikke klappers met interviews, statistieken, tekeningen en familiefoto's.
Tekeningen en foto's blijken een goed hulpmiddel te zijn voor jongeren die er niet goed over kunnen praten. Zo bracht een moeder haar zestienjarige zoon met de mededeling dat hij niet over de dood van zijn vader kon praten. Op een familiefoto tekende hij het gezicht van zijn vader in een hart, een gebroken hart bij zijn moeder en een donkere wolk boven zijn eigen hoofd. Hij tekende ook een stekelig iets, opgesloten in een cirkel. Ná de rouwbijeenkomsten tekende hij de donkere wolk aan de rand van de cirkel, bijna ontsnapt uit de opsluiting.' 'Ouders', vervolgt ze, 'zien vaak alleen dat pubers zich terugtrekken achter een gesloten deur met de (geluids)boxen op zijn hardst. Ze komen pas naar buiten als het veilig lijkt. Zoals een schildpad zijn kwetsbare delen onder zijn schild verbergt.
Jongeren lijken vaak onverschillig te zijn. Maar ze zien het verdriet bij ouders, broers of zusters en willen hen ontzien; ze proberen dapper te zijn, stiekem te rouwen en te helpen. Zo nam een jongen als zijn vader naar zijn werk was, de taak over om zijn broertje met het verlies van moeder te troosten. Een loodzware taak. En het wordt vaak niet gezien.' 'Een puber mist een overleden vader of moeder vooral als rolmodel. Zo kwam een jongen die gewend was zijn vader in de bouw te helpen, pas tot rust toen hij een oom mocht helpen. 'Zou ze mij een goede dochter vinden?', blijft de prangende vraag na de dood van een moeder.' Tekeningen kunnen ook duidelijk maken dat rouwen helpt. 'De eerste tekeningen bij rouwbijeenkomsten zijn donker, illustreren verdriet, angst, woede.
Vaak zeggen jongeren angst te hebben dat ze gek worden van verdriet. Ze zijn opgelucht als ze merken dat anderen ook die sterke emoties hebben. Vaak worden ze door een sterfgeval vroeg wijs.' 'Ik heb altijd gezegd dat ik bij mijn promotie twee paranimfen wilde hebben uit de doelgroep. Dat ik nu in mijn eigen familie zes jongeren tussen de twaalf en de vijftien heb, uit drie gezinnen die een broer of hun moeder verloren hebben, was nooit in mij opgekomen.' Plotseling stokken de woorden. De professionele houding lukt niet meer. Het thema is te dichtbij gekomen. Donderdag is er in de Theologische Faculteit Tilburg een studiedag over 'Jongeren in rouw' voor pastors. Drs. Riet Fiddelaers-Jaspers is een van de sprekers evenals pastor Jan Berkhout uit Volendam, die ingaat op de rouw om de slachtoffers van de nieuwjaarsbrand in café 'Het Hemeltje'.