Gemeente deed te weinig aan brandpreventie
Gemeente deed te weinig aan brandpreventie
De gemeente Edam-Volendam is in de jaren negentig tekortgeschoten in de brandpreventie. Controles op brandveiligheid in de plaatselijke horeca vonden niet plaats, ondanks aansporingen van de regionale brandweer, zei de regionale brandweercommandant van Waterland.
Commandant J. Schouten sprak dinsdag voor de rechtbank in Haarlem die hem hoorde als getuige in een civiele procedure. Een aantal letselschadeadvocaten probeert tijdens deze getuigenverhoren namens slachtoffers van de cafebrand in Volendam en de Stichting Slachtoffers Nieuwjaarsbrand Volendam (SSNV) aan te tonen dat de gemeente aansprakelijk is voor de geleden schade. De getuigenverhoren vinden plaats ter voorbereiding van een eventuele bodemprocedure waarbij de rechter over de aansprakelijkheid zal beslissen.
Verloop
De brandpreventie viel in de jaren negentig onder de verantwoordelijkheid van de afdeling bouw- en woningtoezicht van de gemeente. De regionale brandweer had daarbij een adviserende taak. In 1991 bezocht een brandweermedewerker samen met een ambtenaar van bouw- en woningtoezicht alle horecagelegenheden. Zij constateerden dat een aantal cafés gebreken vertoonde. In een brief drong Schouten vervolgens aan op structurele controle, maar die is er volgens hem nooit gekomen.
Met de aanstelling van brandpreventieambtenaar C. Bont in 1999 werd het beter, maar deze had volgens Schouten te maken met een enorme achterstand waar hij in zijn eentje iets aan moest doen. Hij was degene die J. Veerman, eigenaar van café De Hemel, in mei 2000 wees op de ,,levensgevaarlijke situatie'' in zijn pand als er zich een incident zou voordoen.
Volgens letselschadeadvocaat L. Louwerse lijkt het er sterk op dat de slachtoffers straks een civiele procedure kunnen beginnen.