Presentatie concept-ontwerp streekplan Noord-Holland-Zuid
Presentatie concept-ontwerp streekplan Noord-Holland-Zuid
Gedeputeerde Meijdam presenteerde op 6 juni 2002 het concept-ontwerp streekplan Noord-Holland-Zuid (NHZ) aan de media. Gedeputeerde Staten (GS) willen met het streekplan het gebied versterken als leefbare en economische motor van het land. Economie gaat daarbij onlosmakelijk hand in hand met een goede leefbaarheid, bereikbaarheid en waterhuishouding. De missie van GS in het streekplan: beperking van het ruimtegebruik en zorgen voor het beter benutten van gebruikte gronden.
Lagenbenadering
In het concept-ontwerp streekplan NHZ gaan GS uit van de lagenbenadering. Deze geeft structuur aan de toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen. De lagen zijn:
- Laag 1. Water en de natuurlijk en cultuurhistorische waardevolle gebieden
- Laag 2. Infrastructuur, inclusief vliegroutes, digitale verbindingen etc.
- Laag 3. Menselijke activiteiten: wonen, werken en recreëren
Opgaven
De hoofdlijnen van het ruimtelijk beleid in het concept-ontwerp streekplan NHZ zijn uitgewerkt in zeven opgaven: ruimte voor water, ontwikkeling van waardevolle landschappen, een bereikbare netwerkstad, ruimte voor wonen, ruimte voor werken, een economische bestaansbasis voor de landbouw en behoud en ontwikkeling van cultuurhistorische waarden. Daarnaast zetten GS in op de volgende economische clusters: Mainport Schiphol, het industrieel en havencomplex aan het Noordzeekanaal en het sierteeltcomplex Aalsmeer en omgeving.
Het streekplangebied is verdeeld in verstedelijkingsgebieden (binnen de rode contour) en landelijk gebied (buiten de rode contour). De rode contouren geven de uiterste grens aan van de verstedelijkingsmogelijkheden. Al het gebied buiten de rode contour behoort tot het landelijk gebied. Om een groot deel van het landelijk gebied is een groene contour gelegd. In deze gebiedsdelen is sprake van bijzondere natuurlijke waarden en kenmerken of landschappelijke en cultuurhistorisch waardevolle elementen en structuren die wij willen behouden en versterken.
Waterberging
Er zijn tien zoekgebieden voor waterberging gereserveerd: Noorderpolder (Assendelft), Schardammerkoog (Zeevang), Zwaansbroek (Haarlemmermeer), Haarlemmermeer Zuid, Bovenkerkerpolder (Amstelveen), Ronde Hoep (Ouder Amstel), Nieuwe Keverdijkse polder Weesp), Noordpolder (Muiden), Horstermeerpolder (Wijdemeren) en polders in de Amstelscheg. Deze zijn gekozen op grond van de voorlopige uitkomsten van de deelstroomgebiedvisies. Deze gebieden moeten gevrijwaard blijven van ontwikkelingen die een toekomstige functie voor waterbeheer onmogelijk maken. Het bestaande gebruik in deze gebieden kan worden voortgezet. Wij kiezen definitief de locaties aan de hand van een nadere uitwerking van het streekplan.
Ontwikkeling van waardevolle landschappen
Voorzien wordt in een extra impuls om de blauwgroene structuur verder aan te vullen. Deze aanvullingen bedragen tot 2030 ca. 5600 ha naast de programma’s die nu in uitvoering of voorbereiding zijn. Deze opgave wordt als volgt ingevuld: 1.300 ha in de scheggen, 500 ha voor de natte as, 500 ha voor de Stelling van Amsterdam, 100 ha voor de Nieuwe Hollandse Waterlinie, 1.370 ha van kust tot kust, 750 ha blauwgroene verbindingen langs de Noordzeekust, 100 ha in ’t Gooi en 1000 ha in het Hollands Plassengebied. Nationaal landschap worden: Noord-Holland-Midden en Hollands-Utrechts veenweidegebied (onderdeel Groene Hart). Als potentieel Provinciaal landschap merken wij aan ’t Gooi, als onderdeel van de Heuvelrug en als potentieel Regionale parken de huidige rijksbufferzones Amsterdam-Haarlem (deels), Amsterdam-Purmerend, Hilversum-Utrecht en Amstelland-Vechtstreek. GS bedoelen met de aanduiding "potentieel" dat de inzet van deze instrumenten en de keuze van de gebieden afhangt van de feitelijke consequenties voor belanghebbenden. Hierover volgt nog nadere besluitvorming.
Een bereikbare netwerkstad
Voorwaarde voor nieuwe ontwikkelingen op het gebied van wonen en werken is dat de bereikbaarheid op zowel nationale als regionale schaal (weg en ov) is veiliggesteld. Dat betekent dat ontwikkelingen pas daadwerkelijk kunnen worden gestart als planologisch, procedureel en financieel de realisering van de benodigde infrastructuur zeker is. Het wegwerken van achterstanden openbaar vervoer door onder andere nieuwe aftakkingen van de Zuid-Tangent (onderdeel regionet), Noord-Zuidlijn Amsterdam, HSL-Zuid, Utrecht-, Hem- en Gooi-boog.
Het wegwerken van achterstanden in de weginfrastructuur door benutten van bestaande infrastructuur en aanleg van nieuwe weginfrastructuur zoals 2de Coentunnel/Westrandweg, Masterplan N201+ verbreding A2 en A9 (inclusief omleiding Badhoevedorp) en het verbreden van de N244.
Aanvullende maatregelen voor openbaar vervoer (2010-2030) zijn het voltooien van Regionet en 4-railssporen tussen grote steden in de Randstad en Almere. Aanvullende maatregelen voor de weginfrastructuur zijn een verbinding tussen de A6 en A9, capaciteitsvergroting op zowel A1 als A4 als A9, verbinding A8-A9, parallelbanen met als eindbeeld doorstroomroute A4-A9-A2, doortrekking Bennebroekerweg naar N208 / N206 en capaciteitsvergroting op regionale wegen zoals N207.
Ruimte voor wonen
Nieuwe uitleglocaties voor woningbouw tot 2020 zijn voorzien in Haarlemmermeer bij Hoofddorp (5.000 woningen), Legmeer (2.000 woningen), Bloemendalerpolder (5.000 woningen). In Waterland geven GS de voorkeur aan de Zuidpolder en de Lange Weeren bij Edam/Volendam (3.000 woningen), waarbij als alternatieve locaties worden overwogen: Zuid Oost Beemster (ten oosten van de A7) en Purmerend Zuid. Buiten de provincie zetten wij in op 11.000 woningen in Almere en 2.000 in de Duin- en Bollenstreek.
Ruimte voor werken
Nieuwe uitleglocaties voor bedrijventerreinen tot 2020 worden voor schipholgebonden bedrijven: uitbreiding Kruisweg-Zuid, A4-zone Hoofddorp, driehoek A4-A5-A9, A4-zone Nieuw Vennep (100 ha strategische reserve) en Zwanenburg Zuid.
Voor kade- en havengebonden bedrijven: Averijhaven (15 ha), Wijkermeerpolder (175 ha reserve).
Voor regionale bedrijvigheid: verdere ontwikkeling in het Westelijk havengebied (110 ha), Amstelveen (N201+), Aalsmeer (N201+), President II Hoofddorp, Zuiderscheg IJmond, Baanstee Noord en Baanstee Noord noord in Purmerend en diverse kleine locaties in Waterland. Een studie wordt uitgevoerd naar de opvang van 100 ha bovenregionale bedrijvigheid in Waterlandaanstad.
Een economische bestaansbasis voor de landbouw
GS zullen gedurende de looptijd van dit streekplan planologische en financiële ruimte blijven bieden voor structuurversterking van grondgebonden bedrijven. In de gebieden voor verbrede landbouw heeft de landbouw naast productie een belangrijke functie voor bijvoorbeeld waterbeheer, recreatie en natuur.
Behoud en ontwikkeling van cultuurhistorische waarden
Stelling van Amsterdam Voor het behoud van de Stelling als herkenbare ruimtelijke eenheid is een Stellingzone opgenomen. Verder worden een aantal voormalige industriecomplexen herbestemd als onderdeel van behoud van het industrieel erfgoed.
De volgende drie economische clusters hebben een uitstralend effect op de omgeving:
Mainport Schiphol
GS hechten belang aan het handhaven van de mainportfunctie van Schiphol.
In verband met de complexe infrastructurele ontwikkelingen en de mogelijke noodzaak tot de aanleg van een tweede terminal voor Schiphol wordt voor de driehoek A4-A5-A9 wordt een uitwerkingsplan opgesteld. Voor de periode t/m 2006 wordt de aanleg van een zesde baan (parallel aan en gelegen tussen de vijfde baan en de Zwanenburgbaan) en een parallelle Kaagbaan ruimtelijk niet onmogelijk gemaakt. Hiermee geven GS geen oordeel over het (al dan niet) verlenen van medewerking aan enige uitbreiding van het banenstelsel. Een eventueel besluit over de aanpassing van het banenstelsel wordt genomen door het rijk, ondermeer op basis van een Milieu Effect Rapport. Het initiatief tot het starten van het MER moet genomen worden door de Schiphol Group.
Het industrieel en havencomplex aan het Noordzeekanaal
Pas als binnen het bestaande havengebied geen ruimte meer is voor natte bedrijfsterreinen wordt daarbuiten gezocht. De Wijkermeerpolder blijft in gebruik voor agrarische doeleinden en natuur, zodanig dat geen onomkeerbare besluiten kunnen worden genomen die een toekomstige ontwikkeling als haven- en nat bedrijfsterrein onmogelijk maken of in ernstige mate belemmeren. Een besluit of de Wijkermeerpolder kan worden benut voor de daadwerkelijke realisering vereist een besluit van Provinciale Staten. Op de droge zeehaventerreinen ligt een mogelijkheid voor milieuhinderlijke bedrijven uit bestaand stedelijk gebied uit te plaatsen naar deze gebieden.
Sierteeltcomplex
Voorzien is in een nieuw glastuinbouwareaal van 300 ha (netto) in Rijsenhout. Daarnaast worden nieuwe uitleggebieden voor veilinggebonden bedrijven voorzien rond de te verleggen N201.
Amsterdam
Amsterdam neemt een bijzondere positie in binnen dit streekplangebied. Amsterdam kent een grote mate van beleidsvrijheid. De afspraak over deze beleidsvrijheid heeft als gevolg dat in dit streekplan het provinciale beleid ten aanzien van Amsterdam in relatie tot de regio is vastgelegd.
Verdere procedure
- 4 juli: Behandeling in de Statencommissie Ruimtelijke Ordening en Bestuur
- 19 juni - 5 juli: De provincie zal het concept-ontwerp streekplan NHZ gaan bespreken met alle gemeenten, waterschappen en hoogheemraadschappen in het streekplangebied, het ROA, de gemeente Almere en de aangrenzende provincies Flevoland, Utrecht en Zuid-Holland. Ook volgt overleg met de WLTO, de kamers van Koophandel en natuur- en landschapsorganisaties.
Gedeputeerde Meijdam presenteert het concept-ontwerp streekplan NHZ aan en bediscussieert dit met burgers in een viertal regionale informatiebijeenkomsten op:
- 19 juni regiobijeenkomst Kennemerland en IJmond
- 20 juni regiobijeenkomst Amstelland en Meerlanden
- 24 juni regiobijeenkomst Gooi & Vechtstreek
- 27 juni regiobijeenkomst Waterland & Zaanstreek
De verdere voorziene procedure is:
- 20 augustus Ontwerp-streekplan NHZ in GS
- 2 - 29 september Tervisielegging ontwerp-streekplan NHZ
- 15 oktober Voorlopig standpunt GS
- november Hoorzittingen (Provinciale Staten)
- 2 december Voorlopige voordracht GS
- 14 januari 2003 Definitieve voordracht GS
- 17 februari 2003 Voordracht + streekplan in Provinciale Staten
Meer weten over het streekplan NHZ? Of voor het aanvragen van het concept-ontwerp streekplan NHZ of de samenvatting daarvan: Kijk op de website www.noord-holland.nl of bel tel. (023) 514 46 16 / tel. (023) 514 38 09, of e-mail naar melcherse@noord-holland.nl of wiedijkm@noord-holland.nl. Inlichtingen: Jan Rensing, tel. (023) 514 47 05 Inlichtingen voor de pers: Marcel van Kanten, tel. (023) 514 42 11