Naar de inhoud

Commissie financiële afwikkeling nieuwjaarsbrand Volendam presenteert eindrapport

Bron: Gemeente Edam-Volendam

Commissie financiële afwikkeling nieuwjaarsbrand Volendam presenteert eindrapport
Op 4 juli presenteert de Commissie financiële afwikkeling nieuwjaarsbrand Volendam (CFA Volendam) haar eindrapport in het stadskantoor van de gemeente Edam-Volendam. De CFA Volendam adviseert de staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en het college van Burgemeester en Wethouders van Edam-Volendam over ondersteuning en financiële tegemoetkomingen aan de slachtoffers van de nieuwjaarsbrand. Doel is om invulling te geven aan de overheidsrol bij de maatschappelijke solidariteit met de slachtoffers. Het gaat daarbij om tegemoetkomingen in de materiële, financiële gevolgen van lichamelijk en psychisch letsel als gevolg van de nieuwjaarsbrand in Volendam. De immateriële gevolgen (zoals ‘smartengeld’) zijn buiten de opdracht aan de commissie gebleven. De CFA Volendam stond onder voorzitterschap van de Deventer burgemeester J. van Lidth de Jeude.

Het kabinet heeft op 28 juni gesproken over het advies van de CFA Volendam en daarmee ingestemd. Ook het college van B & W van Edam-Volendam heeft het advies positief ontvangen. Voor de uitvoering heeft het kabinet besloten € 25,9 miljoen ter beschikking te stellen.

Doelgroepen en soorten ondersteuning
De commissie onderscheidt verschillende doelgroepen die voor ondersteuning in aanmerking komen: slachtoffers, hun naasten, hulpverleners en overige betrokkenen. In haar rapport adviseert de commissie drie soorten ondersteuning:

  • 1. ondersteuning door een ‘centrum voor reïntegratie en nazorg’ (CRN)
  • 2. een eenmalige tegemoetkoming in schade in verband met functionele invaliditeit
  • 3. een tegemoetkoming in kosten als gevolg van door de brand opgelopen letsel.

Het CRN is bedoeld voor alle doelgroepen, de tegemoetkoming op grond van functionele invaliditeit voor de doelgroep slachtoffers. Voor een tegemoetkoming in kosten als gevolg van door de brand opgelopen letsel kunnen slachtoffers en hun naasten in aanmerking komen.

Centrum voor reïntegratie en nazorg
Het centrum voor reïntegratie en nazorg (CRN) moet de jongeren dicht bij huis hulp en ondersteuning op maat geven om ondanks alle problemen toch hun eigen toekomst vorm te kunnen geven. Dat betreft bijvoorbeeld hulp bij (bij)scholing en (her)intreding op de arbeidsmarkt en begeleiding bij het vinden van de juiste lichamelijke en psychische nazorg. Maar ook voor de andere doelgroepen (naasten, hulpverleners en overige betrokkenen) kan (psychosociale) nazorg langdurig noodzakelijk zijn. Het centrum moet één loket bieden voor alle doelgroepen en een laagdrempelige toegang vormen tot bestaande voorzieningen en instellingen. Daarnaast zal het CRN fungeren als een dagelijks ontmoetingspunt voor alle betrokkenen die dat wensen.

Het huidige Advies- en Informatiecentrum, AIC/Het Anker, heeft al veel van de genoemde functionaliteiten in huis. De commissie adviseert om het AIC/Het Anker om te vormen tot het CRN. In 2006 zal opnieuw bekeken worden of het CRN in de dan nog bestaande behoeften voorziet.

Eenmalige tegemoetkoming bij functionele invaliditeit
De commissie adviseert de slachtoffers een eenmalige tegemoetkoming uit te keren waarvan de hoogte afhankelijk is van de mate waarin zij blijvend lichamelijk en/of psychisch letsel ondervinden van de brand. Deze zogenaamde functionele invaliditeit wordt, medisch gezien, uitgedrukt in percentages die aangeven in welke mate iemand blijvende belemmeringen ondervindt in het dagelijks functioneren. Hoe meer belemmeringen, hoe hoger het percentage en hoe hoger de uitkering. De percentages worden bepaald via een internationale standaard: de zogenaamde AMA-richtlijnen.
Deze richtlijnen geven echter, naar de mening van de commissie, niet voldoende houvast voor de specifieke invaliditeit als gevolg van brandwonden. De commissie adviseert daarom om vooraf afspraken te maken over de hantering van de AMA-richtlijnen voor brandwonden.  Daartoe wordt een adviesgroep van deskundigen in het leven geroepen die het vertrouwen geniet van alle betrokken partijen, waaronder de BSNV en de SSNV.
De commissie adviseert het maximale bedrag van de regeling te stellen op € 150.000. De uitkering zal naar rato van het percentage functionele invaliditeit worden toegekend. Bij de vaststelling van dit bedrag woog zwaar mee dat het gaat om jonge slachtoffers met soms ernstige verminkingen en in deze specifieke situatie levenslange medische, psychische en maatschappelijke problemen als gevolg van het letsel. De slachtoffers hebben nog geen enkel recht kunnen opbouwen door arbeid. Ook blijvende beperkingen in het verwerven van eigen inkomen en de doorlopende kosten die het letsel met zich meebrengt, hebben daarbij een rol gespeeld.
De uitkering aan de slachtoffers moet de financiële gevolgen van de blijvende invaliditeit verzachten, hen een basis geven voor het verwerven van een zelfstandige maatschappelijke positie in de toekomst en hen helpen financiële onzekerheden het hoofd te bieden.

Tegemoetkoming in kosten
Slachtoffers en hun naasten maken vaak extra kosten die te maken hebben met medische verzorging, hulpmiddelen, huishoudelijke hulp, kinderopvang, vervoer e.d. De commissie adviseert om hen financieel tegemoet te komen in een aantal kosten die zij moeten maken als gevolg van het opgelopen letsel. Het gaat hierbij niet om vergoedingen maar om tegemoetkomingen en het betreft kosten die niet op een andere wijze kunnen worden vergoed. Een slachtoffer kan over de periode 1 januari 2002 tot 1 januari 2007 in totaal ten hoogste € 20.000 ontvangen, een naaste ten hoogste € 7.500. De regeling loopt in principe tot 1 januari 2007 en zal voor die datum worden geëvalueerd.

Financiering
Het kabinet heeft op 28 juni besloten om de uitvoering van bovengenoemde regelingen financieel te ondersteunen met € 25,9 miljoen. Daarvan is € 5 miljoen bedoeld voor het centrum over een periode van vijf jaar (€ 1 miljoen per jaar), € 17,3 miljoen voor de eenmalige tegemoetkoming bij functionele invaliditeit en € 3,6 miljoen voor de kostenregeling. Dit bedrag betreft de bijdrage van de overheid in de uiting van maatschappelijke solidariteit. In aanvulling daarop financiert het particulier initiatief, gebundeld in de SSNV (Stichting Slachtoffers Nieuwjaarsbrand Volendam), aanvullende maatregelen die zij afstemt op de regelingen die de overheid financiert.

Volendam en Enschede
De Commissie financiële afwikkeling heeft eerder (in een enigszins andere samenstelling maar met dezelfde voorzitter) een advies uitgebracht over financiële tegemoetkomingen aan de getroffenen van de vuurwerkramp in Enschede. De ervaringen die in Enschede waren opgedaan, konden op deze manier worden toegepast in Volendam. De CFA Volendam heeft echter direct bij de start van de werkzaamheden geconstateerd dat de situaties in Enschede en Volendam zodanig verschillen dat geen identieke regelingen en tegemoetkomingen konden gelden maar wel soortgelijke.

In Volendam gaat het immers om een grote groep slachtoffers van jonge leeftijd met uitzonderlijk ernstige brandwonden, die ingrijpende beperkingen en langdurige behandelingen met zich meebrengen. De slachtoffers ondervinden hun leven lang lichamelijke, psychische en maatschappelijke problemen als gevolg van hun letsel. De jongeren hebben nog geen arbeidsverleden en dus geen financiële reserves en rechten opgebouwd om op terug te vallen. Zij zijn beperkt in het verwerven van een eigen inkomen. Zij zullen ook op langere termijn geconfronteerd worden met allerlei bijzondere kosten (bijv. hulpmiddelen). Deze financiële gevolgen werken een leven lang door en die omstandigheden maken het extra moeilijk de draad van het leven weer op te pakken.

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.