Naar de inhoud

‘Veerman wil niet wachten op tapvergunning’

Bron: NHD

‘Veerman wil niet wachten op tapvergunning’
De Volendamse horecabaas Jan Veerman wil de procedure voor een horecavergunning voor de panden (Haven 146-148) naast rampcafé ‘t Hemeltje niet langer afwachten. Die conclusie trekt burgemeester H. Bulte van Edam-Volendam uit de jongste brief van Veermans advocaat E Schneider. Het aanvankelijk voorstel van Veerman (onder Volendammers beter bekend als Jan Dekker) behelsde het overhevelen van de horecavergunning van de Wir War Bar naar de in aanbouw zijnde buurpanden. Die panden hebben als bestemming wonen en winkels. Het wonen krijgt vorm in de appartementen boven enkele winkels op dijkniveau. Op 1 mei n dit jaar deed Veerman het college van b en w van Edam-Volendam het voorstel de horeca-exploitatie van Haven 154-156 (Wir War Bar en De Blokhut) definitief te beëindigen en ze te verhuizen naar zijn nieuwe panden. Een uitzondering maakte hij voor De Blokhut, het onderste van de drie gestapelde cafés. De Volendammer wilde De Blokhut in gebruik houden, waarbij de toegang tot deze ruimte uitsluitend mogelijk zou zijn vanuit de panden Haven 146-148. Het college had slechts oren naar een deel van het voorstel. De ideeën van Veerman over voortzetting van De Blokhut vielen niet in goede aarde. Bovendien wil de gemeente niet langer gestapelde (nieuwe) cafés toestaan. Het bestemmingsplan voor de oude kom van Volendam is al eerder aan deze vuistregel aangepast. De horeca-activiteiten dienden dan ook beperkt te blijven tot de winkelruimtes op dijkniveau.Begin september is er opnieuw overleg geweest tussen Veerman en het college. De ondernemer heeft daarin nog eens duidelijk gemaakt dat beperking van horeca-exploitatie moet worden gecompenseerd door hem toe te staan elders in het dorp een horecabedrijf te beginnen.

Armslag
Raadsman Schneiders voert aan dat de gedachte achter dit alles is te zorgen voor meer financiële armslag ten behoeve van de tegemoetkoming aan de slachtoffers en te voorzien in de sterke behoefte aan een extra horecavoorziening binnen de gemeente. Veerman benadrukte op korte termijn tot een overeenkomst te willen komen. Hij ziet zich geconfronteerd met oplopende kosten ten gevolge van de schikkingsonderhandelingen en het toen nog actuele verplaatsen van de cafés (omzetverlies en kosten). Volgens zijn raadsman zou Veerman ‘onder onverantwoorde druk’ komen te staan. Sinds augustus werd het hem duidelijk dat de bestemmingswijziging van winkels naar horeca een lange proceduregang zou vergen en bovendien een onzekere uitkomst heeft. Hij ziet slechts een mogelijkheid om te voorkomen dat hij afglijdt naar een ‘financieel risicovolle positie’. En dat is het tijdelijk uitbaten van de cafés de Wir War Bar en De Blokhut. Alleen ‘t Hemeltje valt buiten deze plannen. De locatie wordt, zoals eerder is toegezegd, aangehouden voor rouwverwerking ten behoeve van de getroffenen.

Tijdelijk
In de jongste brief zet de advocaat uiteen dat Veerman zich nogmaals heeft beraden over de ontstane situatie. De horecaondernemer stelt dat het heropenen van de Wir War en De Blokhut slechts tijdelijk zal zijn voor zover dat in zijn vermogen ligt. Anders gezegd: het kan erop uitdraaien dat beide cafés definitief open blijven. Veerman zegt dat hij de cafés wel moet openstellen om eerder met de tegemoetkoming van de slachtoffers te kunnen beginnen. Pas als in de panden Haven 146-148 en ‘een aanvullende horeca activiteit’ in staat van exploiteren is gebracht, kunnen De Blokhut en de Wir War worden gesloten’, schrijft Schneiders.

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.