Naar de inhoud

Ephimenco

Bron: Trouw

Ephimenco
Plots weet je het: je bent uit vorm. Het druilerige weer dat op je gemoedstoestand drukt, je geliefde die weer voor een paar dagen vertrekt en al die herfstgedachten die de binnenwanden van je hoofd behangen. De neerslachtigheid dwarrelt in je neer als een handvol dode bladeren op de natte straattegels. Uit vorm, punt uit. Net als een voetbalploeg kan ook een stukjesschrijver door vormverlies worden geplaagd.

In zo'n mindere periode moet je vooral geen zwaarwichtig onderwerp beroeren maar doe je er beter aan buiten op een bankje te gaan zitten om risicoloos te observeren. Een man met een groene jas trekt aan zijn snor, een duif zoekt zijn kost in een hoopje zwerfvuil. Ach, laat maar zitten want zelfs het onbeduidende zul je niet in een fatsoenlijke ketting van woorden kunnen vangen. In de loop van de dag zie je ze wel voorbij zoeven, de appetijtelijke onderwerpen. Maar je hebt geen honger en je kunt toch geen voorzet elegant in het doel schuiven. Want het doel lijkt te zijn verdwenen en je stadionnetje klinkt hol. Dan dreigt de volgende fase aan te breken: na de dode bladeren de winterse buien die je eigen vruchtbaarheid met een ijslaag definitief gaan bedekken. Op weg naar de keuken waar het koffieapparaat staat, tors je een berg zelfmedelijden op je rug. Wat is de zin van alweer een stukje? Inkt voor de kattenbak. De telefoon gaat en je laat hem gaan. Ziet dat domme ding soms niet dat je uit vorm bent? Terug in je werkkamer voor het lege scherm.

Het tv-toestel achter je knippert de hele dag al. Onafgebroken en geluidloos. Je draait je half om, werpt er een verveelde blik op en ziet dat het programma dat je eerder in de week had gevolgd, wordt herhaald. Heilig Vuur. Dit keer komt er geen geluid uit de monden van Lou Snoek en Tom Kwakman. Tegenover Jacobine Geel zitten ze het contrast te voeden. Haar opgemaakte en nog jonge gezicht tegenover hun gerimpelde doffe huid. Het donkere haar van Jacobine tegenover de petjes van Lou en Tom die hun kale schedel bedekken. Het is alweer bijna twee jaar geleden dat de vlammen in café De Hemel aan hun poriën lebberden, hun huid deden smelten en hun gezicht voor altijd een nieuw aanzien verschaften. En nu, amper gewend aan hun nieuwe identiteit, zitten ze in de studio over hervonden levenskrachten te praten. Over bergbeklimmen en uitdagingen. Lou en Ton, kinderen van Volendam die zich niet de luxe kunnen permitteren zich de vraag te stellen of ze momenteel wel of niet uit vorm zijn. Dan draai je je weer naar je scherm en begint te schrijven.

door Sylvain Ephimenco

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.