Luisterend oor van CDA - vertegenwoordigers tijdens bezoek aan Volendam
Luisterend oor van CDA - vertegenwoordigers tijdens bezoek aan Volendam
Donderdag was een delegatie van het CDA op verkiezingscampagne in Noord-Holland. ’s Morgens werd een bezoek gemaakt aan Hoorn en in de namiddag er een verkiezingsbijeenkomst in Hilversum. ‘S Middags om 13.00 uur tussendoor een bezoek gepland aan Volendam om in gesprek te gaan met ouders van overleden slachtoffers van de nieuwjaarsbrand, vertegenwoordigers van Het Anker en een luisterend oor te hebben voor de problemen die spelen in Volendam rond de nazorg van de ramp. Het bezoek aan Volendam had een bestolen karakter en maakte niet deel uit van de campagne activiteiten van de CDA - delegatie. De minister van justitie, Piet - Hein Donner, zou ook aanwezig zijn tijdens deze bijeenkomst, maar op laatste moment was hij verhinderd. De CDA-delegatie Uit Den Haag bestond o.a. uit Staatssecretaris van Economische Zaken Joop Wijn, Marja Bijsterveldt (voorzitter CDA), de gedeputeerden Hans Schippers en Bob Verburg en fractievoorzitter van de Tweede Kamer Maxime Verhaeen. Zij werden welkom gebeten door Jaap Bond, lid van Provinciale Staten namens het CDA en de wethouders Jan Tol en Theo Nouwen.
Pastoor Berkhout sprak de aanwezigen in de zaal toe. Hij deed een klemmend beroep op de CDA - vertegenwoordigers om het pand van de Wir-War-bar aan te kopen. Zodat aan het zig-zag-beleid van de eigenaar een einde komt. De pastoor opperde de suggestie om het pand aan de haven in te Volendam richten als herdenkingsplaats. “Koop het, in Godsnaam, zodat we van dit probleem verlost raken”. Verder bracht pastoor Berkhout de suggestie in om de kerken een rol te laten spelen in de gemeentelijke rampenplannen. Hij drong er bij de CDA-ers op aan, nu zij regeringsverantwoordelijkheid dragen, dit landelijk op te nemen. Daarbij noemde pastoor Berkhout dat de ramp in Volendam niet de eerste en ook niet de laatste zal zijn, omdat er grofweg een keer in de twee jaar een ramp zich voltrekt in ons land. Ook stelde pastoor Berkhout voor om te komen tot een werkgelegenheidsproject voor de getroffenen in onze gemeente. Naast het convenant dat door vele bedrijven is ondertekend om getroffenen een baan te garanderen. zou het volgens pastoor Berkhout een goede zaak zijn als er een mogelijkheid geschapen wordt waar de jongeren zelf, met hun eigen mogelijkheden, aan het werk kunnen en op die wijze op een volwaardige wijze in hun levensonderhoud kunnen voorzien. Hij hoopte dat de CDA-vertegenwoordigers zich hier plaatselijk, provinciaal en landelijk sterk voor willen maken.
Pastoor Berkhout is van mening dat veel jongeren de ramp nog echt moeten verwerken en te maken zullen krijgen met posttraumatische stress. “Het eerste jaar stond het lichamelijk herstel voorop, het afgelopen jaar hebben de jongeren met hun geschonden lichaam en ziel hun plek in de samenleving moeten zien te hervinden. En dat is soms erg moeilijk. Ook voor de ouders van de veertien overleden slachtoffers was het een heel moeilijk jaar. In 2001 werden zij overrompeld door de vele aandacht die de media eraan besteedde. Nu dringt het besef pas echt door dat hun kind gestorven is”. Hij overhandigde de vragen op schrift aan CDA-ers Maxime Verhagen.
Vragen van ouders
Klaas Jonk ging in op de rampnacht, waarbij zijn zoon Edward om het leven is gekomen. Hij vertelde schandalig behandeld te zijn door de politie. Hij hekelde ook de plaatselijke partijen over het gekissebis rond het zichzelf vrijplijten en wethouders, dat zij nauwelijks aandacht voor de getroffenen hebben getoond. Evert Kok vroeg aan de CDA-vertegenwoordigers om steun voor de eventuele juridische gevolgen. Nog steeds is er na het onderzoek van de Inspectie van de Volksgezondheid niets veranderd m.b.t. patiënten die besmet zijn met de MRSA-bacterie. Ook was er nog geen volledige inzage in het rapport gegeven, rond zijn overleden dochter Anja, die in een Belgisch ziekenhuis de MRSA-besmetting opliep en in eerste instantie niet in een Nederlands ziekenhuis werd toegelaten. De staatssecretaris van Economische Zaken, Joop Wijn, was hier onthutst over. “Ik begrijp absoluut niet dat er nog geen antwoord is”. Hij zegde toe deze kwestie aan te zullen kaarten bij het ministerie van Volksgezondheid en voor te leggen in het kabinetsberaad. Joop Wijn kon ook niet begrijpen dat niemand het woord ‘sorry’ in de mond kan nemen. Vorig jaar was Joop Wijn nog in gesprek geweest met Evert Kok over deze kwestie.
Niet in partijpolitieke sfeer
De CDA-fractievoorzitter Maxime Verhagen stelde in zijn toespraak, dat dit bezoek aan Volendam geen activiteit was die deel uitmaakte van de verkiezingscampagne. “Als we oor en oog hebben voor de problemen in Noord-Holland kun je niet voorbijgaan aan de ramp in Volendam”. Het bezoek was bedoeld om in gesprek te gaan met ouders van slachtoffers en betrokkenen van de ramp. Verhagen stelde dat hij niet op alle vragen een antwoord kon geven. Bij eventuele rechtsbijstand kan ten alle tijden een beroep gedaan worden op de politiek in Den Haag. De suggestie van Pastoor Berkhout om het cafépand aan de Haven aan te kopen en in te richten als herdenkingsplaats noemde Maxime Verhagen een optie waar serieus naar gekeken moet worden. De wonden mogen niet verder opengereten worden. Wat betreft het verzoek van pastoor Berkhout om de kerken te betrekken bij de samenstelling van de rampenplannen, verklaarde Verhagen dat de invulling hiervan in eerste instantie een verantwoording is van de gemeenten. De betrokkenheid van de kerken verschilt van plaats tot plaats. Over het creëren van een werkgelegenheidsproject beloofde de fractievoorzitter dit aan te kaarten bij zijn collega van Sociale Zaken, “maar ik kan ook niet meer hoop geven dan ik heb”.
Op een vraag van een ouder of de geneeskundige hulp voor de betrokkenen ook in -de toekomst gewaarborgd wordt, werd geantwoord dat dit zeker het geval zal zijn. Hierop kan de CDA-fractie tot in lengte van jaren aangesproken worden en ongetwijfeld zal dit unaniem ondersteund worden door de gehele Tweede Kamer. Wethouder Jan Tol was zichtbaar aangedaan door het verwijt dat er geen belangstelling getoond was voor de getroffenen van de zijde van de wethouders. Burgemeester Bulte was namens het college geregeld in gesprek geweest met de ouders. M.b.t. de aankoop van het pand aan de haven, daar kon hij nog geen antwoord op geven. Hij sprak het uitdrukkelijk advies uit aan Jan Veerman om te stoppen met de horeca-activiteiten en al helemaal niet meer in de Wir-War-Bar. Wat betreft het verlenen van een horecavergunning voor het naastgelegen pand aan de haven, stelde Jan Tol dat er momenteel een herijking plaatsvindt van het horecabeleid en dat hierover de komende tijd een beslissing zal vallen. Na de bijeenkomst in Hotel Spaander brachten de vertegenwoordigers van het CDA, samen met pastoor Berkhout, enkele ouders en een afvaardiging van ‘Het Anker’ een bezoek aan het graf, waar de veertien slachtoffers van de ramp begraven liggen. Het bezoek aan Volendam maakte diepe indruk op de CDA - vertegenwoordigers. Zij beloofden de vragen en voorstellen te bespreken in de fractie en aan te kaarten tijdens het kabinetsberaad en er binnenkort op terug te komen.