Noodkreet Stichting Welzijn Edam
Edam, 23 januari 2003
Geachte raad,
Wij willen graag bijgaand schrijven onder uw aandacht brengen. De voortgang van het professionaliseringsproces van de stichting Welzijn Edam komt ons inziens in gevaar, door het uitblijven van concrete toezeggingen. Daarom heeft het bestuur besloten een brandbrief te sturen aan B en W. Wij zijn van mening dat u als hoogste orgaan van onze gemeente op de hoogte moet zijn van deze ontwikkelingen.
Hoogachtend,
namens het bestuur,
P. Leek, M. Purkins, W. Schnitger
=======================================================================
Edam, 23 januari 2003
Geacht college,
Zoals U weet, zijn de Stichting Welzijn Edam en haar voorgangers al enkele jaren bezig om in nauwe samenwerking met de gemeente vorm te geven aan een brede welzijnsorganisatie voor Edam. Dit heeft per september 2001 geleid tot het aanstellen van een coördinator met de opdracht het welzijnsbeleid vorm te geven en de Organisatie voor te bereiden op een professionele start. De coördinator is aangesteld in samenspraak met, en betaald door, de gemeente.
Het proces van voorbereiding is in september 2002 met succes afgerond en in oktober 2002 heeft U positief gereageerd op het beleidsplan waarin wij de professionalisering van het welzijnswerk hebben neergelegd. Na het afronden van de voorbereiding zijn door U nog een aantal aanvullende randvoorwaarden gesteld waaraan voldaan moest worden om per 1 januari 2003 van start te kunnen gaan met een professionele organisatie. Aan al deze gestelde voorvaarden is voldaan.
In goed overleg met U hebben wij onze organisatie gereorganiseerd. Oude structuren zijn afgebroken en nieuwe gecreëerd en de wegen nodig zijn voor een start per een januari 2003 zijn geëffend. Helaas bleek door onvoorziene omstandigheden Uwerzijds dat de bovengenoemde beleidsstukken niet tijdig (dwz. in de gemeenteraad van december 2002 ) behandelt konden worden om een start op 1 januari met formele instemming te kunnen bewerkstelligen
Gezien het belang de continuïteit van het proces en de organisatie te waarborgen heeft de stichting toch besloten het professionaliseringsproces groen licht gegeven, mede in het licht van de stellige verzekering dat formele instemming (met terugwerkende kracht tot een januari) uiterlijk in de raadsvergadering van februari 2003 zou plaatsvinden
Nu blijkt dat de behandeling van de stukken en daarmee een formele instemming met onze plannen wederom, en om onduidelijke redenen tot nader order is uitgesteld.
De nijpende onzekerheid die dit met zich mee brengt belemmert onze bedrijfsvoering dermate dat wij het niet verantwoord vinden deze voort te zetten. Als er geen duidelijkheid komt over deze kwestie zien we eigenlijk geen andere mogelijkheid dan om onze activiteiten te stoppen en de stichting te ontbinden.
Wellicht kunt U een zodanig licht werpen op deze zaak dat wij onze overwegingen in een meer positieve richting kunnen bijstellen.
Hoogachtend,
P. Leek
M. Purkins
W. Schnitger