Naar de inhoud

Brief van de staatssecretaris VWS over GHOR Amsterdam

Bron: Tweede Kamer

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

 

Den Haag, 11 maart 2003

 

Mede namens de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties informeer ik u hierbij over de twijfels over de kwaliteit van de GHOR (geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen) Amsterdam en Omstreken en de afspraken die ik inmiddels met de vice-voorzitter van het GHOR-bestuur heb gemaakt om deze zo snel mogelijk op te lossen.

 

In 2001 heeft de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) een rapport uitgebracht over de geneeskundige hulpverlening tijdens de cafébrand in Volendam met als ondertitel “leerzaam terugzien voor straks”. In de afgelopen maanden heeft de IGZ, mede in het kader van thematisch toezicht, een evaluatie verricht naar wat er met de aanbevelingen is gedaan. Eind februari jl. is mij dat rapport door de IGZ aangeboden en heb ik de voorzitter van het GHOR-bestuur uitgenodigd. Dit gesprek heeft met de vice-voorzitter, bij verhindering van de voorzitter, donderdag 27 februari 2003 plaatsgevonden.

 

Het gaat in dit tweede rapport dus niet zozeer over de specifieke situatie van de cafébrand in Volendam maar om de preparatie, voorbereiding alsmede het operationeel zijn van de GHOR in de gehele regio Amsterdam en Omstreken.

 

In de samenvatting van het IGZ-rapport van februari 2003 staat onder meer:

“Alles overziend komt de IGZ tot de conclusie dat er weinig aanbevelingen uit het IGZ-onderzoeksrapport naar de geneeskundige hulpverlening aan de slachtoffers van de cafébrand te Volendam zijn uitgevoerd. Dit betekent naar de mening van de IGZ dat de voorwaarden voor een adequate geneeskundige hulpverlening tijdens en na een calamiteit of ramp in deze regio sedert de Volendamramp van 1 januari 2001 nauwelijks zijn verbeterd, misschien zelfs verslechterd. Dit is ernstig, te meer daar de regio Amsterdam en Omstreken, één van de meest risicovolle regio’s van Nederland is.”  Ik verwijs verder naar het bijgevoegde rapport van de IGZ.

 

Parallel aan dit onderzoek komt ook uit de monitor, die wij door het bureau Octaaf laten verrichten naar de voortgang van de opbouw van de GHOR in alle 25 GHOR-regio’s, naar voren dat de GHOR-regio Amsterdam en Omstreken in verhouding tot de andere regio’s op de derde en vierde plaats van onderen staat en dat er op allerlei punten verbeteringen noodzakelijk zijn.

 

Medio februari heb ik, zoals aangegeven, een vertegenwoordiging van het bestuur en de RGF van de GHOR-regio ontvangen om het IGZ-rapport te bespreken. In dit onderhoud heb ik kunnen vaststellen dat de door de IGZ naar voren gebrachte feiten niet worden bestreden.

Van de kant van het bestuur werd betreurd dat in het onderzoek van de inspectie niet het bestuur van de GHOR-regio bevraagd is, maar alleen de betrokken uitvoerende instellingen en diensten (zie bijlage 1 van het bijgesloten IGZ-rapport). Door de vertegenwoordiger van het GHOR-bestuur wordt de suggestie van de IGZ dat er te weinig bestuurlijke aandacht zou zijn ten zeerste bestreden. Gesteld werd dat circa een half jaar geleden de burgemeester van Amsterdam het voorzitterschap van het GHOR-bestuur op zich genomen en dat er hard aan wordt getrokken. Per 1 januari jl. is voorts een nieuwe adjunct Regionaal Geneeskundig Functionaris benoemd met als taak de operationele kant van de GHOR-regio Amsterdam en Omstreken ingrijpend te reorganiseren. Begrip wordt verder gevraagd voor de bestuurlijk complexe situatie (discussie over de territoriale congruentie van Politie, Brandweer en GHOR voor het gebied Schiphol en Zaanstad-Waterland, de problemen als startregio met het radiocommunicatiesysteem C2000 voor de operationele diensten en andere zaken). Nadrukkelijk wordt door de vertegenwoordiger van het bestuur ook gesteld dat de regio in de voorliggende jaren in financiële zin stevig heeft geïnvesteerd in de GHOR en dat de beperkte verlaging in de bijdrage per inwoner, zoals door de IGZ gesignaleerd, niet mag worden uitgelegd als afnemend bestuurlijk commitment. Waar nodig zal de bijdrage, als dat voor een goede operationele uitvoering noodzakelijk is, in de komende jaren vanuit de regio alsnog worden verhoogd.

Dit alles laat, aldus de vertegenwoordiger van het GHOR-bestuur, onverlet dat het GHOR-bestuur zich terdege realiseert dat er sprake is van een ernstige situatie in de preparatieve en operationele zin en dat er alles aan gedaan moet worden om zo spoedig mogelijk de situatie te verbeteren en op adequaat niveau te brengen.

 

Door mij is, mede namens mijn ambtgenoot van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, met de vertegenwoordiger van het GHOR-bestuur afgesproken dat zo snel mogelijk, in ruggespraak met IGZ, VWS en Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, een concreet verbeterplan zal worden opgesteld en uitgevoerd. Uit hetgeen door het bestuur naar voren is gebracht is daarbij dan vooral de nadruk te leggen op het preparatieve en operationele van de GHOR, nu in bestuurlijke zin een aantal moeilijke hindernissen in de regio genomen zijn of zoals het bestuur dat ook aangeeft, in control zijn. Periodiek zal door de IGZ worden getoetst op daadwerkelijke preparatieve en operationele resultaten. Ik heb aangegeven dat ik uiterlijk 1 september 2003 op een groot aantal punten de noodzakelijke verbetering ingevoerd wens te zien in preparatieve en operationele zin. De IGZ zal, zoals aangegeven, deze toetsen in een volgend onderzoek waarin ook het GHOR-bestuur bevraagd zal worden.


Uit het rapport van de IGZ komt overigens naar voren dat het traumacentrum van de regio Noord-West (VU/AMC) ook een belangrijke rol speelt in de slechte performance van de GHOR-regio Amsterdam en Omstreken. Binnenkort zal raad van bestuur van het traumacentrum eveneens worden uitgenodigd en aangesproken worden. Ook hier zal een concreet verbeterplan met periodieke toetsing door de IGZ mijn uitgangspunt zijn.

 

Ik stel mij voor u op de hoogte te houden van de voortgang.

 

De Staatssecretaris van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport,
C.I.J.M. Ross-van Dorp

 

 

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.