Bulte: "Winkel passende bestemming voor Wir War Bar en Blokhut"
Bulte: "Winkel passende bestemming voor Wir War Bar en Blokhut"
De gemeente Edam-Volendam heeft horecaondernemer Jan Veerman schriftelijk laten weten dat zij bereid is om met hem te zoeken naar een passende bestemming voor de Wir War Bar en café De Blokhut. Een winkel is zo'n passende bestemming, volgens burgemeester Hans Bulte. De cafés zijn sinds de nieuwjaarsbrand gesloten. Voor café 't Hemeltje ziet de burgemeester, die eind deze maand afzwaait, slechts een passende bestemming: namelijk die van een herdenkingsplek. Bulte kan zich voorstellen dat de gemeente besluit tot aankoop van het pand, dan wel een deel daarvan, vertelt hij vandaag in een afscheidsinterview in de NNC. De gemeente zou daarbij alleen kunnen opereren maar ook kunnen samenwerken met andere organisaties, zoals de stichting Slachtoffers (SSNV). Het gegeven dat er naast Veerman nog een tweede eigenaar van het pand is, maakt dat er niet eenvoudiger op. De onderhandelingen daarover moeten nog gevoerd warden. Ook in het naastgelegen pand, dat eveneens eigendam is van Veerman, komt definitief geen horeca. Een raadsman van Veerman heeft de gemeente meegedeeld dat er geen plannen meer zijn voor horeca in dat gebouw. Daarmee komt de oorspronkelijke bestemming weer in beeld: winkels op dijkniveau en daarboven woningen.
Veerman heeft eerder aangegeven dat hij ook tevreden zou zijn met een horecabestemming voor een pand op bedrijventerrein het Slobbeland waarvan hij eigenaar is. Het ziet er evenwel naar uit dat ook dit geen realistische optie is. In de nota herijking horecabeleid wordt geen ruime geboden voor nieuwe cafés in Volendam. De horecastap blijft gelden voor horecagelegenheden waar het schenken van sterke drank het hoofddoel doel is. Voor lichtere vormen van horeca - zoals restaurants en eetcafés - gaat de deur namelijk wel op een kier. Op de vraag of het redelijk is om tegen een ondernemer van wie de zaak (deels) is afgebrand te zeggen: nu is het einde verhaal, reageert Bulte aanvankelijk met stilzwijgen. Dan zegt hij: ,,Maar in dit geval zijn er wel heel bijzondere omstandigheden. In dit pand hebben veertien jongeren hun leven verloren. Hun ouders, broertjes en zusjes hebben intens verdriet. Dat is vele malen erger dan het verlies van materiele zaken. Hun leed telt voor mij velen malen zwaarder. De burgemeester wijst erop dat er met winkels op de plaats van de twee cafés er ook inkomsten gegenereerd worden.