'De burgemeester van Volendam moet een buitenstaander zijn'

'De burgemeester van Volendam moet een buitenstaander zijn'
Nico de Fijter
Bijna twee jaar was Hans Bulte (66) waarnemend burgemeester van Edam-Volendam, ,,in een spanningsveld van woede, verdriet, traditie en saamhorigheid''. Afgelopen weekeinde nam hij afscheid. Het was de moeilijkste klus van zijn leven.
,,Ik begin aan de moeilijkste klus van mijn leven'', meldde Bulte nadat hij op Goede Vrijdag 2001 werd gepresenteerd. Bulte was eerder al wethouder in Lichtenvoorde, burgemeester van Sint-Pancras en Langendijk en waarnemend burgemeester van Anna Paulowna. Van Kemenade noemde hem een bestuurlijk zwaargewicht. Dat kan wel zijn, peinst Bulte twee jaar later in zijn werkkamer in het stadskantoor, maar met dit aspect van het burgemeesterswerk had zelfs hij nog nooit te maken gehad.
Wás het de moeilijkste klus van uw leven?
,,Dat was het. Natuurlijk had ik ervaring. Ik zat ook helemaal niet in over de bestuurlijke kant van het verhaal. Maar wat zeg je tegen mensen die hun kinderen hebben verloren, jongeren die verminkt hun toekomstplannen moeten bijstellen, een hechte gemeenschap die murw geslagen is? Het verdriet en de woede waren van zo'n grote omvang. Mijn eerste zorg was: hoe ga je daarmee om? Dat is me niet in de kouwe kleren gaan zitten.''
Hoe ging u ermee om?
,,Ik heb slachtoffers en nabestaanden opgezocht. Het eerste gesprek herinner ik me nog goed. Met lood in m'n schoenen ging ik op pad. Dan hoor je de verhalen van woede en verdriet. Na een tijdje leer je de mensen kennen, ken je hun verhalen. Een van de jongeren heeft zijn vingers verloren door de brand. Hij wilde tegelzetter worden. Daar lag z'n ziel en zaligheid. Dat kan nu niet meer. Zulke verhalen vliegen me naar de keel. Maar ik heb er vrienden aan overgehouden en door de gesprekken ontdekte ik wat we als gemeente voor die mensen kunnen doen. We hebben geprobeerd allerlei projecten op te zetten. De gemeente wil daar ook een voortrekker in zijn: via een werkgelegenheidsproject hebben we binnen onze ambtenarij acht jongeren aan werk geholpen. Maar dat was later. In het begin was het erg belangrijk dat we het vertrouwen van de Volendammers zouden terugwinnen.''
Dat was nodig?
,,Dat kun je wel zeggen, ja. Het bestuurlijk apparaat lag op z'n gat. Regels waren onduidelijk, werden slecht nageleefd en werden op verschillende mensen verschillend van toepassing verklaard. De raad controleerde het beleid van het college nauwelijks. De burgemeester van Volendam moet een buitenstaander zijn. Je moet niet deel uitmaken van een van de vele netwerken van families, vrienden, buren. Die cultuur is heel sterk en dat had ook z'n invloed op de bestuurscultuur. 'Dat regel ik wel even voor je' - zo'n vriendjespolitieksfeer hing er. Daar zijn we nu vanaf.''
Nadat de commissie-Alders rapport had uitgebracht van haar onderzoek naar de ramp in De Hemel riep u raadsleden op eens goed in de spiegel naar zichzelf te kijken en gewetensonderzoek te doen. Welk effect heeft dat gehad?
,,Als je de bestuurscultuur wilt wijzigen,moeten bestuurders eerst inzien wat er mis is gegaan. Mensen zijn van nature geneigd om met allerlei argumenten kritiek te vergoelijken. Dat moest niet. Daarom deed ik die oproep. Het verbaasde me eerlijk gezegd hoe positief daarop gereageerd werd. Er waren ook wel raadsleden die zeiden 'Wie denk je wel dat je bent?', maar de meesten vonden het een goed idee. De reacties hebben me ontroerd. Veel leden zeiden: 'Inderdaad. Het ging niet goed. We controleerden niet. Dat was fout'. De raad is vernieuwd, heeft zijn kracht herwonnen. Ik ben er erg gelukkig mee. ,,Niet dat de bestuurlijke vernieuwing al is afgerond. Maar de eerste belangrijke stappen zijn gezet. De regels zijn helder. En die regels gelden voor iedereen. Geen onderhands gekonkel meer. Je moet streng zijn.''
Zoals tegen Jan Veerman, de eigenaar van het rampcafé. Hij wil opnieuw een café beginnen en het college heeft geweigerd daarvoor vergunningen te verlenen.
,,Ja. Maar dat past in ons horecabeleid. Van het soort café dat hij wil, hebben we hier genoeg. Basta.''
U heeft geprobeerd te voorkomen dat de slachtoffers een schadeclaim bij de gemeente zouden indienen. Toch is daar vorige week een bodemprocedure voor gestart.
,,Claims leiden altijd tot jarenlange procedures. Dat is niet goed. Niet voor de gemeente en vooral niet voor de slachtoffers. Vergeet niet: er ligt een nazorg-nota met een heel pakket aan maatregelen waarmee we aan de slachtoffers tegemoetkomen. De relatie tussen gemeente en slachtoffers is goed. De directeur van de belangenvereniging vertelde me vorige week dat als de gemeente hen voldoende tegemoetkomt, er dan alsnog van een claim wordt afgezien. Het is aan de raad daarover te beslissen.''
Had u niet langer als burgemeester willen aanblijven?
,,Het werk is sowieso nog niet af. Maar het gaat de goede kant op. Het waren zeer intensieve jaren. Vergeet niet: ik zat hier niet als een soort one issue-burgemeester, alleen voor de verwerking van de ramp. Ook het gewone burgemeesterswerk moest gebeuren. Dat is al een drukke baan. Ik ben 66. Ik was eigenlijk al met de vut. Als ik 15 jaar jonger was geweest, had ik willen blijven. Nu ben ik gewoon moe. Dat laat onverlet dat ik een geweldige tijd heb gehad. Het burgemeesterswerk hier in Volendam vormde het laatste puzzelstukje van een mooie loopbaan. Het is een mooie puzzel geworden.''