Naar de inhoud

Ook grootouders maken acceptatieproces door

Bron: Interview met Hille Veerman (76)

Ook grootouders maken acceptatieproces door
Vanaf haar balkon kijk je op de achtergevels van de panden aan de dijk. In de nieuwjaarsnacht stond ze de hele nacht op dat balkon. Naar de dijk gaan kon niet, met haar vierenzeventig jaar, vanwege de gladheid. Iets verderop is een trap, waarlangs de mensen die nacht van de dijk af kwamen. 'Onder mijn balkon, op de straat, liepen jonge jongens te huilen en te schreeuwen.' Het was een ravage, een komen en gaan van mensen. Hille Veerman (76) hoorde sirenes en zag helicopters boven de dijk. 'Ik wist dat mijn kleinkinderen in De Hemel waren. Iedere keer dat er mensen terugkwamen van de dijk, vroeg ik: "Zijn er nog doden?" Ik zag al verkoolde en verbrande lichamen voor me.' Op een gegeven moment hield Hille het niet meer uit en is ze even naar de vader van haar kleinkinderen Hellen en Mick gelopen. Hij had nieuws over Mick, die in de Blokhut had gezeten. "Mick is er uit!" riep hij. Over de kleinkinderen Hellen, Inge en Niels wist hij niks. Niels zou daar na twaalven heen gaan om zijn zusje Inge gelukkig nieuwjaar te wensen.' Wanneer ze hoorde dat haar andere kleinkinderen er levend uit waren, weet ze niet precies meer. Eerst kwam het bericht dat Niels veilig was. Later belde haar dochter om te vertellen dat Hellen naar het ziekenhuis in Purmerend was gebracht. Dat Inge met een helicopter vanuit het Amsterdams Medisch Centrum naar Leuven werd gevlogen en haar vader Siem daar in een auto met zwaailicht achteraan reed, hoorde ze pas halverwege Nieuwjaarsdag.

Michelinmannetje
 In de dagen daarna kreeg Hille beetje bij beetje te horen wat er met haar kleinkinderen was gebeurd. Hoe kleindochter Hellen Schilder (15) uit De Hemel was gekomen, weet ze niet. Wel is bekend dat ze daarna in de Zeestraat liep en door een jongen in een café is neergezet. Haar arm en schouder waren verbrand. Een andere jongen haalde de kerstlichtjes die om haar hals hingen weg. Hellen weet er niets meer van. Vanuit dat café brachten ze haar naar het ziekenhuis in Purmerend. Haar arm en schouder zijn daar behandeld, waarna ze haar naar huis stuurden. Maar een week later moest ze toch naar Beverwijk. 'Haar moeder kon het niet meer aanzien, de huisarts wist er ook geen raad mee. Vooral niet met die arm van Hellen. En haar gezicht, de vellen vielen er zo af. Maar dat is helemaal goedgekomen,' vertelt Hille. Kleinzoon Niels Keijzer (19) liep in De Hemel net naar de uitgang, toen de brand uitbrak. Hierdoor was hij, ondanks de drukte en de paniek, snel weg. In café WirWar sprong hij uit het raam. 'Hij had evengoed zijn arm verbrand. Tweedegraads, maar het zag er uit als satésaus,' zegt Hille. 'Er ontwikkelde zich zo'n enorme hitte in die ruimte, de mensen smolten gewoon.' Inge Keijzer (16) lag in Leuven aan de beademing en was van top tot teen verbonden. Toen Hille haar voor het eerst kon bezoeken, bleef ze op de gang staan. 'De deur mocht even open, daar lag ze. Door dat verband was ze net een Michelinmannetje. Ik had het niet meer. Ik dacht: Wat zou er onder dat verband vandaan komen?' Hille is vier keer naar Leuven gereisd. Ze maakte zich zorgen over de littekens die Inge aan de brandwonden over zou houden. Bij ieder bezoek was Inge een stukje minder verbonden. 'Ik was zo blij met de huid die ik weer zag. Het viel mee. Ik zei: Oei, Inge, wat zie jij er goed uit.' In de eerste maanden ging het op en neer. Voor de hele familie een zorgelijke periode. 'Af en toe mocht die pijp uit haar keel,' vertelt Hille. 'Op een dag moest hij er na zevenenveertig uur toch weer in. Kon ze op eigen kracht nog niet ademen.' Er waren meer van zulke tegenvallers. 'Toen ze eenmaal zo ver opgeknapt was dat ze naar het revalidatiecentrum Heliomare in Beverwijk kon, kreeg ze een infectie,' zucht Hille. Later hoorde Hille dat Inge in De Hemel door een vriend van haar kruk was geslagen, toen de vuurzee oplaaide. 'Dankzij dat vriendje heeft ze haar gezicht nog,' zegt Hille. 'Dat is mooi geheeld en heeft ze weer een mooie kop met haar. Ze heeft op haar voorhoofd wel een plek, maar die kan ze wegwerken met make-up. Maar het heeft lang geduurd voor haar rug genezen was. Ze is al zestien keer geopereerd, op het laatst was er geen huid meer over voor transplantaties.'

Praat er over
 'Ik heb altijd gedacht: Na regen komt zonneschijn. Wat er ook aan de hand was, ik zat niet bij de pakken neer. Ik zag altijd wel een lichtpuntje. Maar na de brand niet meer. Het leek of ik in een koker zat. Ik draaide geen muziek meer en zat gewoon gevangen. De hele dag dacht ik aan die ellende van de brand. Ik zei: "Dit kan ik niet verwerken. Hier kom ik nooit meer uit." Terwijl Hille al veel meemaakte in haar leven, een scheiding en twee kinderen die met drugs in aanraking kwamen. En het gezin van een zoon werd zwaar door ziekte getroffen: zijn vrouw was nog niet hersteld van een zware operatie, toen zijn dochter met zware brandwonden in Leuven werd opgenomen. Terwijl ze zich voordien altijd over problemen heen wist te helpen, lukte dit na de brand niet meer. Hille wilde er ook niet bij haar kinderen mee aankomen, want die zaten er zelf ook mee. Toen kwam er iemand van Het Anker. 'Deze vrouw zei: "Praat er over." Dat heb ik gedaan. Ik heb nooit geweten dat praten zo goed kon helpen! Toen zij een paar uur later weg ging, was ik uit de put.' Daarna kreeg Hille een supporter. Dat werd Jenny Veerman. Aan Jenny kan Hille alles vertellen wat haar bezighoudt. 'Jenny kwam eerst iedere week, nu komt ze een keer per maand.'

Ze kunnen me wat
 Al gaat het nu weer een stuk beter met Hilles kleinkinderen, toch blijft Hille zich zorgen maken. Inge heeft lang in een rolstoel gezeten. 'Maar ze had een enorme wilskracht. Ze moest en zou weer lopen. Op een dag kom ik bij hen, zegt Inge: "Kijk oma, ik loop weer." Ze zette een paar stappen. "Over een week kan ik weer lopen," zei Inge. Ik heb haar maar in de waan gelaten, maar dacht: dat zal nog een week of wat langer duren.' In het eerste jaar na de ramp is Inge met haar vriendinnen twee weken op vakantie naar Spanje geweest. Haar ouders hadden een appartement in dezelfde streek. 'In Spanje is Inges teen zwart geworden. Omdat ze bezorgd waren, is Inge drie dagen eerder met haar ouders naar huis gevlogen. Hier hoorde ze dat de teen niet geamputeerd hoefde te worden. Het was de nagel, die moet gewoon uitgroeien.' Het lijkt Hille moeilijk voor een meisje van zestien om met littekens van brandwonden in bikini op het strand te liggen. In het eerste jaar kon Inge dat nog niet, afgelopen zomer wel. 'Voor een meisje is dat een hele overwinning. En wat gebeurt er? Een vrouw wijst met haar vinger naar Inge. Zo van: kijk daar eens. Terwijl dat kind het al zo moeilijk met zichzelf heeft. Wie doet er nou zó stom?' vraagt Hille kwaad. En voegt er aan toe: 'Straks is het weer winter, dan kan ze tenminste een coltruitje aan.'  Voor Inge hoeft dat niet, zij loopt evengoed met blote armen. 'Ze kunnen me wat, dan kijken ze maar een andere kant op' redeneert Inge, aldus Hille. 'Ze heeft veel vriendinnen, daar zitten ook meisjes met brandwonden bij. Dus ze hebben wel wat aan elkaar. Maar dan zie ik Inge met haar zusje van vijftien, dat zo'n mooi bruin lijfje heeft. Dan vraag ik me af wat er van binnen in Inge omgaat.'  Ook is het nog onduidelijk hoe kleindochter Hellen er nu precies aan toe is. 'Omdat ik vier keer per week bij mijn dochter eet, zie ik Hellen vaak. Ondanks drie operaties en een drukpak is haar hand nu nog dik. Die hand ziet er slechter uit dan die van Inge.' Maar Hellen krijgt nu injecties in haar hand, en die helpen zo goed, dat Hille laatst zeggen kon: 'Nou Hellen, nog een of twee keer, en jij hebt weer een prachthand, waar niemand erg in heeft dat hij verbrand is geweest.'

Een dansje
Dus voorlopig zijn de zorgen nog niet voorbij. Hille blijft iedere dag twee kaarsjes voor het Mariabeeld branden, maar ze is blij dat ze weer kan genieten. Ze heeft een mooie flat, die helemaal naar haar zin is ingericht. En ze draait weer muziek op de nieuwe stereotoren. Soms maakt ze daar in haar eentje een dansje bij. 'Via Jenny ben ik ook bij bijeenkomsten voor opa's en oma's terechtgekomen. Op zo'n middag praten we over hoe het met de kleinkinderen gaat. Praten doet goed. Laatst zei een vriendinnetje van één van de meisjes dat háár oma dat niet nodig heeft, hulp. Nou, ik ben er niet te trots voor en ik heb er veel aan gehad.'

Interview: Nynke Feenstra

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.