Brief aan getroffenen over strafzaak 23 juni
Brief aan getroffenen over strafzaak 23 juni
Naar aanleiding van de brief die jullie vorige week hebben ontvangen van het Arrondissementsparket in Haarlem, staat hieronder de brief die wij hebben ontvangen van Beer advocaten. Lees deze goed door!!
Het bestuur van de BSNV
Geacht bestuur,
De Officier van Justitie had ons meegedeeld dat de bij het OM bekende slachtoffers binnenkort een brief zullen ontvangen waarin ze worden gevraagd of zij zich als benadeelde partij in de strafprocedure willen stellen. Van u hebben wij begrepen dat deze brief reeds bij de slachtoffers is aangekomen. Wij adviseren deze slachtoffers niet op dat aanbod in te gaan, om hun rechten op schadevergoeding niet in gevaar te brengen. Ik zal dat hieronder verder uitleggen. De Officier van Justitie heeft ons uitdrukkelijk meegedeeld dat het Openbaar Ministerie zich beschikbaar houdt voor gesprekken met slachtoffers die behoefte hebben aan informatie over de strafzaak, ook al stellen zij zich formeel niet als benadeelde partij. De slachtoffers die in contact willen komen met het OM dienen daartoe zelf het initiatief te nemen.
Wij zijn van mening dat de strafkamer van de rechtbank niet de geëigende instantie is om de schadevergoedingsvordering van de slachtoffers juist te kunnen beoordelen. Zoals u in de brief kunt lezen, kan men een schadevergoeding tijdens het strafproces vorderen maar: als het gaat om rechtstreekse, eenvoudig vast te stellen schade. Dat is nu niet het geval. Het risico bestaat dat deze vorderingen zullen worden afgewezen of dat de slachtoffers die zich in de strafprocedure hebben gesteld als benadeelde partij niet-ontvankelijk zullen worden verklaard. Het afwijzen van de vordering leidt er toe dat deze personen in een civiele procedure geen schadevergoeding meer kunnen vorderen. Een niet-ontvankelijk verklaring heeft dat effect niet, maar kan ertoe leiden dat in de publiciteit de indruk ontstaat dat de schadevergoeding van de slachtoffers wordt afgewezen. Tot slot doorbreekt het toewijzen van de schadevergoeding aan een beperkt aantal slachtoffers de collectiviteitsgedachte. Vaststaat dat het in de strafzaak in ieder geval niet mogelijk zal zijn om namens alle slachtoffers schadevergoeding te vragen.
Om de hiervoor genoemde redenen adviseren wij dus om af te zien van het indienen van een civielrechtelijke schadevergoedingsvordering in de strafprocedure. Ik verzoek u vriendelijk uw leden van mijn brief in kennis te stellen.
Met groet,
Josée van de Laar
Beer Advocaten