Dromen van Heen en Weer over de dijk (met foto)
Dromen van Heen en Weer over de dijk
Het blijft een apart fenomeen, de Volendamse voetballer. Er strandden meer beloftevolle carrières op de dijk dan dat er honderden meters verderop tot wasdom kwamen. Twee rasechte Volendammers, Wim Jonk (36) en Jack Tuyp (19), kunnen er uitvoerig over in gesprek raken. De één verdiende zijn sporen in binnen- en buitenland en is tegenwoordig bestuurslid technische zaken van de plaatselijke FC. De ander geldt als de laatste exponent van de immer op techniek geschoeide Volendamse leest. Jonk had een ´stekkie´ op de laatste Heen en Weer, die vijftien jaar geleden over de dijk ´voer. Nu de huidige ploeg nadrukkelijk op de deur van de eredivisie klopt, heeft ook Tuyp al stiekem een ronde gemaakt met de bekende botter. „Dromen mag toch.”
De dorpsgenoten zijn nogal gereserveerd als het gaat om de promotiekansen van FC Volendam, dat vanavond bij winst op het reeds gedegradeerde Excelsior een grote stap kan zetten „Excelsior zal als afscheid nemende eredivisieploeg nog een keertje de beuk erin gooien”, waakt Tuyp. „Daarom wordt er in de groep en op de training bij ons nog niet over de eredivisie gesproken.” Ook Jonk tempert de in het dorp ontstane euforie: „De start bij Heracles was goed en dat is belangrijk geweest. Tegen Emmen was het spel niet bijster goed, werd er weinig gevoetbald na de vroege voorsprong. Maar je zag dat er geen druk op de ploeg stond en die factor gaat nu wel meespelen. En hoe gaan ze daar mee om? Maar Jack is nuchter”, glimlacht Jonk. „Die legt er in Rotterdam wel twee in.”
Jonk vindt de opmars van Volendam een logische. „Dat is ook de verdienste van de twee trainers, Henk Wisman en Johan Steur. Ze zijn drie jaar lang in staat gebleken een ploeg neer te zetten en Wisman heeft de jeugd een kans gegeven. Je zag dit seizoen dat ze niet minder waren dan de top van de eerste divisie.” In die opmars speelde Tuyp – hij maakte halverwege het seizoen zijn debuut achter de spitsen – een wezenlijke rol. In achttien basisoptredens scoorde hij negen keer. Terwijl de frêle voetballer een dramatisch seizoen in de A-junioren achter de rug had. „Ik speelde op een positie, rechterspits, waar ik niet thuishoor. Het is dat ik een doorlopend jeugdcontract had, anders had ik nu bij de zaterdagamateurs gespeeld.”
Tuyp had veel baat bij de individuele training die hij van Jonk kreeg, toen die twee jaar geleden in zijn geboorteplaats neerstreek nadat een slepende liesblessure hem noopte afscheid te nemen bij het Engelse Sheffield Wednesday. „Snelheid is nooit m´n sterke punt geweest, maar door een andere houding met het lopen is het veel beter geworden.” Jonk neemt het over: „Jack heeft de kwaliteit om loopacties met én zonder bal te maken, zoals Zidane en Bergkamp dat kunnen. Die laten zich af en toe naar een zijkant vallen, om daar in balbezit te komen of ruimte te maken voor anderen. Door Jack bewust te maken van die kwaliteit en te zorgen dat hij durft en geen twijfels meer moet hebben, zie je dat hij automatisch goede keuzes gaat maken. Het leuke is dat tegenstanders steeds meer op hem gaan letten en dan is er weer de uitdaging voor hem om nieuwe oplossingen te zoeken. Dat is het spel dat je met jezelf kunt spelen. Dat boeit me en daar let ik vanaf de tribunes de laatste weken op. Hij staat nog maar aan het begin, hij kan er veel meer uithalen”, benadrukt ´de meester´.
Jonk zag in zijn eigen tijd veel Volendamse talenten vroegtijdig sneuvelen, mede door de aantrekkingskracht van het uitgaansleven en heeft ook de laatste twee jaar nieuwe inzichten verkregen. „Er loopt talent zat rond, maar het gaat om de laatste paar stappen. De Volendamse voetballer vindt 95 procent ook wel eens genoeg en dat moet eruit. Je moet steeds het maximale van jezelf eisen.”

• Wim Jonk (achter) en Jack Tuyp kunnen uitvoerig praten over het fenomeen ´Volendamse voetballer.
FOTO: GLENN WASSENBERGH