Onderzoek naar rampen: mening mr. Wim Anker
Onderzoek naar rampen: mening mr. Wim Anker
Kortgeleden ventileerde mr. Pieter van Vollenhoven in het Algemeen Dagblad kritiek op de wijze van onderzoek naar rampen en ongevallen. Hij vreest dat de nieuwe Onderzoeksraad Voor Veiligheid te weinig onafhankelijk zal zijn en acht ook het financiële budget te mager. Ondergetekende heeft ervaring opgedaan in de zaak van de Herculesramp, als het gaat om onderzoek naar de feiten, de oorzaak en de schuldvraag. De aanpak van de Bijlmerramp en de Herculesramp laat zien dat een groot (beschaafd) land klein kan zijn op zo´n belangrijk terrein. In de Bijlmerzaak vond pas na vijf á zes jaren een parlementaire enquête plaats, met alle (nadelige) gevolgen van dien. In de Herculeszaak verschenen uiteindelijk meer dan twintig rapporten zonder dat er sprake was van enige samenhang. De meeste rapporten kwamen ook nog van de verschillende inspecties, ressorterend onder diverse ministeries.
Het wordt hoog tijd dat er een brede onafhankelijke onderzoeksraad komt. Deze dient volledig los en onafhankelijk te functioneren van de diverse ministeries. De Raad zal ook bevoegd moeten zijn om getuigen en deskundigen onder ede te horen. De Raad zal ook onmiddellijk na een ramp met de werkzaamheden moeten kunnen starten. In de zaak van de Herculesramp ligt een boekenplank vol met rapporten, doch vele essentiële vragen zijn onbeantwoord gebleven. Dit heeft geleid tot veel onbegrip en emoties aan de zijde van de slachtoffers en nabestaanden. Het is tekenend dat ongeveer vijf jaar na de ramp nog gesproken werd over een mogelijke parlementaire enquête. Kennelijk is van de Bijlmerramp niets geleerd! Het wordt hoog tijd dat de politiek ingrijpt en dat op een zorgvuldige, uitgebreide en adequate wijze rampen kunnen worden onderzocht. Geld zal daarbij ook geen rol mogen spelen. Het is te hopen dat mr. Pieter van Vollenhoven niet een roepende in de woestijn blijft. Daarvoor is de materie te belangrijk en gevoelig.
Mr. Wim Anker