Volendam wil het boek wel eens sluiten
Volendam wil het boek wel eens sluiten
Het journaal staat aan in café Motje, net achter de dijk in Volendam. De rechter vertelt Jan Veerman dat hij geen celstraf krijgt. Om hem de kans te geven met de slachtoffers en nabestaanden te gaan praten en de vrede terug brengen in Volendam.
Gespannen kijken de bezoekers naar het scherm, maar ze zijn het er al over eens dat het nooit zover had mogen komen. “Veerman heeft geen schuld,'' zegt kroegbaas Jan Rab, “ik sta vierkant achter hem.'' Goed, 'Dekker' -zoals Veerman hier heet- was een keiharde zakenman. “Maar met een klein hartje.'' Behalve van de drie kroegen aan de Dijk, de Hemel, de Wirwar en de Blokhut, was Veerman eigenaar van een bouwbedrijf en nog wat onroerend goed. “Die man heeft verschrikkelijk veel goeds gedaan voor Voledam,'' vindt Paul, die net binnenkomt.
Volendam wil het boek van nieuwjaarsnacht 2001 sluiten. Tweeëneenhalf jaar nadat de kerstversiering met sterretjes werd aangestoken en een kort, hels vuur tweehonderd jongeren verminkte, is het tijd om vooruit te kijken. De mensen die op deze zomeravond rond de Dijk het weekend inluiden, zien gevangenisstraf voor Veerman niet als genoegdoening. Hij is genoeg gestraft en volgens velen heeft hij zijn best gedaan om de slachtoffers te helpen. Drie minuten na de brand was hij in zijn kroeg om mensen naar buiten te slepen. “De brandweer moest hem naar buiten halen, anders had hij daar het leven gelaten,'' zegt Paul in café Kakato, naast het pand waar de kroegen de Wirwar en daarboven de Hemel zaten.
Ook na de ramp deed Veerman zijn best, hoewel hij in de pers wat tactloze uitspraken deed. Hij was bot en de dingen moesten gaan zoals hij het wilde. Maar zijn drie auto's stonden ter beschikking voor ouders die naar het ziekenhuis moesten. En hij is langs de deuren gegaan van de ouders, waar hij soms - en dat begrijpt iedereen - niet binnengelaten werd. Bij Jan Rab's nichtje, die ernstig verminkt raakte bij de brand, viel een envelop binnen met duizenden guldens. “Dat moet bij Veerman vandaan zijn gekomen.''
Dat het later zo mis liep tussen Veerman en de getroffen Volendammers, kwam door de advocaten. En de brandveiligheid in zijn café? “Dat gaat hier al dertig jaar zo. Er was een gedoogcultuur en daar heeft de gemeente schuld aan,'' vindt de hele kring op het terras naast de Wirwar. Nu is de gemeente heel streng, maar vooral voor de kroegen aan de dijk, die geen stoeltjes meer buiten mogen zetten. Terwijl de horeca daar juist een opkikker nodig heeft. Daarom moet er snel weer horeca komen in het pand. Dat willen ook de meeste jongeren die in die rampnacht zelf in de Hemel aanwezig waren. Peter (20) bij voorbeeld: “Er kwamen daar elk weekend 400 jongeren. Het was de gezelligste plek van het dorp.'' Peter en zijn vrienden vinden de uitspraak van de rechter 'top'. “veerman is geen kwaaie vent, maar hij had zijn kroegen gelijk op twee januari moeten verkopen. Dat had rust gegeven. Nu is hij de zondebok geworden.''