Naar de inhoud

Gesprek schadeclaim Volendam is praten met het mes op de keel

Bron: NHD

Gesprek schadeclaim Volendam is praten met het mes op de keel
Een open gesprek moet het worden, zegt burgemeester W. van Beek van Edam-Volendam. Een open gesprek tussen de slachtoffers van de Nieuwjaarsbrand, de gemeente en café-eigenaar Jan Veerman om tot een 'bevredigende regeling' te komen. Praten met het doel een einde te maken aan de juridische strijd over de schadeclaims. ,,Want'', zegt de burgemeester, ,,als er geld is, kunnen we dat beter aan de slachtoffers dan aan advocaten betalen.'' Een loffelijk streven, want Volendam lijkt te snakken naar zo'n gesprek. Zowel de slachtoffers, Veerman als de gemeente zijn toe aan rust en duidelijkheid over de centen en de toekomst. Maar een open gesprek kan het allang niet meer worden. Daarvoor is er te veel gebeurd. Los van het verdriet over het verlies van familieleden en de emoties over brandwonden die slachtoffers voor het leven lang tekenen, zijn er grimmige juridische stellingen betrokken. Aan drie kanten blazen er verbeten advocaten.

Zo is er het beslag van 150 miljoen euro dat de juristen van de slachtoffers hebben gelegd op de bezittingen van Veerman. Een stap waarmee ze de financiële genoegdoening voor 214 gewonde jongeren veiligstellen. Een noodgedwongen stap, zeggen ze, om te voorkomen dat er geld wordt weggesluisd. Hoewel Veerman zich bij de rechter heeft verzet tegen die beslaglegging is die nog steeds van kracht. Ook al zijn er verzachtende maatregelen genomen zodat hij met zijn handel kan doorgaan, met de beslaglegging staat bij hem het mes op de keel. En met een mes op de keel is het lastig een open gesprek te voeren. Ook de burgemeester die nu zélf aanstuurt op overleg, heeft bij voorbaat juridische druk op de ketel gezet. Met het oog op de schadeclaim die slachtoffers bij de gemeente neerlegden, nam het stadskantoor maatregelen. Mocht de gemeente worden veroordeeld tot het betalen van de schade, verhaalt ze de kosten op Veerman. Een tweede mes op de keel, dat een open gesprek moeilijk maakt.

Daarmee zit Veerman in een ingewikkelde positie. De partijen die met hem in gesprek willen, hebben hem op voorhand aan een stoel van wantrouwen vastgebonden. Een begrijpelijk wantrouwen, want van Veermans belofte om op de rampplek nooit meer een café te openen, kwam weinig terecht. Hij vroeg daarna opnieuw een vergunning aan om daar een kroeg te beginnen. Ook zijn bezit maakt het verhaal ingewikkeld. Veerman heeft een groot bouwbedrijf, een horecaonderneming en ongeveer dertig panden in het vissersdorp. Die is rijk, zeggen ze dan. Dus wat hij de slachtoffers ook zal aanbieden: voor iemand die zwaargewond raakte of zijn kind verloor, zal het nooit genoeg zijn.

Tegelijk ligt er een morele druk op de brede schouders van Veerman. De rechtbank heeft hem vorige week veroordeeld omdat 't Hemeltje niet veilig was. De rechters verwijten hem nalatigheid. Eigenlijk verdient hij daarvoor een celstraf, vindt de rechtbank. Maar Veerman hoeft niet naar de gevangenis. 'Allereerst om hem niet de mogelijkheid te ontnemen om tot een voor alle betrokkenen bevredigende afwikkeling van de gevolgen van de ramp te komen', zo luidt het vonnis. Met andere woorden: hij mag zijn vrijheid houden om met de slachtoffers tot een regeling te komen. Een vonnis dat eigenlijk een opdracht is. Een opdracht om het overleg tóch tot een goed einde te brengen.

Want afgezien van geld en juristerij: hij móet wel praten. Al is het maar om te overleven in de dorpscultuur van Volendam.

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.