OM in hoger beroep tegen uitspraak Jan Veerman
OM in hoger beroep tegen uitspraak Jan Veerman
Het Openbaar Ministerie gaat in de strafzaak cafébrand Volendam alleen in hoger beroep tegen het vonnis voor Jan Veerman. Dat heeft persofficier Ed Hartjes vandaag bekendgemaakt. Dat Veerman geen dag achter de tralies moet, is een van de motieven van justitie om beroep in te stellen. In de zaak tegen barkeeper John Veerman wordt afgezien van een hoger beroep. "De rol van Jan Veerman is zo dominant geweest dat voor John feitelijk weinig ruimte overbleef om tegen Jan Veerman in te gaan."
De gebroeders Anker, advocaten van Veerman, stelden al eerder deze week beroep in tegen de veroordeling van Veerman. Dat is een voorlopig besluit omdat de termijn hiervoor gisteren afliep. Of dit beroep ook daadwerkelijk wordt doorgezet is nog niet zeker. Veerman werd veroordeeld tot een jaar voorwaardelijke celstraf en een werkstraf van 240 uur. De rechtbank besloot verder dat Veerman twee jaar niet als horecaondernemer actief mag zijn. John en Laura werden vrijgesproken. Het OM heeft al eerder bekendgemaakt dat in de zaak van Laura Veerman geen hoger beroep wordt ingesteld. Bedrijfsleider John Veerman zegt 'zeer opgelucht' te zijn dat justitie nu ook afziet van een hoger beroep in de zaak tegen hem. "Want het was zeer ingrijpend om in zo'n gevoelig proces verdachte te moeten zijn."
Justitie heeft het oor ook te luisteren gelegd bij slachtoffers en nabestaanden in Volendam om te horen of men de straf voldoende vond. Daar bleek echter dat de meningen zeer verdeeld zijn, "Zodat hieruit onvoldoende richtinggevende signalen voor een andere beslissing zijn te halen", aldus officier Hartjes. John Veerman heeft inmiddels gesprekken gevoerd met slachtoffers en ouders van overleden cafébezoekers. "Daaruit bleek dat de stemming in het dorp in mijn voordeel was. De mensen in Volendam vinden dat Laura en ik helemaal niet in die rechtbank hoorden te zitten."
Het OM is volgens Hartjes 'niet zonder aarzeling' tot de beslissing gekomen om tegen het vonnis voor Jan Veerman wel in hoger beroep te gaan. Justitie is namelijk zeer tevreden met de bewezenverklaring en de bewoordingen van het vonnis. De officieren vinden echter dat de opgelegde straf 'onvoldoende recht doet aan de ernst van de feiten'. Met name het feit dat naast de taakstraf uitsluitend een voorwaardelijke straf is opgelegd is volgens Hartjes niet bevredigend.