Eigen stadion verleden tijd (foto)
Eigen stadion verleden tijd
Steeds meer clubs uit de eredivisie werken met een aparte constructie voor het stadion. Daarin wordt de gemeente betrokken. Het is voor veel betaald voetbal organisaties de enige manier om te overleven.
Het stadion van Volendam van binnenuit bekeken
Vijf clubs uit de eredivisie hebben het stadion in eigen bezit. Zes ploegen huren de accommodatie van de gemeente. NAC, Vitesse en NEC droegen het onderkomen onlangs over aan het stadsbestuur. Een paar jaar geleden vielen de stadions van RKC en FC Volendam ook onder het beheer van de lokale gemeente. Zeven clubs werken met een andere constructie, waarin meerdere partijen participeren. Van de topploegen is PSV de enige club met een eigen accommodatie. De Eindhovenaren hebben nooit overwogen om het Philips Stadion aan de gemeente of een commerciële partij te verkopen. Sterker nog: PSV investeerde de afgelopen jaren meer dan €20 miljoen in het dichtmaken van de hoeken en de bouw van businessrooms. ,,Als je het onderkomen in eigen beheer hebt, dan houd je korte lijnen. Zo kan er nooit sprake zijn van tegenstrijdige belangen tussen club en stadion'', zegt manager T. Ploegsma. NAC en NEC deden onlangs bewust het stadion over aan de gemeente. De twee clubs zaten in financiële problemen. De Bredase ploeg ontving €15,3 miljoen, de Nijmegenaren kregen €12 miljoen van de stad.
Henk Kesler, directeur van de KNVB, vindt het beter als clubs het stadion niet in eigen bezit houden. ,,Er wordt maar eens per 14 dagen gespeeld. Dan is het beter om te huren van de gemeente of een andere partij. Anders is het een te grote investering. Ik vind het geen slechte ontwikkeling dat clubs hun stadion van de hand doen. Zo werken ploegen als NEC en NAC door de verkoop van hun accommodatie eenmalig aan hun gezondmaking. Daarna zijn ze beter af met huren'', aldus Kesler. PSV kan het eigen stadion wél rendabel maken, stelt de zoon van oud-directeur Kees Ploegsma. Clubs als Roda JC en Heerenveen kunnen dat niet en betrekken daarom bewust de gemeente in hun plannen. ,,Bij Roda vinden wij het belangrijk dat de stad Kerkrade binding heeft met de club'', zegt Frank Rutten, directeur algemene en financiële zaken van de Limburgse formatie. ,,Behalve de gemeente nemen ook certificaathouders deel in de onderneming. Deze constructie hanteren wij mede om fiscale en investeringsredenen.''
Doordat de gemeente deelneemt in een aparte entiteit van het stadion blijven de clubs bij de Europese Commissie buiten schot. Subsidies zijn uit den boze. Maar als de accommodatie multifunctioneel wordt gemaakt, kan de gemeente de steun verantwoorden. Op deze manier kan ook de belastingbetaler tevreden worden gehouden. Hun geld zit dan niet in spelerssalarissen of transfersommen, maar in het stadion dat door iedere bewoner gebruikt kan worden. In Friesland is onlangs Sportstad Heerenveen opgezet. Daarin zit behalve het Abe Lenstra Stadion ook een kantorencomplex, een ROC (met een sportopleiding) en een sportcomplex met zwembaden en fitnesscentra. In Sportstad Heerenveen participeren de gemeente (50 %), de voetbalclub (39,5 %) en een zorgverzekeraar (10,5 %). ,,Behalve dat we binding hebben met de gemeente zijn we door de samenwerking ook goedkoper uit'', aldus Henk Hoekstra, directeur financiële zaken.
Bij Willem II is het stadion van de gemeente, maar de club bekostigde de bouw van het stadion. De gemeente heeft onlangs de investeringen overgenomen. Er wordt onderhandeld over een marktconforme huur. ,,Wij betaalden €1,1 miljoen per jaar aan rente en aflossing. Daar zal een paar ton vanaf gaan. Zo gaan wij per maand minder betalen en is onze liquiditeitspositie bovendien verbeterd'', aldus voorzitter Jan Vullings. En daar ging het veel clubs om: overleven op korte termijn. Een ontwikkeling die ook in andere Europese landen is te zien. Zoals in Duitsland waar kleinere clubs zich door de financiële malaise genoodzaakt zien het stadion te verkopen. Zoals 1. FC Kaiserslautern, dat zonder de verkoop van het Fritz Walter-stadion aan de stad niet meer had bestaan.