Brandweer in Volendam heeft te weinig water
Brandweer in Volendam heeft te weinig water
De brandweer in Edam-Volendam kampt met een gebrekkige bluswatervoorziening. In sommige delen van de gemeente is een tekort aan ondergrondse brandkranen. Ook is open water niet altijd voldoende voorhanden of bereikbaar. Een ander probleem is de bezetting. De vrijwilligers zijn overdag niet voldoende beschikbaar. Dat blijkt uit het jaarverslag van het brandweerkorps over 2002. Een groot deel van het vrijwilligerskorps werkt buiten het verzorgingsgebied van de lokale brandweer. Daarom wordt voor nieuw aan te stellen brandweerparttimers als harde eis gesteld dat zij in Edam-Volendam wonen én werken. Ondanks dat het korps in Edam en Volendam gezamenlijk over 650 ondergrondse brandkranen beschikt, is er in sommige woongebieden een tekort aan bluswatervoorziening. Ook zijn er te weinig in de industriegebieden. Een aantal van de ondergrondse bluspunten is moeilijk te bereiken of wordt vaak geblokkeerd door geparkeerde auto's. En de aanduiding van brandkranen laat op veel plaatsen te wensen over.
De lichamelijke conditie van een deel van de korpsleden schiet ook tekort. Gezien de zware fysieke piekbelasting waaraan zij tijdens een uitruk worden blootgesteld, moet de lichamelijke gesteldheid goed zijn. De brandweerleiding is al bezig met het ontwikkelen van initiatieven die de conditie op peil kunnen krijgen en houden. Terwijl een groot deel van de brandweerkorpsen in de regio Waterland de grootst mogelijke moeite doet om vrouwen bij het brandweerwerk te betrekken, is dat in Edam-Volendam niet mogelijk. Vrouwen mogen geen lid worden van het korps. De inrichting van de brandweergebouwen in Edam en Volendam laat hun aanwezigheid niet toe. Het ontbreken van voldoende sanitaire voorzieningen is daarbij het belangrijkste punt. Beide brandweerkazernes voldoen overigens niet aan de eisen uit de Arbowet. Daarom moeten maatregelen worden getroffen.
Het jaarverslag geeft aan dat er nogal wat aan schort binnen het brandweerkorps van Edam-Volendam. Zo zijn de leden niet voldoende geoefend in het blussen van binnenbranden. Niet dat ze daar alleen in staan, want dat geldt volgens een onderzoek van het ministerie van binnenlandse zaken voor bijna de helft van de Nederlandse brandweerkorpsen. De korpsleiding wil het kwaliteitsniveau opschroeven door meer het oefencentrum in te duiken. De consequentie van dat voornemen is dat de belasting van de brandweervrijwilligers verder toeneemt. Een parttimer is in de toekomst per jaar tussen de 70 uur voor een brandwacht en 120 uur voor een brandweerofficier kwijt aan oefenen. Ook de voorbereiding van de oefeningen vergt veel aandacht. De korpsleiding is ervan overtuigd dat de kwaliteit van een oefening daarmee staat of valt.