Lokale ruimte om te bouwen
Lokale ruimte om te bouwen
Gemeenten en provincies krijgen in de Nota Ruimte van VROM, die in het voorjaar van 2004 wordt verwacht, de mogelijkheid om in de ruimtebehoefte voor wonen te voorzien. Gemeenten in het landelijk gebied krijgen meer mogelijkheden om voor de natuurlijke aanwas te bouwen. Het plan maakt onderdeel uit van de zeven nieuwe maatregelen die minister Dekker van VROM wil nemen om de woningproductie te versnellen en verhogen. Dekker perkt onder meer de VROM-regels in die de woningproductie belemmeren. Verder komt zij met een spoedwet om problemen met planschade eenvoudiger op te lossen. De bewindsvrouw wil zo het woningtekort terugdringen van de nu verwachte 2,3 procent in 2010 tot 1,5 â 2 procent in dat jaar. Daarvoor moeten vanaf 2004 tot 2010 445.000 tot 485.000 woningen worden gebouwd. Gemeenten zijn bestuurlijk verantwoordelijk voor de woningproductie, maar ook eigenaar van de grond en daarmee marktpartij. Door die verschillende rollen is de bijdrage van gemeenten aan het versnellen en verhogen van de productie niet altijd optimaal, zo stelt VROM. Gemeenten moeten zich van de minister meer met de hoofdlijnen en minder met details uit bouwplannen gaan bezighouden, minder bovenwettelijke eisen stellen en de plannen moeten flexibeler worden.
Voor heel Nederland komt er een regeling om onder voorwaarden af te wijken van bepaalde regels. Gemeentelijke procedures voor bijvoorbeeld bestemmingsplannen en bouwvergunningen kunnen gelijktijdig verlopen. Met OCW en LNV wordt overlegd hoe te voorkomen dat recente Europese richtlijnen (archeologie, en vogel en habitat) de woningproductie verder beperken. Om te voorkomen dat grondeigenaren de realisatie van bouwplannen kunnen tegenhouden, komt er onder meer een spoedwet die zorgt dat de partij die woningen bouwt eventuele aansprakelijkheden voor planschadevergoedingen van gemeenten kan overnemen. Een grondexploitatiewet gaat regelen dat kosten voor een gemeente door ander grondgebruik op de eigenaar kunnen worden verhaald. Verhuurders moeten meer woningen bouwen. In ruil daarvoor krijgen zij ruimte om meer marktconforme huren toe te passen. Met het geld dat ze overhouden moeten ze meer huizen bouwen en de steden sneller vernieuwen. Zij moeten de extra inkomsten ook inzetten voor de huursubsidie.
Het woningtekort loopt in de periode van 1998 tot 2002 fors op van 1,7 tot 2,5 procent van de totale woningvoorraad. Omgerekend in aantallen gaat het om een groei van 110.000 woningen naar 166.000 woningen. Het tekort heeft vooral effect op de jongeren van 18 tot 24 jaar en de groep daar boven van 25 tot 34 jaar. Een aantal van hen blijft noodgedwongen thuis of onzelfstandig op kamers wonen.