Wraking verworpen in zaak Safe Haven

Wraking verworpen in zaak Safe Haven
De rechtbank in Haarlem heeft vandaag een wrakingsverzoek afgewezen tegen de beoogde rechtbankvoorzitter J. van der Pijl in de voortzetting van de zogenoemde Safe Haven-zaak tegen de 61-jarige Volendammer Jaap M. M. wordt verdacht van valsheid in geschrifte, verduistering en handelen in effecten voor derden zonder geldige vergunning. De strafzaak tegen M. wordt volgende week dinsdag voortgezet. De zaak werd eind september geschorst, nadat zijn raadsman G. Meijers de voorzitter van de rechtbank, H. de Graaf, beschuldigde van een vooringenomen standpunt ten aanzien van zijn cliënt. Daarop werd de zaak aangehouden. Daags na het incident trok De Graaf zich terug, waarna er voor de meervoudige kamer een nieuw college moest worden benoemd. De raadsman van M. maakte vandaag bezwaar tegen de benoeming van mevrouw Van der Pijl als voorzitter van de rechtbank. Van der Pijl was ook voorzitter in de zaak tegen mede-verdachte Rob van H. Beide verdachten beschuldigen elkaar ervan feitelijk leiding te hebben gegeven aan de beleggingsfirma Safe Haven. Het bedrijf dupeerde een groot aantal klanten met risicovolle beleggingen die uiteindelijk waardeloos bleken te zijn. Bij het klappen van zeepbel bleef Safe Haven met een schuld zitten van minstens 7,35 miljoen euro.
Het is overigens de tweede keer dat de verdediging van M. een wrakingsverzoek indient bij de rechtbank. In juni was die nog gericht tegen H. de Graaf als voorzitter van de rechtbank. Ook toen werd het bezwaar verworpen. Mede-verdachte Rob van H. werd vorige maand veroordeeld tot anderhalf jaar gevangenisstraf, waarvan een half jaar voorwaardelijk voor zijn rol in het verkeerd afgelopen beleggingsavontuur. Van H. gaat tegen de straf in beroep. Raadsman R. van der Weide noemt de straf 'buitensporig hoog'. ,,Wij zijn het niet eens met het bewezen verklaren van een aantal zaken waaronder verduistering en heling. Mijn cliënt heeft verder vanaf het begin alle medewerking verleend aan het gerechtelijk onderzoek en de feiten dateren van meer dan vier, vijf jaar geleden. Dan is dit een veel te zware straf.''