Schadeclaims en de overheid
Schadeclaims en de overheid
Voor de slachtoffers van de vuurwerkramp in Enschede moet het vonnis van de rechtbank in Den Haag, daags voor Kerstmis, een flinke domper zijn geweest. Eerder oordeelden de commissie-Oosting, de rechtbank in Almelo en het gerechtshof in Arnhem dat diverse ministeries en de gemeente Enschede het hebben laten afweten bij het stellen en handhaven van regels voor de opslag van vuurwerk. De Haagse rechtbank heeft nu uitgesproken dat noch Enschede, noch deze ministeries aansprakelijk zijn voor de gevolgen van de ramp.
Voor de getroffen burgers valt dit vonnis mogelijk extra moeilijk te verteren nu twee van de drie rechters jarenlang blijken te hebben gewerkt bij een van de betrokken ministeries. Hoewel dit op het eerste gezicht weinig elegant lijkt, past enige relativering. Beide rechters zijn in 1994 weggegaan bij het ministerie van vrom. Zij zijn weliswaar niet op grond van hun arbeidsverleden, maar vanwege hun specifieke deskundigheid aangewezen om hun oordeel te vellen over de vuurwerkramp. Toch dient vastgesteld te worden dat zij geen directe relatie hebben gehad met het toenmalige vuurwerkbeleid. Wel maakt de zaak-Enschede duidelijk dat landelijke richtlijnen op dit punt geen overbodige luxe zijn. Of het arbeidsverleden van een rechter er in bepaalde rechtszaken toe doet, wordt momenteel door de afzonderlijke rechtbanken beoordeeld. Zolang de rechterlijke macht niet met een gedragscode komt, blijft onpartijdigheid een subjectief en dus aanvechtbaar begrip.
Maar of deze rechters nu wel of niet over deze zaak hadden mogen oordelen, hun vonnis is verdedigbaar. Weliswaar wordt de lat voor de burger om zijn gelijk te halen door de Haagse rechtbank hoog gelegd, maar het verdient zeker geen aanbeveling al te ruim baan te maken voor schadeclaims bij een 'falen de overheid'. Daarmee zou een klimaat kunnen ontstaan waarin getroffen burgers met een toenemende vanzelfsprekendheid de overheid wegens nalatigheid voor de rechter slepen een aansprakelijk stellen. De overheid op haar beurt kan daarop alleen maar reageren met defensieve wetgeving en gedetailleerde inspecties. Dat past slecht bij een samenleving die minder regels, en meer individuele verantwoordelijkheid nastreeft.
Reactie op dit artikel in Trouw
Schadeclaims (1) Elim A. Smit
Schadeclaims en overheid In het Trouw-commentaar 'Schadeclaims en de overheid' (3 januari) waarin u het vonnis van de Haagse rechtbank in de schadezaak van drie slachtoffers van de vuurwerkramp in Enschede onderschreef, staat onder andere: ,,Daarmee zou een klimaat kunnen ontstaan waarin getroffen burgers met een toenemende vanzelfsprekendheid de overheid wegens nalatigheid voor de rechter slepen en aansprakelijk stellen.'' Mijn vraag is, wat moet een overheid al niet misdoen om gedwongen te kunnen worden de consequenties van haar beleid te dragen? Met terugwerkende kracht krijg ik meer en meer bewondering voor burgemeester Van IJsselmuiden van de gemeente Volendam, die na de ramp in Volendam eerst, toen hij onmisbaar was, op zijn post bleef, en daarna de consequenties van zijn falend beleid inzag, ze nam, en vertrok. Hulde aan die man.
Schadeclaims (2) : Hoogerheide Mr. J.M. de Leeuw
Het Trouw-commentaar van 3 januari stelt dat het zeker geen aanbeveling verdient al te ruim baan te maken voor schadeclaims bij de 'falende overheid'. Dat lijkt redelijk, maar: wat is 'al te ruim baan'? In het geval-Enschede is in een officieel rapport geconstateerd dat zowel ministeries als de gemeente Enschede ernstige fouten hebben gemaakt. De gevolgen daarvan zijn bekend, het betreft een megaramp die het leven van honderden ingezetenen heeft ontwricht. Ik vind dat hier sprake is van een onrechtmatige daad c.q. nalaten en dat dus de overheid wel degelijk de plicht tot schadevergoeding heeft. De redering van de rechter, dat de betrokkenen maar bezwaar tegen de milieuvergunning hadden moeten indienen, toont gebrek aan inzicht in de realiteit: je kunt van burgers niet verwachten dat ze dit soort ingewikkelde vergunningen gaan bestuderen, ze moeten ervan op aankunnen dat de overheid dat goed bekijkt.