Aanvraag voor extra dijkbeunen aan de Haven (foto)
Aanvraag voor extra dijkbeunen aan de Haven
In 2003 is bij de gemeente een verzoek ingediend door drie ondernemers aan de Haven, t.w. Café "de Dijk", Van den Hogen en Bar "de Molen", Haven 102, 104 en 106 voor de plaatsing van een dijkbeun aan de Haven. Deze ondernemers hebben reeds een uitgewerkt beeld geschetst van een mogelijk beun. Het gaat om drie gescheiden terrassen over een lengte van ruim 21 meter naar,een ontwerp van architect Westerneng. Over het verzoek voor een beun ter plaatse merkt het college van B&W op: Ook al ligt de locatie in een bocht het is in principe mogelijk tegenover de zaken van de genoemde ondernemers een beun te realiseren. Verkeerskundig zijn er geen fundamentele bezwaren, al blijft het zo dat er auto- en busverkeer passeert. Wellicht zou de beun wat ingekort kunnen worden om zich beter te laten voegen in de omgeving. B&W vragen zich af of de plaatsing van een beun ook wenselijk is. Er zijn aan die zijde van de dijk, naast bebouwing zoals het pand van de Marken Express, de nodige beunen aanwezig.

In het bestemmingsplan Oud Volendam zijn de diverse locaties waar een dijkbeun is geplaatst, aangegeven. Het bestemmingplan biedt geen ruimte voor nieuwe beunen. Een deel daarvan is als standplaats in gebruik gegeven. Er is een patat- en viskraam. Daarnaast zijn er een aantal publiek toegankelijke beunen, waar bankjes zijn geplaatst. Zij maken deel uit van de openbare ruimte en worden veelvuldig gebruikt door de toeristen. Ondanks de hoeveelheid bouwsels en beunen die er reeds staan, blijft er nog ruimte over om nieuwe beunen te plaatsen. Dat is in principe mogelijk tegenover de Lutine, t/o Jan Kok en de Pompadour. Vanaf het slachtoffermonument tot aan de visafslag zijn er sowieso ruime mogelijkheden voor een beun. Als alles opgevuld zou worden blijft er van vrije ruimte weinig over. Het wordt dan vol aan die kant van de dijk. Het zicht op het water van de Gouwzee zal bij een verdere toename van beunen in het gedrang kunnen komen.
Inwilliging van het verzoek zou tot een ongewenste precedentwerking kunnen leiden. Er hebben zich al meer belangstellenden voor een beun aan de dijk gemeld. Mochten die verzoeken worden gehonoreerd, dan komt het zicht zeker in het gedrang en krijgt de dijk een andere aanblik, waarvan men zich kan afvragen of dit wenselijk is. 'De Lunch' heeft zijn oog laten vallen op de reeds aanwezige beun tegenover Haven 96. De huidige gebruiker (de poffertjeskraam) zou dan naar elders moeten worden verplaatst, hetgeen niet reëel is. Ook Jan Veerman (van 't Gat) heeft zich in een gesprek met wethouder Nouwen mondeling aangemeld voor een dijkbeun. Er is bij 't Gat echter nauwelijks of geen fysieke ruimte aanwezig om een beun te plaatsen. Blijft de mogelijkheid dat bij de Pompadour een beun wil plaatsen. Daar is overigens wel voldoende ruimte. Vanwege het zicht op de jachthaven en water lijkt e.e.a. echter niet passend. Indien er voor inwilliging van het verzoek van De Molen e.d. wordt gekozen blijft de vraag hoe dat specifiek geregeld moet worden. Het komt het gemeentebestuur in ieder geval voor dat de beunen, zoals in het ontwerp zijn voorgelegd, te fors van omgang zijn.
Belangrijk is verder de vraag wie de beunen zou moeten bouwen. De bestaande beunen aan de Haven die voor een deel als standplaats worden verhuurd, zijn in de jaren 1980 door de gemeente zelf gebouwd en zijn eigendom van de gemeente. Ook in het geval van eventuele nieuwe beunen zou dezelfde constructie kunnen worden toegepast: de gemeente bouwt en verhuurt deze onder bepaalde condities. Het is op zich belangrijk, als er extra beunen komen, dit een volledige gemeente zaak blijft. Een ander aspect betreft de toestemming van de dijkbeheerder, het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier. Daarover is onlangs nog contact geweest. Van die zijde is er geen fundamenteel bezwaar tegen een beun. Het is op zich mogelijk ter plaatse van de Molen c.s. een beun te plaatsen, mits de omvang beperkt blijft.
De inwilliging van het verzoek van de Lunch en 't Gat is niet mogelijk: daar zijn ter plaatse geen mogelijkheden. De bij de Lunch gelegen beun dient voor algemeen gebruik toegankelijk te blijven. Bij 't Gat is nauwelijks of geen fysieke ruimte aanwezig om een beun te plaatsen. Ook is daar nog enig zicht op het water die behouden dient te blijven. Medewerking aan de beun bij "de Molen" heeft echter het negatieve effect, dat er een ongewenste precedentwerking kan ontstaan in die zin dat ook andere ondernemers hetzelfde willen, als dat tenminste mogelijk is. Dan zou ook het zicht op het water in het gedrang kunnen komen. Het t.b.v. commerciële doeleinden opofferen van de openbaar gebruikte beunen is niet wenselijk. Zij maken onderdeel uit van de belangrijke openbare ruimte. Op deze basis zou het niet wenselijk zijn extra commerciële beunen voor de Molen c.s. te plaatsen. Als aan de andere kant daartoe toch besloten zou worden, dan is het wenselijk dat de gemeente verantwoordelijkheid neemt en houdt over de beunen. De gemeente dient volledig greep te houden op deze ontwikkelingen. Dat betekent dat de gemeente zou moeten investeren in de bouw van een beun en deze vervolgens verhuren. Dit is een risicofactor.
B&W acht het op dit moment niet raadzaam om deze investering reeds te plegen. Het college vindt dat dit beter in het kader van de toeristische aanpak van Volendam kan geschieden. Indien er bepaalde ontwikkelingen zoals beschreven in dit rapport inzake toerisme worden opgepakt, zouden extra beunen daarbij kunnen worden betrokken. Het college vraagt aan de leden van de Commissie VROM een advies aangaande de dijkbeunen. Hierover wordt 'donderdagavond om 19.30 uur in de B&W-kamer van het stadskantoor vergaderd.