Revolutionaire ingreep met René Schilder voorzien van nieuwe haargroei

Revolutionaire ingreep met René Schilder voorzien van nieuwe haargroei
Bijna anderhalf jaar na de eerste, mislukte, poging om van zijn kalende plekken af te komen, heeft René Schilder (pius) een nieuwe kans aangepakt. Als eerste brandwondenslachtoffer in Nederland heeft hij een haartransplantatie ondergaan. Een revolutionaire operatie.:Zowel `het proefkonijn' als de chirurg van de Haarlemse kliniek Aesthetic, dr. Lars Heitmann, was tevreden over de ingreep en de eerste resultaten. Uiteindelijk zal over negen maanden het echte eindresultaat te zien zijn. Bij de ontvangst in de kliniek bekijkt René de foto's aan de wand van mensen die hem voor zijn gegaan. Mensen die dun behaard zijn geworden in de loop der jaren en weer een `volle kop' hebben, of zich. van een te groot vetpercentage bij de.` dijen hebben laten ontdoen. „Nerveus?", vraagt de assistente van Lars Heitman. „Nee hoor, daar ben ik al te veel voor onder het mes geweest", blijft de Volendammer koeltjes.
Geknapte ballon
Eind 2002 liet René Schilder zich opereren in het ziekenhuis in Beverwijk, waar hij na de Nieuwjaarsbrand al maanden lag opgenomen. Doel was het kalende achterhoofd weer van haar te voorzien. Via plastische chirurgie werd een ballon ingebracht, die vervolgens gevuld werd met water. `Skin Expansion', oftewel huiduitbreiding genaamd. „Het plan mislukte omdat een klein wondje in de hoofdhuid maar niet dicht wilde groeien, waardoor de ballon naar buitenkwam", zegt hij. Vanwege de hevige pijn zag de Schilder een nieuwe poging niet zo gauw zitten. „Uiteindelijk begon ik aan een pruik of haarstukje te denken. Aart Bijvoet kreeg echter mensen van de betreffende kliniek uit Haarlem in zijn kapsalon op bezoek en vroeg me langs te komen. Zo kwam ik in contact met de mensen van Aesthetic, die met het idee kwamen om haarzakjes te gaan implanteren. Zij maakten me er enthousiast voor", aldus Schilder, voor wie vanaf acht uur 's morgens een heel team aan de slag zag gaat voor een dagbehandeling in Haarlem. Heitman legt hem nog één keer uit wat er exact gaat gebeuren. De jonge chirurg is optimistisch gestemd. „Het enige risico is dat het resultaat niet naar wens is. Misschien zijn wij redelijk tevreden, maar de patiënt niet. Het hangt af van het verwachtingspatroon van René. Ik denk dat hij heel realistisch is. We halen aan beide kanten twee reepjes huid weg, maar die huid is zo flexibel, dat dat geen kwaad kan. Dat trekt wel weer samen."
„Bij René is er geen sprake van erfelijke kaalheid. Het gaat om een groot oppervlak en het donorgebied van zijn achterhoofd staat niet ter beschikking, zoals dat doorgaans bij kalende mensen wel het geval is. Voor ons is dit ook een speciale dag. Ik heb wel eens mensen binnen gehad die door bijvoorbeeld auto-ongeluk kalende plekken hebben gekregen, maar niet zo'n brandwondenpatiënt. Door het ontstane littekenweefsel is er sprake van minder doorbloeding. Dat is het verschil. Ne werken met een nieuwe techniek. Laseren kan niet bij René. We moeten met microchirurgische naaldjes minuscule gaatjes prikken. Daar brengen we vanmiddag de haarzakjes in. Die haarzakjes zitten onder de hoofdhuid, die zodirect met de twee reepjes meekomen. In het ene haarzakje zit één haartje met wortel, in de ander twee en de ander weer drie. Ik probeer zo'n tweeduizend haarzakjes te krijgen, keer het aantal van gemiddeld twee haren. Of dit gaat lukken of niet, maar we willen contact gaan zoeken met de brandwondencentra. Zo moeten we meer mensen kunnen helpen. Er komt steeds betere techniek. Uiteindelijk zullen ze over tien jaar misschien haar van andere mensen kunnen klonen, zodat je die haarzakjes binnen kan brengen bij mensen die helemaal kaal zijn. Nu is het nog zo dat die haarzakjes echt van jezelf moeten zijn, anders pakt het niet."
Verdoving
Als eerste volgt er een plaatselijke verdoving aan het hoofd. „Die prikken voel je wel even", zegt René. De chirurg stelt hem gerust. „Dit is het ergste, de rest voel je niet." Eén assistent houdt het hoofd van René vast, mocht hij in slaap doezelen. Hij wil echter niets missen, blijft bij, voert gesprekken met de assistenten, vraagt geïnteresseerd wat er allemaal daarboven gebeurt en laaft zich aan de nieuwste muziek op TMF. Daarna maakt de chirurg de contouren van `de reepjes' zichtbaar met een stift en wordt het reepje hoofdhuid er voorzichtig afgesneden. De assistenten, vier in totaal, gaan meteen aan de slag om de haarzakjes van de huid te scheiden. Om half drie zijn al die haarzakjes ingebracht. „Gelukkig zet het hoofd niet echt uit." Later op de dag blijven de naweeën beperkt tot wat misselijkheid, dat 's avonds laat weer verdwijnt. „Zoals het er nu uitziet, ben ik tevreden. Na vier maanden is de eerste echte haargroei te verwachten. Vervolgens valt het haar eerst uit en daarna groeit het opnieuw. Dan is het op het achterhoofd, als het goed gaat, gelijk getrokken en kan ik altijd nog kijken of ik meer wil." Wordt vervolgd.