Weg van De Dijk

Weg van De Dijk
De Dijk had hij weten te mijden, en dat is eigenlijk het hele eieren eten, maakte Arnold Mühren, oud-voetballer van Ajax, gisteravond duidelijk. De Dijk in Volendam, daar waren de verlokkingen in de vorm van meisjes, bars en sigaretten. Hoeveel talentvolle jongens, veel talentvoller dan hij, heeft hij daar niet zien sneuvelen? Mühren hield stand. Die was altijd om half elf thuis, zelfs in de periode dat zijn vriendin tegen die tijd juist het huis uitging om te gaan stappen.
Het was een tevreden Volendammer die gespreksleider Klaas Vos in het Parool Theater aan zijn tafeltje had. Arnold Mühren, nu trainer van de C-junioren bij Ajax, heeft alles gewonnen wat er te winnen viel, tot en met het Europees kampioenschap in 1988 met het Nederlands elftal. Maar de mooiste herinnering had hij toch aan de FA-Cup die hij won met Ipswich Town. ''Heel Engeland is in de ban van zo'n finale, zelfs de Play Mate op pagina 3 van The Sun heeft een voorspelling voor zo'n wedstrijd.''
Merkwaardig volk overigens, die Engelsen. Hij weet nog zijn eerste wedstrijd met Ipswich. Zoals gebruikelijk was hij anderhalf uur voor de wedstrijd in de kleedkamer. ''Ik zat er in m'n eentje. Een uur later zat ik nog steeds in mijn eentje. Ik dacht: de wedstrijd zal wel niet doorgaan en niemand heeft me iets verteld. Maar na twintig minuten kwamen ze. Ik wilde nog even op de bank en vroeg de fysiotherapeut mijn benen los te maken. De man keek me verbaasd aan: 'Dat doe je door buiten drie sprintjes te trekken.' Aan een warming-up deden ze ook niet. Ja, ze gingen tien minuten voor de wedstrijd in bad liggen.''
Verhalen genoeg over de Britten. ''De bus terug was in tweeën verdeeld. Voorin gewone bankjes, daar kon je naar een videofilm kijken. Achterin zat een man of zes, rond een soort automaat. Die moest je opwinden, dan gingen er paardjes lopen en daar wedden ze dan onderling op. Intussen pils drinken. De lege blikjes gooiden ze in het gangetje bij de achterdeur van de bus. Als de buschauffeur die deur opendeed stortte er eerst een berg lege blikjes naar buiten.''
De gewetensvolle Mühren, die De Dijk altijd had ontlopen, stond er wel van te kijken. Maar zijn mening is niet veranderd. Hij houdt zijn pupillen nog steeds voor: niet drinken, niet roken en op tijd naar bed.