Museum nog steeds zonder vergunning
Museum nog steeds zonder vergunning
Het Volendams Museum aan de Zeestraatbeschikt nog altijd niet over een gebruiksvergunning. Het bestuur heeft verzuimd daarvoor het initiatief te nemen, terwijl het museum voor 16 augustus over zo'n vergunning dient te beschikken. Overigens is gedwongen sluiting - zoals geruchten willen - niet aan de orde. Het pand is namelijk niet onveilig. “Er is geen acuut veiligheidsrisico", verwoordt Cor Kwakman van de gemeente Edam-Volendam het. „Daardoor heeft het museum een lagere prioriteit gekregen dan bijvoorbeeld horeca-gelegenheden, waar vaak heel veel volk bijeen komt." Het museum wil niettemin maximaal 225 mensen herbergen. Vanwege diverse tekortkomingen en het ontbreken van de vergunning is het aantal beperkt tot 190 personen. En zelfs dat aantal wordt slechts zeer zelden gehaald. Die vergunning kan ook niet worden afgegeven omdat het museum op diverse punten niet aan de eisen van brandveiligheld voldoet. De afdeling bouw- en woningtoezicht van de gemeente heeft er vorig jaar al op heeft gewezen dat zo'n vergunning er moest komen. Een medewerker van de afdeling brandweer en veiligheid heeft toen ook aangegeven welke tekortkomingen er waren op het gebied van brandveiligheid.
Brief
Daarna is er nog een brief naar het museum gestuurd waarin stond wat er allemaal moest gebeuren, meldt Kwakman. Daarbij gaat het onder meer om het bekleden van de hoofddraagconstructie met materialen met een brandwerendheid van zestig minuten. Voor plafond- en vloerconstructies en trappenhuizen geldt dát ze een brandwerendheid van dertig minuten moeten bezitten. Opgeslagen goederen in de stookkelder moeten verwijderd worden. Ook hier gelden eisen van brandwerendheid. De stookkelder is een apart brandcompartiment, waarvan de deuren zelfsluitend moeten worden uitgevoerd. Bij andere aanpassingen gaat het om zaken als het aanbrengen van een noodverlichtingsinstallatie, het correct aanduiden van vluchtroutes, het opstellen en beoefenen van een ontruimingsplan, het aanbrengen van brandslanghaspels en het opleiden van twee bedrijfshulpverleners.
Vervolgens is er iemand van het museum naar bouw- en woningtoezicht gegaan met de vraag 'wat moeten we hiermee?'. De dienst heeft daarop aangeboden de helpende hand te bieden. „Maar daarna is het stil gebleven. Het museum is de gebruiker van een pand dat eigendom van de gemeente is. We hadden daarom verwacht dat het museumbestuur ons zou hebben gevraagd om de tafel te gaan zitten, omdat er mogelijk ook maatregelen door de eigenaar moeten worden genomen. Maar het initiatief daartoe moet wel van de gebruiker komen", aldus Kwakman. Volgens de woordvoerder is het zaak dat er nu actie wordt ondernomen. Hij wijst er verder op dat er nog geen definitieve deadline is gesteld door het college. Sluiting van het museum is pas aan de orde als aan zo'n definitieve deadline niet is voldaan.
Edam-Volendam heeft indertijd bij de inhaalslag op het gebied van gebruiksvergunningen prioriteit gegeven aan horecagelegenheid omdat daar grote groepen mensen bijeen komen.
Het bestuur van het Volendams museum - dat tevens het bestuur van de vereniging Oud Volendam is - is verantwoordelijk voor het laten voldoen van het pand aan alle eisen van brandveiligheid. Complicerende factor daarbij is dat er ten gevolge van een nog niet uitgewoede richtingenstrijd zowel een oud als een nieuw bestuur is.
Actie
Museumdirecteur Stella van der Kruk laat weten dat er wel degelijk actie is ondernomen. „We hebben die dingen gedaan die we konden doen, zoals het leeghalen van de kelder en het aanbrengen van blusmiddelen. Vluchtdeuren en brandalarm zijn in orde. Voor de bouwkundige zaken hebben we geen geld, daarvoor is subsidie van de gemeente nodig. „Het MDF waarmee de kolommen betimmerd zijn, werd twaalfjaar geleden nog goed gekeurd, nu niet. En andere kostbare klus het aanbrengen van brandwerend materiaal in het plafond."
Daarbij komt nog dat het museum mogelijk naar de Dijk verhuist. Daarover is overigens het laatste woord nog niet gesproken. De vraag is hoeveel de gemeente nog bereid is te investeren in het bestaande pand.