Martijn Cappel gaat bij Volendam uitdaging aan
Martijn Cappel gaat bij Volendam uitdaging aan
Stilstand is achteruitgang. Martijn Cappel kon zich bij het Alkmaarse AHC Kolping niet langer ontwikkelen tot een betere handbaldoelman, dus was de tijd aangebroken om te vertrekken. De 24-jarige Zandvoorter koos voor Volendam, waar hij met drie andere keepers gaat strijden om een plek tussen de palen. ,,Ik wil mezelf altijd blijven verbeteren.'' Moeilijk vond hij het wel, vertrekken bij 'zijn cluppie' Kolping. Vijf jaar geleden kwam hij bij het eerste team, samen met een stel jonge en ambitieuze handballers. Na drie jaar eerste divisie volgde promotie naar het hoogste plan, waarna de Alkmaarse club twee seizoenen tegen degradatie speelde. Die laatste stap, naar de top, kon de club echter niet zetten. ,,We kregen geen spelers erbij die het team sterker konden maken'', verklaart Cappel. ,,Het team stond een beetje stil.''
Hetzelfde gold voor zijn eigen ontwikkeling. Twee seizoenen geleden werd de doelman nog apart getraind, maar vorig jaar had Kolping geen keeperstrainer meer. ,,Voor mijn gevoel stond ik 'stil', want ik ben afgelopen seizoen geen betere keeper geworden. Ik ben iemand die zichzelf altijd wil blijven verbeteren, steeds wil blijven gáán. Bij Kolping kon dat niet langer.'' Het telefoontje van Peter Portengen kwam op het juiste moment. Of hij interesse had om voor Volendam te spelen. Het gevoel was meteen goed. Handballen op een hoger niveau, oud-international Ruud van de Broeck als keeperstrainer: deze kans kón hij eigenlijk niet laten schieten. De reactie van zijn ploegmakkers gaf de doorslag. ,,Ik twijfelde, want ik voelde me enorm betrokken bij Kolping. Toen ik de jongens vertelde over de interesse van Volendam, vonden ze direct dat ik het moest doen. 'Je bent gek als je deze kans laat schieten', zeiden ze.''
Van een vaste basisplaats bij AHC Kolping naar een hevige concurrentiestrijd bij Volendam: Cappel maakte de keuze bewust. Peter Portengen beloofde de Zandvoorter geen basisplaats. Daar zal hij voor moeten knokken. Niet met één, maar met drie concurrenten: international Jeroen Weber en de jonge keeperstalenten Simon Molenaar en Peter Bond. Cappel gaat de uitdaging aan. ,,De beste speelt en ik denk dat we elkaar niet veel zullen ontlopen. We zijn concurrenten, maar respecteren elkaar wel. We geven elkaar tips en proberen elkaar beter te maken. Want wie er ook keept, het gaat in de eerste plaats om Volendam.'' Het shirt is doorweekt, het sportdrankje giet hij in een paar teugen naar binnen. Martijn Cappel is zojuist flink afgeknepen door Ruud van de Broeck. ,,Afzien, zo'n training'', lacht Cappel. ,,Ruud is een fantastische leermeester. Hij heeft voor Oranje gespeeld en weet zó veel van het spelletje, dat merk je aan alles. Hij werkt vooral een conditie en explosiviteit, want een handbalkeeper moet zestig minuten lang zijn concentratie vasthouden.''
Ook aan Cappels techniek is flink geschaafd. ,,Ik was altijd gewend om met één hand naar de bal te gaan. Ruud ziet liever dat ik de ballen met twee handen probeer te stoppen, omdat je dan meer grip op de bal hebt. Dat is een omschakeling. Door bepaalde oefeningen veel te herhalen, wil ik deze techniek snel onder de knie krijgen.'' Cappel is niet de enige nieuwkomer bij Volendam. 'Verloren zoon' Marco Beers keert na een lange periode in Duitsland terug op het oude nest. De verwachtingen zijn hooggespannen. Terecht, vindt Cappel. ,,Onze selectie is vooral in de breedte zeer sterk. Daarbij is ons verdedigingsblok met Beers, Joey Duin en Nico Admiraal ijzersterk. Als we landskampioen willen worden, moet werkelijk alles kloppen. Op dit niveau wordt elk foutje afgestraft.''
Komend weekeinde wacht Cappel de eerste serieuze testcase. Volendam speelt op het eigen toernooi tegen Sasja uit België, Kehra Tallinn uit Estland en het Duitse SG Solingen, de club van Volendammer Gerrie Eylers. Voor Cappel wordt het toernooi een mooie gelegenheid om zich voor het Volendamse publiek te presenteren. ,,Nieuwkomers moeten zich altijd bewijzen, maar ik weet dat ik het niveau aankan. Ik hoop bij Volendam een toegevoegde waarde te worden.''