Vaderavond: een verademing met Luc Taal
Vaderavond: een verademing met Luc Taal
Nou, vaderavond, het zat bomvol met vaders én moeders en nog wel terwijl Ajax-Juventus eveneens op het programma stond. Logisch eigenlijk, want de te bespreken punten plus de gastspreker stonden garant voor een zeer interessante bijeenkomst. Onderstaande opmerkingen van Luc Taal zijn gebaseerd op een Rotterdamse database met daarin de gegevens van 2500 brandslachtoffers over een periode van 15 jaar.
Allereerst de vraag: hoe staan' onze getroffen kinderen er overeen jaar of 10 voor; een vraag. die de afgelopen maanden vaker centraal stond tijdens eerdere bijeenkomsten, omdat met zich daarover vele zorgen maakte. Luc Taal nam in enkele woorden vrijwel alle zorgen weg, althans voor de ouders van de kinderen die het nu `goed doen' en navraag leerde dat dit eigenlijk in alle gevallen zo is. Luc: "Met alle kinderen waarmee het nu goed gaat, gaat het over 10 jaar ook goed. Zijn er nu problemen, dan zullen die er over 10 jaar nog steeds zijn en waarschijnlijk zijn ze dan toegenomen. Belangrijk is dat er in die gevallen nu actie wordt ondernomen, al zal dat na deze bijna 4 jaar niet zo eenvoudig zijn."
Zorgen als "kost de inspanning die ze b.v. in hun baan moeten leveren om zich waar te maken niet teveel energie en hoe lang gaat dat goed" noemde Luc overbodig en een probleem van de ouders en niet van de kinderen. Die hebben geen probleem die doen het toch goed, zei je net zelf? We zijn allemaal toch wel eens `totall-loss'?" Vervolgens de vraag hoe het met de ouders zal gaan. Zeer interessant en een openbaring was zijn opmerking hierover. Luc: "Wij, de ouders, hebben meer verleden dan toekomst; daarom kijken mensen, hoe ouder ze worden, meer naar dat verleden en in jullie geval is wat jullie kinderen is overkomen het belangrijkste daarin, omdat jullie toekomstdromen omtrent jullie zoon of dochter drastisch moesten worden bijgesteld; een groot verlies is dat. Kinderen echter kijken eigenlijk alleen naar hun toekomst, maken plannen en hebben helemaal geen zin meer om met hun verleden geconfronteerd te worden. Daarom doen ze het in jullie ogen zo onwaarschijnlijk goed." "Het is hoog tijd dat jullie ook eens je eigen verhaal met betrekking tot wat je allemaal hebt meegemaakt aan je kinderen gaan vertellen. Niet als probleem, meer als informatie. Daarmee klaart de lucht heel-wat op. En zo kun je samen de blik op de toekomst richten."
Het derde punt, de relaties in het gezin, werd gaandeweg omgebogen tot de vraag: hoe ga je om met je schaamte- en verliesgevoelens. Luc: "Wel, dat heb je zelf in de hand, je kunt kiezen. Als mensen je, of je kind, aanstaren, dan kun je kiezen voor de verdediging: b.v. langere mouwen aantrekken of dat van je kind verlangen. Een veel gezonder uitgangspunt is natuurlijk dat die mensen een probleem hebben en niet jij! En dan heb je nog gelijk ook. Je kunt ze er zelfs mee confronteren: `Wat is het probleem, meneer/mevrouw?' De vrees of de slachtoffers meer drugs en drank gaan gebruiken werd als volgt getackeld: "Kinderen gebruiken deze middelen vooral vanwege de zucht naar sensatie. Nou, die hebben ze begin 2001 voldoende gehad; waarschijnlijk is het gebruik daarom bij hun nu juist minder of zelfs verdwenen."
Tot slot een van de grootste angsten: Wat zijn de gevolgen van alle medicijnen en pijnstillers (`allemaal vergif') die ze toegediend hebben gekregen. Luc: "Geen gevolgen. Trouwens van vergif ga je dood. De middelen die ze hebben gehad bestonden 50 jaar geleden nog niet en als ze toen hadden geleefd waren ze allemaal overleden aan hun wonden. Het motto in de brandwondencentra is daarom: hoe meer hoe beter, vooral de pijnstillers, vanwege het `pijngeheugen' van je lichaam."
Tot slot de laatste opsteker: "Natuurlijk hebben jullie, door wat er allemaal met je kinderen is gebeurd, een probleem wat de meeste mensen niet hebben; maar zorg dat je niet het probleem wordt! Kijk, samen met je kinderen, naar hun toekomst." Luc Taal nam afscheid van een zeer dankbaar, opgelucht en breed glimlachend publiek. Luc is gek op paling en kon het pakket nauwelijks tillen. Op de terugweg in de auto, sprak hij van een `bijzonder fijne avond, ook voor mij.'
Jan Vlak