Naar de inhoud

Eén van de Moedige Moeders over dramatische gevolgen van een drugsgebruikend kind

Bron: NIVO

Eén van de Moedige Moeders over dramatische gevolgen van een drugsgebruikend kind
Ze haalden de landelijke media. Hebben zich opgericht nadat ze de angst voelden hun drugsgebruikende kinderen definitief te moeten loslaten. De Moedige Moeders. Terwijl ze hun nek uitsteken, worden ze toch nog met argusogen bekeken door de buitenwacht. Het antwoord op de vraag waarom, zal verscholen liggen' in het feit dat veel ouders het huiselijke probleem nog met de mantel der liefde bedekken. Daar schuilt weer logica in, omdat je een dergelijke situatie eerst binnenskamers probeert te tackelen. Maar als dat niet lukt of deels, biedt Moedige Moeders uitkomst. Onderstaand vertelt één van de Moedige Moeders in een monoloog - anoniem - over de dramatische situaties waarin haar gezin belandde. Ze zal niet de enige zijn in Volendam. Ze kan met gemak een boek vullen. „Maar dat kunnen alle moeders die hier zitten", doelt ze op de Moedige Moeders.

“Op zijn veertiende - we zijn nu vijf jaar verder - begon hij met blowen. Een jaar later gebruikte hij al cocaïne. Er waren best wat mensen die wat zeiden tegen ons en mijn man had al langer een vermoeden. Maar ik kon het niet bewijzen. Keek vaak in zijn ogen. Die waren dan wel rood, maar ik ging zalf bestellen om daar iets tegen te doen. Was naïef. Alles wees er op een gegeven moment op dat hij gebruikte. Toch kon ik het me nog niet voorstellen." „Tot ik op een gegeven moment wiet vond tussen zijn spullen uit z'n broekzak. Hij kreeg geldgebrek. Ging de kleine restjes geld naboodschappen achterhouden. Er was continue ruzie thuis. Al snel escaleerde het en na een gesprek met de huisarts heb ik hem buiten de deur gezet. Vijftien jaar was hij nog maar..."

„Op school had hij problemen. Dat was niet vreemd, want hij voerde niets uit. Ik gaf hem steeds het voordeel van de twijfel. Je staat voor een keuze. Ik zocht contact met Johan Tol (totter) van de AD (Anonieme Drugszelfhulpgroep). Hij ging met 'm in gesprek. Uiteindelijk heb ik hem nog eens de straat op moeten sturen. Ik kan niet vertellen hoe erg dat is, want het is iets wat je absoluut niet wil als moeder. Ik ging ermee naar bed en stond er mee op. En 's nachts hield het me voortdurend wakker. Met mijn man kon- ik er niet goed over praten, die is veel harder dan ik kan zijn. Soms tè streng en dat is ook weer niet goed."

Haat en nijd
“Uiteindelijk zocht hij zelf toch hulp. Vertelde dan dat als er een groep van veertig vrienden was, er maar drie niet gebruikten. En dat je niet zomaar uit zo'n ploeg kan stappen. Maar er kwamen vaak momenten dat we niet meer met elkaar praatten. Dat ik afstotelijk deed, het werd haat en nijd in huis. Alles draaide om die ene zoon, de andere kinderen telden niet meer mee. Al hebben die misschien veel begrip, ze voelen het toch zo. Soms communiceerde ik via briefjes met m'n zoon. De ene keer met een boze tekst, soms met een grapje eronder. Ik liet hem een tijd lang in een potje plassen om te kijken of hij wat gebruikt had. Later zaten er toch weer een keer sporen van cocaïne in. En hij maar blijven ontkennen dat hij iets genomen had. Dat is de roes waar je op een gegeven moment ais gebruiker in komt. Zijn gevoel en emotie raakten weg, het interesseerde hem niet meer. Achteraf vond ik in zijn kamer allemaal flesjes met zijn urine erin, of zelfs fotorolletjes met plas erin, die hij dan gebruikte om om te wisselen. Al stond de deur van de wc open en ik wachtte daar achter. Zo gewiekst zijn ze."

„Ook na die tweede huisuitzetting namen, we hem weer terug na een gesprek. Ik liet hem niet vallen. Als hij er niet vanaf wil, dan kan niemand iets beginnen. Uiteindelijk zat het hem zelf heel hoog en belde hij zelf Johan Tol weer. En ik kwam met andere ouders in gesprek en daar heb ik heel veel aan gehad. Gaandeweg konden we beter met elkaar praten. Hij werkte en ging uit. Ik merkte dat hij 'schoon' was, aan zijn gedrag. Bijna een heel jaar. Kwam-ie een keer dronken thuis. Dan was ik nog blij ook. Want dan had hij tenminste geen spullen gebruikt. Hij kreeg weer belangstelling voor dingen, zijn karakter veranderde. Voorheen had hij een bord voor z'n kop, nu toonde hij weer emotie, trok het zich aan als ik wat zei."

„Afgelopen zomer kreeg hij toch weer een terugval tijdens de vakantie. Ik kon het meteen aan hem merken. Hij voelde zich er ellendig onder. Was-ie bijna een jaar schoon, ging het toch nog mis. Kreeg-ie geen medaille bij de AD en geen feestje. Daar heeft-ie van geleerd, dat zei hij zelf ook. Hij heeft een tijdje geleden zelf aan me gevraagd of ik me bij de Moedige Moeders wilde voegen om in gesprek te gaan. Ik heb best kunnen praten met mensen in de periode daarvoor. Schakelde familie in, kon met vriendinnen praten en zelfs de moeder van zijn vriendin belde ik. Die probeerde hem ook te steunen, daar had ik wel mazzel aan. Toen ik hem de tweede keer de straat op had gestuurd en met vakantie was, lichtte ik de buren én de politie zelfs in. Dat er die nacht op ons adres wel eens een raam ingegooid kon worden en dat het dan om mijn zoon zou gaan. Maar lange tijd heb ik zitten malen: met wie kan ik praten? Soms waren de situaties best wel dreigend. Dan moet je zelf je verstand erbij houden. Je moet 'm loslaten als ouder. Maar dat is niet makkelijk."

We zijn allemaal hotels voor onze kinderen in Volendam
“We 'zijn' allemaal hotels voor onze kinderen in Volendam. Ikzelf ook. We zijn te goed. Laatst hoorde ik een moeder vertellen dat ze nog steeds het eten van haar 26-jarige zoon moet `prakken', anders dan eet-ie niet. Ouders maken ook fouten." „Ze hebben het hier ook vaak over `sleutelkinderen'. Kinderen met een huissleutel om de nek of voor wie bij het uit school komen de sleutel onder het matje ligt omdat de ouders er niet zijn. Maar ik was er altijd voor mijn kinderen, werkte niet. Als ze zelf aan die spullen willen, doen ze het toch. En van verkeerde vriendjes wil ik ook niet te veel horen, want die zoeken ze zelf weer op. Ik heb zelf weinig aan mijn jeugd gehad, omdat ik vroeg in een eigen huis trok met mijn man. Daarom denkt mijn zoon dat wij zijn jeugd misgunnen." „Je bent continue als een psycholoog in de weer. Ik ben regelmatig uit mijn slof geschoten, maar op een gegeven moment neem je na een voorval wat meer dagen om er rustiger over na te denken. Dan krijg je meer inzicht in de situatie. Dan laadde ik mezelf op en kon ik die situaties beter aan. Want je huwelijk komt onder hoogspanning te staan en een situatie als deze kan net telkens de bekende druppel betekenen. Ik luister altijd goed naar mijn gevoel. Als ik twijfel, dan heeft' mijn gevoel het meestal bij het rechte eind. Bij de Moedige Moeders ben ik een van de jongste moeders. Je hoort wat er speelt in dit dorp. De jongeren met schulden, zoveel verhalen, ieder heeft .een eigen verhaal, maar wel allemaal herkenbaar. Ik heb in ieder geval de pinpas van mijn zoon in bezit, laat `m `kostgeld' betalen. Hij moet weten dat het leven niet voor niets is. Van dat `kostgeld' kan je als ouders bijvoorbeeld ondertussen iets voor je kind sparen."

„De groep Moedige Moeders zal zeker nog groeien. Veel moeders durfden en durven niet binnen te stappen, want de buurvrouw zou er ook wel eens. kunnen zitten `en dan weet die dat mijn zoon ook gebruikt'. Het is ook best angstig, maar als het tot `hier' zit, nou, dan ga je wel. Sommige moeders daar kennen elkaar via hun kinderen. We leren van elkaar. Soms gaat het er best fel aan toe. Zo krijg ik zelf ook zoveel mogelijk informatie over drugs en alle randzaken. Mijn zoon kreeg regelmatig een bloedneus; stopte ik ermee hem nog langer melk te geven. Bleek cocaine de oorzaak te zijn. De jongeren zelf gaan door een soort faseplan heen bij de AD en houden bovendien elkaar wel in de gaten tijdens het uitgaan, want zo groot is dat wereldje niet. Die AD is belangrijk, door hun verleden weten die begeleiders waar ze over praten. Ik heb heel veel baat gehad bij Johan Tol. Kon hem en zijn vrouw ook altijd bellen. Dat zijn de ervaringsdeskundigen."

Zware dobber
“Ik heb destijds ook nog met moeders van mijn zoon's vrienden gebeld. De één was blij dat ik belde, de ander helemaal niet, want `mijn zoon doet dat niet'. Afkicken valt heus niet mee. Da's een zware dobber en daar gaat een heel proces aan vooraf. Als ze niet willen, krijg je het met geen mogelijkheid voor elkaar. Je kan ze op bepaalde momenten alleen een duwtje geven. En ze hebben soms wat vertrouwen nodig van de ouders, hoewel ze best vaak misbruik maken van situaties. Uiteindelijk wordt onze huiselijke situatie steeds beter, waarbij ik nog hoop dat mijn man en zoon een betere band krijgen met elkaar. Gelukkig is mijn zoon niet met en aantal gasten in een flatje gekropen toen ik hem op straat zette. En dat laatste adviseer ik geen enkele ouder, want je hebt geen nachtrust. Maar wij stonden met onze rug tegen de muur, konden geen kant meer heen. Om hulp te krijgen, riep ik mijn overleden moeder steeds aan. Zij heeft me zeker kracht gegeven van boven. Ik moest verder, want we hebben meer kinderen. Tegenwoordig neem ik elke dag even tijd voor mezelf. En blijf boven alles positief, dat hield me steeds op de been. Ik heb er voor mijn gevoel alles aan gedaan en heb een hoop van al die situaties geleerd, maar ik had het liever niet meegemaakt. Het valt niet mee. Viel het maar mee. Als je kind naar het Don Bosco College gaat, kun je er voor 99% zeker van zijn, dat hij of zij in aanraking komt met drugs. Ik zou zeggen: probeer erover te praten, als kind en ouder. Maak het bespreekbaar, lees zelf en laat hen boeken lezen erover.

Het is echt niet alleen hier, want in Marken hoorde ik ook een moeder over dit probleem praten. Net als hier steken de mensen ook daar de koppen in het zand. Toen ik jong was, had je twee groepjes" waarvan je wist dat ze het deden. Nu weten de jongeren precies welke groep en welk persoon het wel en niet doet. Zelfs meiden zijn er flink aan. Alleen kunnen zij de problemen beter verborgen houden. Maar de verhalen dat meiden met een jongen naar bed gaan voor een snuifje, zijn niet gelogen. Iedereen flikt wel eens iets in zijn jeugd. Maar dit gaat echt niet goed. Aan mijn zoon kan ik nu merken dat z'n gedrag in positieve zin verandert, we proberen wederzijds vertrouwen op te bouwen. Hij kan weer terugvallen, dan zullen we hard moeten optreden. En consequent zijn. Voorlopig het geld beheren en geen schulden voor hem betalen. Ze kijken te veel naar anderen, naar hun vrienden. Sparen hoeft niet. Eigenlijk had ik alles wat ik `bedakt' heb, op moeten schrijven. Je vergeet een hoop dingen. Bijvoorbeeld die keer dat z'n adamsappel begon te trillen. Wist ik veel dat het met drugs te maken had. Later kom je de kenmerken wel aan de weet. De keuze ligt uiteindelijk bij het kind zelf, je kan ze alleen een handreiking doen als ouder."

Nog 1000 van de 1000 tekens

Je e-mailadres wordt niet getoond en alleen gebruikt om je op de hoogte te houden van antwoorden.